Log in

Wachtwoord vergeten?

Word lid Log in Contact

Filosofie.nl

FM nr. 1/2016

Damon Young: ‘Sport gaat om trots, offers en zelfs transcendentie’

Jeroen Hopster
Journalist, essayist en docent

We vroegen de Australische filosoof Damon Young of hij een flinke afstand wilde rennen. Na afloop beschrijft hij zijn ervaringen en zijn gedachten: ‘Wij denken met ons lichaam.’
 

Wat schiet er tijdens een duurloop door het hoofd van een hardloper? Deuntjes? Ideeën? Of is het lichaam zo in beslag genomen door de oefening, dat de geest even helemaal niets van zich laat horen?    

Filosoof en schrijver Damon Young neemt de proef op de som: hij onderbreekt zijn bureauzit voor een duurloop, in de warme zomerzon van zijn woonplaats Melbourne. Na afloop beschrijft hij zijn gedachten. ‘Wanneer ik begin te rennen, stuur ik mijn beweging bewust aan. Vervolgens vind ik mijn ritme: ik volg de cadans van mijn stappen, van mijn adem. Weer later stop ik helemaal met denken. Ik bereik een geestestoestand die je de “dagdroom van de renner” kunt noemen. De normale categorieën van de geest glijden van me af; emoties, indrukken en ideeën die normaal gesproken los van elkaar staan, lopen in elkaar over. Het is een creatieve geestestoestand: ik los problemen op, zonder bewust bezig te zijn om problemen op te lossen.’ 
 
De Australiër Young is auteur van het boek Filosoferen over beweging en sport. Daarin onderzoekt hij de betekenis van pijn, nederigheid, schoonheid en trots aan de hand van lichamelijke oefening. Natuurlijk, we trainen ons lichaam omwille van onze gezondheid en om er goed uit te zien. Maar dat is niet de enige aantrekkingskracht van lichaamsbeweging. Wat lichamelijke oefening waardevol maakt is niet alleen wat we ermee bereiken, maar ook de oefening zelf, benadrukt Young. ‘Het sublieme in het zwemmen, de mijmering van wandelen, de nederigheid van rotsklimmen, de eenheid van yoga – dát is wat ons een leven lang aan het oefenen houdt.’
 

Wat gebeurt er met je geest tijdens het rennen? Young geeft al sportend antwoord. 
Als we het stereotype mogen geloven, zijn sportieve types doorgaans geen denkers, en denkers niet al te sportief. Zit daarin een kern van waarheid?
‘Natuurlijk, er zijn zitgeleerden en domme atleten. Maar er is niets fundamenteel aan dit onderscheid, tussen het leven van de geest en dat van het lichaam. De één zit vaker, de ander is vaker in beweging; dat zijn verschillende wijzen van menselijk bestaan. Maar dat onderscheid heeft niets te maken met het bestaan zelf.’

Verder lezen?

In een tijd waarin autoriteit, waarheid en het publieke debat onder druk staan kan filosofie met heldere analyses richting geven. Met liefde en zorg werken wij iedere dag weer aan de beste verhalen over filosofie. Steun ons door lid te worden voor maar € 4,99 per maand. U krijgt daarmee toegang tot alle artikelen uit Filosofie Magazine en Wijsgerig Perspectief plus exclusieve achtergrondartikelen, interviews en portretten. Of bestel de losse editie na.

InloggenLid Worden