Home Vrouwelijke denkers Vrouwen, herover de taal | recensie
Vrouwelijke denkers

Vrouwen, herover de taal | recensie

Door Alexandra van Ditmars op 6 augustus 2026

‘Het hoofd van Medusa’, olieverfschilderij op een houten schild door Caravaggio uit ca. 1597
‘Het hoofd van Medusa’, olieverfschilderij op een houten schild door Caravaggio uit ca. 1597
Filosofie Magazine 8 2026 Hoe gevaarlijk is denken
08-2026 Filosofie Magazine Lees het magazine

Wie wil snappen hoe taal samenhangt met macht, kan nog altijd bij de Franse filosoof Hélène Cixous terecht.

Wie zich afvraagt wat taal te maken heeft met macht en seksualiteit, moet Hélène Cixous lezen. Alhoewel niet erg bekend in Nederland, is Cixous (1937) een grande dame op het gebied van feminisme, literatuur en filosofie. Haar veelzijdige oeuvre omvat bijna negentig boeken. Een van haar invloedrijkste werken verscheen onlangs in een nieuwe Nederlandse vertaling: De lach van de Medusa. Een intrigerende en activistische tekst, die in 1975 voor het eerst verscheen.

Denken, lichaam en stem zijn onlosmakelijk verbonden

‘Het is essentieel dat de vrouw zichzelf schrijft,’ meent Cixous. Dit écriture féminine, dit vrouwelijk schrijven, is het centrale thema van het manifest. Ze roept vrouwen op om te schrijven vanuit hun eigen lichaam en ervaring. Vrouwen zijn altijd uitgesloten geweest van de schrijfcultuur, stelt Cixous. Taal en literatuur worden gedomineerd door een mannelijke logica, waardoor ze worden gekenmerkt door een starre, hiërarchische structuur. Vrouwelijk schrijven ziet ze als een vorm van verzet.

Lees dit artikel verder

Voor € 4,99 per maand lees én beluister je dit artikel en alle andere online artikelen van Filosofie Magazine.

Word abonnee Al abonnee? Inloggen

Denkend lichaam

Dit nieuwe, opstandige schrijven zal op twee niveaus gevolgen hebben. In de eerste plaats zal de vrouw volgens Cixous ‘terugkeren naar haar lichaam’. De patriarchale cultuur heeft de vrouw haar lichaam ontnomen, door dat af te doen als gevaarlijk, onrein of puur reproductief. Vrouwelijk schrijven vereist dat je in relatie treedt tot je lichaam en kan zo deze vervreemding verbreken. Voor Cixous is het lichaam niet tegengesteld aan het denken, maar juist een bron van denken. Sterker nog: schrijven, denken, lichaam en stem zijn onlosmakelijk verbonden. ‘Als je het lichaam censureert, censureer je ook het ademen en het spreken,’ schrijft ze.

In de tweede plaats zal vrouwelijk schrijven ervoor zorgen dat de vrouw zich eindelijk zal laten gelden in de geschiedenis. Dit geluid klonk vaker in de tweede feministische golf, maar Cixous benadrukt sterker dan veel andere feministen uit haar tijd hoe taal samenhangt met macht. Als vrouwen van zich laten horen ‘verdwijnen haar woorden bijna altijd in de dovemansoren van hen die alleen het mannelijke in de taal kunnen verstaan’. