Home Spoedcursus meditaties in de westerse filosofie

Spoedcursus meditaties in de westerse filosofie

Meditatie mag dan in het Westen niet bekendstaan als de gangbaarste methode voor bezinning, toch hebben maar liefst vijf meditaties de westerse wijsbegeerte blijvend veranderd. Een overzicht in vogelvlucht.

Door Tim Miechels op 24 december 2020

Spoedcursus meditaties in de westerse filosofie
Cover van 01-2021
01-2021 Filosofie magazine Lees het magazine

Marcus Aurelius (121-180 n.Chr.)

Tijdens een veldtocht naar het Germaanse grensgebied die in totaal acht jaar zou duren, begon de Romeinse keizer Marcus Aurelius zijn eigen filosofische gedachten op papier te zetten. Het was zijn manier om aan het oorlogsgeweld te ontsnappen. Hij gaf zijn notities, die nooit voor publicatie bedoeld waren, niet zelf de titel mee waaronder ze bekend werden: Overpeinzingen, of Meditaties. Marcus Aurelius neemt in zijn meditaties zijn eigen denken en oordelen onder de loep met als doel zichzelf te verbeteren. Zijn leidraad is de stoïsche leer van Epictetus: maak je niet druk om dingen waar je geen invloed op hebt. ‘De universele natuur geeft aan ieder wat bij hem past, maar het past hem niet eerder dan op het moment dat de natuur het geeft.’  Zo hield de keizer het hoofd koel op het slagveld.

René Descartes (1596-1650)

Hoewel hij te boek staat als een van de belangrijkste filosofen, wilde René Descartes in eerste instantie niets van filosofie weten. Pas na een kennis­making met de nieuwe, experimentele wetenschap van Galileo Galilei ontstaat bij Descartes belangstelling voor filosofie. In zijn Meditaties over de eerste filosofie poogt Descartes de natuurwetenschap van Galilei van een filosofisch fundament te voorzien. Hoe veelbelovend de nieuwe wetenschap ook was, volgens Descartes was ze waardeloos als ze niet op vaste grondslagen gebouwd werd; dan leek ze een prachtig paleis gebouwd op drijfzand. Om een fundament te vinden moet de filosofie beginnen bij een onbetwijfelbare zekerheid, bij een idee waarvan de waarheid helder, welonderscheiden en onmiddellijk kan worden ingezien. Na een zesdaagse twijfelretraite ontdekt hij dat er onder alle onzekerheden iets overblijft dat zich niet weg laat twijfelen, namelijk dat hij aan het twijfelen is. (Zie ook het essay van Florentijn van Rootselaar op blz. 22.)

Dit artikel is exclusief voor abonnees

Dit artikel op Filosofie.nl is alleen toegankelijk voor abonnees. Met liefde en zorg werken wij iedere dag weer aan de beste verhalen over filosofie. Steun ons door lid te worden voor maar €4,99 per maand. Log in om als abonnee direct verder te kunnen lezen of sluit een abonnement af.

Gottfried Wilhelm Leibniz (1646-1716)

Iets meer dan veertig jaar na de verschijning van Descartes’ Meditaties publiceert de Duitse filosoof Gottfried Wilhelm Leibniz zijn eigen Meditaties over kennis, waarheid en ideeën. In dit korte traktaat schrijft Leibniz dat Descartes in zijn innerlijke zoektocht naar zekerheid niet precies genoeg gekeken heeft naar de verschillende soorten kennis die wij hebben. Descartes zoekt naar een heldere, welonderscheiden waarheid, terwijl deze begrippen volgens Leibniz alleen van toepassing zijn op wat direct in de waarneming gegeven is, zoals een rode bloem. Deze kennis is niet in zijn volledigheid over te dragen op iemand anders; de roodheid van een bloem kun je nooit beschrijven aan iemand die blind is. De kennis mag helder en welonderscheiden zijn, de blinde heeft er niets aan.

Edmund Husserl (1859-1938)

Net als Descartes vindt ook de Duitse filosoof Edmund Husserl het fundament voor de natuurwetenschappen niet stevig genoeg. Het vertrekpunt van de natuur­wetenschap is volgens Husserl nogal naïef: ze gaat ervan uit dat de natuur die ze onderzoekt daadwerkelijk bestaat, zonder daarvoor het bewijs te leveren. In Cartesiaanse Meditaties neemt Husserl het denken van Descartes als uitgangspunt om hier verandering in te brengen. Van Descartes leerde hij immers dat we voor absolute zekerheid in de eerste plaats onszelf onder de loep moeten nemen.

Maar in plaats van aan alles te twijfelen stelde Husserl dat de wetenschap zich door introspectie moet richten op wat er gebeurt in het bewustzijn als we waarnemen, herinneren of rekenen. Het bewustzijn wordt zo fundament van de wetenschap.

Robert Nozick (1938-2002)

‘Een leven dat niet onderzocht wordt, is niet de moeite waard.’ Hoewel de Amerikaanse filosoof Robert Nozick deze uitspraak van Socrates al te kras vindt, volgt hij Socrates in het belang dat hij hecht aan het onderzoeken van het eigen leven. In zijn Het onderzochte leven – filosofische meditaties roept Nozick ertoe op het eigen leven vorm te geven op basis van zelfreflectie, in plaats van het te leiden op de automatische piloot. Nozick laat zich inspireren door de Essays van Michel de Montaigne, de Ethica van Aristoteles en de Meditaties van Aurelius. Net als zij onderzoekt hij het leven niet vanuit een abstract standpunt, maar vanuit de eigen ervaring. En bij alle vragen die hij stelt nodigt hij de lezer uit tot een mediatie vanuit diens eigen ervaring.

