Vladimir Poetin houdt van filosofie. Of althans, dat wilde de Russische president de bezoekers van het Kremlin op de nieuwjaarsreceptie in 2014 graag doen geloven, die hij allemaal een luxe uitgave van het werk van de filosofen Vladimir Solovjov (1853-1900), Nikolaj Berdjajev (1874-1948) en Ivan Iljin (1883-1954) cadeau deed. Of en hoe deze denkers het huidige Russische regime hebben beïnvloed is maar de vraag, zegt filosoof en Ruslandkenner Evert van der Zweerde. Maar wie het land en zijn regering wil begrijpen, maakt een goed begin met het lezen van deze denkers. Vooral Solovjov en Iljin zien een grote rol weggelegd voor een Groot-Russisch rijk, iets wat het regime van Poetin ook ambieert.
Van der Zweerde is emeritus hoogleraar politieke filosofie aan de Radboud Universiteit Nijmegen en schreef het voorwoord bij de bloemlezing De Russische Idee. Twee eeuwen Russische filosofie, waar ook teksten van Solovjov, Berdjajev en Iljin in zijn opgenomen. Eerder schreef hij het standaardwerk Russian political philosophy (2022). Van der Zweerde spreekt zelf overigens liever van ‘filosofie in Rusland’ dan van ‘Russische filosofie’, vertelt hij. ‘“Russische filosofie” klinkt essentialistisch, alsof er zoiets als een Russische wezensbepaling zou zijn: als je Rus bent, dan denk je op deze manier. Dat lijkt mij onzin.’
Waarom zouden we Russische filosofen moeten lezen?
‘Omdat ze ons op het verkeerde been zetten. Ze komen uit dezelfde filosofische traditie als wij, ook hun denken gaat terug op het oude Griekenland, maar zij leggen hun accenten net anders. Zij zijn ook sterk beïnvloed door Plato, maar nauwelijks door Aristoteles, of Epicurus, of de Stoa. Daardoor is hun denken voor ons vertrouwd maar ook vreemd: je herkent een boel, maar er gebeurt iets anders mee. Dat dwingt je om extra kritisch te kijken naar je eigen uitgangspunten. Dat hoeft niet te betekenen dat je die Russische ideeën overneemt, maar je krijgt wel scherper wat je eigen overtuigingen zijn.
Even tussendoor …
Ten tweede geven deze denkers je inzicht in de dominante ideeën uit een deel van de wereld dat belangrijk voor ons blijft. Sinds de oorlog met Oekraïne is Rusland onze vijand, maar dat is niet altijd zo geweest. De komende decennia zullen we er weer nieuwe verhoudingen mee moeten vinden. Ideeën spelen een rol in hoe we dat contact vormgeven – samenleven gaat niet alleen om geld en economie, maar ook over hoe mensen een samenleving voor zich zien, hoe ze nadenken over wie ze zijn, waar ze zich mee identificeren.’
Wat kenmerkt filosofie in Rusland?
‘Russische denkers zijn veel bezig met ethiek, maar hebben ook een sterke hang naar metafysica, maar dan een pre-kantiaanse variant daarvan. Hier in West-Europa zijn we erg beïnvloed door Immanuel Kant, die zegt dat we geen toegang hebben tot de echte werkelijkheid, omdat we die altijd zien door het filter of de lens van ons eigen denkvermogen. Kant heeft ons denken hier echt op z’n kop gezet. Veel Russische denkers moeten weinig van dat relativisme hebben, die willen zwart op wit weten hoe de wereld in elkaar zit.
Veel Russische denkers houden zich bijvoorbeeld bezig met de vraag: waar gaat het met Rusland naartoe? Dan vraag ik me af: waarom stellen jullie überhaupt die vraag? Waarom zien jullie Rusland als een entiteit die ergens toe bestemd is? De gedachte dat Rusland de wereld moet redden vind je veel terug, bijvoorbeeld bij de negentiende-eeuwse schrijver Dostojevski, maar ook bij de Russische marxisten, en op dit moment bij de invloedrijke nationalistische denker Aleksandr Doegin. Het idee dat er een absolute waarheid zou zijn, en dat het aan de Russische mens is om die te vinden en te implementeren, is voor ons al snel onbegrijpelijk en politiek problematisch.’
Wat is ‘de Russische Idee’ waar de titel van de bloemlezing naar verwijst?
‘Dat is precies dat “wezen” van Rusland waar veel Russische denkers naar op zoek zijn. Die zoektocht gaat terug op de confrontatie met Europa aan het begin van de negentiende eeuw, wanneer Rusland de grote overwinnaar is in de oorlog met Napoleon. Rusland speelt op dat moment een grote rol in het optuigen van een nieuwe wereldorde, maar tegelijkertijd worden de Russen geconfronteerd met hun culturele achterstand op Frankrijk en Duitsland. Dat leidt bij veel Russische denkers tot de vraag: wat is dan Ruslands rol in de wereldgeschiedenis?
Toentertijd was de filosofie van de Duitse filosoof Hegel populair in Rusland. Hegel schrijft dat Europa op dat moment wel uitontwikkeld is, en hij ziet Amerika als het land van de toekomst. Maar hij laat open wat de historische rol kan zijn van “de grote Slavische natie in het oosten”, die volgens hem nog niet zoveel heeft laten zien. Dat bood kansen voor Russische denkers: wat kunnen wij bijdragen aan de geschiedenis? Zo ontstond een project dat al snel gedomineerd werd door twee stromingen: de westerlingen, die Rusland Europeser wilden maken, en de slavofielen, die niets van Europa moesten hebben en vonden dat Rusland juist moet herbronnen in de eigen traditie. Die twee lijnen lopen door tot op de dag van vandaag.’
In hoeverre voldoet Russische filosofie eigenlijk aan westerse academische eisen?
‘Lange tijd heeft het filosofische denken in Rusland meer een literaire vorm gehad. Als je Russen vraagt wie hun grootste filosofen zijn, zullen de meesten Tolstoj en Dostojevski noemen. Terwijl wij die eerder als schrijvers beschouwen. Sinds de val van de Sovjet-Unie lijkt de filosofie in Rusland wel op wat wij hier aan onze universiteiten kennen – maar de afgelopen paar jaar zijn er daar helaas weer onderwerpen waar je uit de buurt moet blijven, zoals gender of de oorlog in Oekraïne.
Bijna de hele Russische geschiedenis is een verhaal van onderdrukking. Ook dat is filosofisch interessant: wat zijn de politieke en maatschappelijke voorwaarden, wil zoiets als filosofie kunnen floreren? Want de vrijheid van denken en expressie die wij hier kennen, is niet vanzelfsprekend. In de wereldgeschiedenis is die eerder uitzondering dan regel.’
De Russische Idee. Twee eeuwen Russische filosofie
red. Edgar Alberts en Alla Peeters-Podgaevskaja
Pegasus
240 blz.
€ 28,50


