Thomas Hobbes "In de tijd dat de mensen nog geen overkoepelende macht kenden waar ze naar opzagen, verkeerden ze in de situatie die wij kennen als oorlog; en wel een oorlog van allen tegen allen."

"Elke mens noemt dat wat hem lekker en heerlijk schijnt 'goed' en wat hem tegenstaat 'slecht'. Voor zover elk mens constitutioneel van een ander verschilt, hebben ze ook andere meningen over het algemene onderscheid tussen goed en slecht."

Thomas Hobbes is een zeventiende-eeuwse politiek filosoof die voornamelijk bekend is van zijn sociaal contract-theorie. Zijn gedachtegoed is sterk beïnvloed door de Engelse Burgeroorlog die begint als Hobbes vierenzestig jaar is. Dit betekent dat hij zijn hoofdwerken pas schrijft als hij de zestig gepasseerd is. 

Hij schetst in zijn hoofdwerk Leviathan een beeld van een periode waarin de mens leeft zonder heerschappij. Door het aanschouwen van de gruwelen van de burgeroorlog heeft Hobbes niet de meest positieve kijk op de aard van de mens. Hobbes stelt namelijk dat ‘de mens voor andere mensen een wolf is’. In de ‘Natuurtoestand’ is de mens totaal vrij, maar ook heel kwetsbaar voor andere mensen. In deze hypothetische periode verkeren we in een 'oorlog van allen tegen allen', aldus Hobbes.

Onze drang naar zelfbehoud haalt ons uit deze natuurtoestand. De mens ziet in dat deze oorlogstijd een nogal kort leven tot gevolg heeft. Om de vrede te bewaren, moet iedereen een contract afsluiten. We moeten een deel van onze vrijheid opgeven en overdragen aan een absolute heerser in ruil voor vrede en veiligheid. Losse individuen worden op deze manier burgers met een gezamenlijk belang.

Hoewel hij zijn roem aan zijn politieke filosofie heeft te danken,  schrijft hij over een groot aantal verschillende onderwerpen. Hij is niet alleen politiek filosoof maar ook aanhanger van het fysicalisme, de theorie die stelt dat alles in de wereld materieel is. Alle onstoffelijke entiteiten, zoals het verstand of bovennatuurlijke wezens, bestaan dus niet. 

Hij schrijft: ‘Het universum – het geheel van alle dingen - is stoffelijk’. Alles is een lichaam; het heeft lengte, breedte en diepte. Wat niet stoffelijk is, bestaat niet. Ook de mens is dus volledig materieel en niets meer dan een machine van vlees en bloed.

Hiermee komt hij voor een probleem te staan. Want wat is dan het bewustzijn? 
Hij geeft hier geen antwoord op, behalve dat hij denkt dat de wetenschap dit ooit zal onthullen. Hij heeft dan ook een groot vertrouwen in de wetenschap en beweegt zich in natuurwetenschappelijke kringen. Hij kent de 'vader van de moderne wetenschap' astronoom Galilei en wetenschapper en filosoof Francis Bacon. Het moge duidelijk zijn; hij neemt voetstoots aan dat op iedere vraag over de aard van de wereld een wetenschappelijk antwoord bestaat.

Met zijn fysicalisme gaat hij in tegen Descartes’ manier van denken over de geest. Descartes stelt dat lichaam en geest twee volkomen verschillende substanties zijn. In De Corpore bekritiseert hij Descartes’ notie van ‘onstoffelijke substantie’. Dit is volgens Hobbes een lege uitdrukking. Substantie is altijd stoffelijk. Dit is volgens hem hetzelfde als een 'lichaam zonder lichaam'. 

VIDEO'S

Thomas Hobbes uitgelegd door The School of Life (Engels)
 

LINKS

Opmerkelijk

Hobbes blijft nog lang vitaal. Op zijn tachtigste schijnt hij nog tennis te hebben gespeeld. Op vierentachtigjarige leeftijd vertaalde hij de Ilias en de Odyssee van Homerus.