Van Marcus Aurelius tot Robert Nozick: meditaties in de westerse filosofie in vogelvlucht

121
Marcus Annius Verus wordt geboren in Rome.

132
Marcus’ leraar Diognetus laat zijn pupil kennismaken met de filosofie. Vanaf dat moment draagt hij tijdens het studeren steevast een Griekse mantel en slaapt hij op de grond. Een echte filosoof ziet af van comfort.

161
Samen met zijn geadopteerde broer Lucius Verus wordt Marcus gekroond tot Romeinse keizer. Vanaf dat moment heet hij Marcus Aurelius.

170
Aan het Germaanse front schrijft Marcus Aurelius aan zijn Meditaties.

180
Marcus Aurelius sterft een natuurlijke dood.

1596
René Descartes wordt geboren in La Haye en Touraine.

1606
De jonge Descartes gaat naar het jezuïetencollege in La Flèche. Hij maakt kennis met meditatieve retraites van de orde en met de filosofie van Aristoteles.

1610
In Italië publiceert wetenschapper Galileo Galilei zijn waarnemingen van de manen van Jupiter, gedaan met zijn zelfgemaakte telescoop.

1618
Tegen de wens van zijn vader vertrekt Descartes naar de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden om zich vlak bij Breda aan te sluiten bij het leger van prins Maurits. Daar maakt hij kennis met de Nederlandse wetenschapper Isaac Beeckman, en via hem met het werk van Galileo Galilei.

1619
Tijdens de winter trekt Descartes zich in Beieren terug in een huisje met een warme kachel. Daar heeft hij een drietal visioenen die de grondslag vormen voor zijn filosofie.

1628
Descartes verblijft in Nederland, waar hij het klimaat beter vindt om te denken.

1632
Galileo Galilei publiceert De dialoog, waarin hij het nieuwe heliocentrische wereldbeeld van Copernicus vergelijkt met het oude geocentrische wereldbeeld van Ptolemaeus. Paus Urbanus VIII is niet blij met de publicatie en veroordeelt Galilei tot huisarrest.

1641
Publicatie van Descartes’ Meditaties over de eerste filosofie.

1646
Gottfried Leibniz wordt geboren in Leipzig.

1649
Op uitnodiging van Christina van Zweden vertrekt Descartes naar Stockholm. Hij gaat daar werken als persoonlijk leraar van de prinses. De twee kunnen niet goed met elkaar opschieten.

1650
Descartes overlijdt aan de gevolgen van een longontsteking.

1661
Leibniz gaat filosofie studeren aan de universiteit van Leipzig.

1666
Leibniz schrijft zijn eerste boek: De Arte Combinatoria, waarin hij het idee uiteenzet dat de wereld is opgebouwd uit getalsmatige eenheden.

1672
In Parijs maakt Leibniz kennis met de Nederlandse wetenschapper Christiaan Huygens en leert hij het werk van Descartes kennen.

1684
Publicatie van Leibniz’ Meditaties.

1685
Leibniz ontwerpt een rekenmachine die kan vermenigvuldigen, delen en worteltrekken.

1716
Leibniz overlijdt in Hannover.

1859
Edmund Husserl wordt geboren in Prossnitz, Oostenrijk-Hongarije.

1876
De colleges filosofie tijdens zijn studie wiskunde vindt Husserl vaag en oninteressant.

1884
Husserl volgt college bij Franz Brentano in Wenen. Door diens idee dat ons bewustzijn altijd ergens op gericht is verschuift zijn interesse uiteindelijk toch van wiskunde naar filosofie.

1900
Publicatie van Husserls filosofische hoofdwerk, de Logische Untersuchungen.

1916
Husserl krijgt een aanstelling als hoogleraar in Freiburg.

1920
Martin Heidegger wordt zijn assistent.

1928
Husserl gaat met emeritaat, Heidegger volgt hem op. De relatie tussen de voormalige meester en leerling verzuurt door Heideggers lidmaatschap van de NSDAP. Ook filosofisch botert het niet meer tussen de twee.

1931
Ondanks zijn pensioen blijft Husserl fanatiek college geven. Zo ontstaat in Parijs de collegereeks ‘Cartesiaanse meditaties’.

1938
Husserl overlijdt in Freiburg. De manuscripten van de Joodse denker worden naar Leuven gesmokkeld.

1938
Robert Nozick wordt geboren in New York.

1959
Nozick behaalt summa cum laude zijn bachelor in de filosofie.

1967
La Haye en Touraine wordt vernoemd naar zijn beroemdste inwoner en heet vanaf nu ‘Descartes’.

1969
Nozick krijgt een aanstelling als hoogleraar in Harvard.

1974
Nozick publiceert het beroemd geworden Anarchie, staat en utopie.

1989
In Het onderzochte leven – filosofische meditaties komt Nozick terug op zijn standpunten in Anarchie, staat en utopie. De reacties op het boek zijn uitgesproken kritisch.

2002
Robert Nozick overlijdt aan de gevolgen van maagkanker.