Log in




Wachtwoord vergeten
Log in | Word lid | Service

Filosofie.nl

Filosofie Abonnement
FM nr. 5/2011

Historisch profiel: Friedrich Nietzsche

Met deze knop kunt u, als u lid bent, artikelen toevoegen aan een leeslijst op uw persoonlijke pagina. Klik hier voor uw abonnement op maat.

Joep Dohmen
filosoof, hoogleraar

Wees geen slaaf, laat je niet leiden door angst of luiheid, houdt Nietzsche ons voor. Wees vrij en dans, dans zelfs aan de rand van de afgrond.

Volgens Nietzsche moet ons leven een zekere grootsheid en intensiteit bezitten. We moeten het bestaan met een vrolijke ernst opvatten en proberen te ontsnappen aan de vele gedaanten van slaafsheid: angst, luiheid, vermoeidheid, traagheid, onmacht, lijden en rancune. Bovendien moeten we het leven niet opvatten als puur tijdverdrijf, want daar is het veel te kostbaar voor. Daarmee toont Nietzsche zich een representant van het postromantisch expressivisme, dat een vitaal, creatief bestaan voorstaat.

De mens is een scheppend schepsel dat zichzelf in de loop van zijn leven een eigen vorm kan geven. ‘In de mens zijn schepsel en schepper verenigd. In de mens is stof, brokstuk, overvloed, leem, slijk, onzin, chaos; maar in de mens is ook de schepper, de kunstenaar.’ Nietzsches profeet Zarathoestra gaat op zoek naar ‘medescheppers, metgezellen in het oogsten en feesten […] Metgezellen zoekt de schepper, en geen lijken en ook geen kudde en gelovigen.’

Weg dus met de eeuwige slachtoffers. Weg ook met de kuddedieren en de goeroes. Vooral weg met de fundamentalisten. Het komt erop aan om geen meeloper te zijn, maar je eigen weg te gaan. ‘Blijf de aarde trouw!’ is het nietzscheaanse parool. Vlucht niet in een illusionaire wereld. Weiger het cynisme, weiger de scepsis. Accepteer dat het leven een onzekere zaak is en leef het op je eigen, stijlvolle manier. Dat is nietzscheaanse levenskunst.

Nietzsche zag in zijn eigen tijd vooral gebonden geesten, slaven en slachtoffers om zich heen. Weinig mensen waren in staat om af te wijken van de gebaande paden en uit te breken uit de gevestigde orde. De meeste moderne mensen, zo constateerde Nietzsche, kunnen gewoon de moed niet opbrengen om de onzekerheid van het bestaan met open vizier tegemoet te treden. Daarom ontwikkelde hij een nieuwe moraalfilosofie, waarin hij pleit voor soevereiniteit. Zijn voorstel aan de moderne mens is om zelf vorm te geven aan het eigen leven. Het opvoedingsparool van Nietzsches nieuwe moraal luidt: ‘Word wie je bent.’

Karaktervorming

Nietzsches moderne ethiek vertoont interessante parallellen met de premoderne ethiek van Aristoteles. Voor beide auteurs staat karaktervorming centraal: ze bepleiten een vorm van zelfverwerkelijking. Wat betreft de weg en het doel denken ze echter zeer verschillend. Aristoteles ontwikkelde een deugdethiek: de mens moet proberen in elke situatie het juiste midden te vinden. De deugd ‘moed’, bijvoorbeeld, vormt het juiste midden tussen lafheid en overmoed. Elk mens moet proberen een moedig mens te worden. Het uiteindelijke doel van Aristoteles’ deugdethiek is de realisering en vervulling van iemands potentiële natuur. Gelukkig is degene die er gaandeweg in geslaagd is om volledig deugdzaam te worden. Zo iemand is een voortreffelijk mens en zeer geschikt burger.

In tegenstelling tot Aristoteles gaat Nietzsche niet uit van een potentiële menselijke natuur die moet worden geactualiseerd of verwerkelijkt. Hij hanteert ook niet het criterium van het juiste midden. Het moderne leven is in zijn tijd een zoektocht naar zin geworden. Na de dood van God staan we voor een nieuwe taak: het uitvinden en scheppen van waarden. Het huidige individu heeft een dubbele moraal: emanciperen uit oude, overleefde verbanden; het zoeken naar en vinden van een eigen oriëntatie. De nieuwe opdracht is: een vrije geest worden, je karakter ‘stijl geven’ op basis van een eigen rangorde van waarden. Nietzsches moraal beoogt geen deugdzame burgers, maar soevereine geesten.

Verder lezen?