Log in

Wachtwoord vergeten?

Word lid Log in Contact

Filosofie.nl

FM nr. 10/2016

Waarom het gebruik van machines leidt tot bewustzijnsvernauwing

Michel Dijkstra en Simone Bassie

Machines gebruiken leidt maar tot bewustzijnsvernauwing, vond taoïst meester Zhuang. Een pleidooi voor een open bewustzijn.

'Ik heb mijn meester horen zeggen: zodra er machines worden gebruikt, is er sprake van machinaal handelen, en als men machinaal handelt, is er sprake van een machinehart. Als men een machinehart in zijn borst draagt, is er geen zuivere helderheid meer.’ Deze kritische opmerking over technologie zou goed passen in een geschrift van Rousseau of Heidegger. Ze is echter afkomstig uit de Zhuangzi (Meester Zhuang), een canoniek boek uit het taoïsme dat vermoedelijk uit de derde eeuw voor Christus stamt. Net als zijn latere westerse collega’s had de Chinese filosoof Zhuangzi een scherp oog voor de mogelijke gevaren van techniek. Machines worden uitgevonden om de mens te dienen, maar soms liggen de zaken andersom.

Het verhaal over het machinehart speelt een belangrijke rol in Filosofie met de vlinderslag, waarin filosofe en sinologe Woei-Lien Chong de taoïstische levenskunst van Zhuangzi analyseert. Volgens haar geeft de filosoof aan dat het gebruik van machines tot een bewustzijnsvernauwing leidt. In plaats van open en ontvankelijk in de werkelijkheid te staan, houdt de mens zich alleen nog bezig met het onderhouden van zijn apparaten en het maken van winst. Op die manier isoleert hij zich van de rijkdom van het bestaan. Volgens Chong probeert zo iemand alles uit alle macht te ordenen en te structureren, waarbij hij een orde van eigen maaksel aan de dingen oplegt: ‘Zijn geest is niet meer open voor wat de werkelijkheid, in haar onophoudelijke uitstromen, dagelijks met gulle hand over hem uitschenkt, om niet.’

Open bewustzijn

De instrumentele, eventueel door wetenschap en techniek ondersteunde manier van denken en handelen wordt door Chong het ‘profane bewustzijn’ genoemd. Deze uit het werk van de boeddhistische denker Han de Wit afkomstige term staat tegenover het ‘open bewustzijn’. Je kunt deze twee levenshoudingen vergelijken met kamers. Het vertrek van het profane bewustzijn is aan beide zijden volgebouwd met talloze hokjes, die positieve en negatieve waardeoordelen bevatten. Alles wat deze kamer binnenkomt, wordt direct via de vakjes beoordeeld en vervolgens op een bepaalde manier behandeld. Het open bewustzijn is echter een vrije ruimte waarin alles zichzelf mag zijn en daarna pas wordt beoordeeld. 

Verder lezen?

In een tijd waarin autoriteit, waarheid en het publieke debat onder druk staan kan filosofie met heldere analyses richting geven. Met liefde en zorg werken wij iedere dag weer aan de beste verhalen over filosofie. Steun ons door lid te worden voor maar € 4,99 per maand. U krijgt daarmee toegang tot alle artikelen uit Filosofie Magazine en Wijsgerig Perspectief plus exclusieve achtergrondartikelen, interviews en portretten. Of bestel de losse editie na.

InloggenLid Worden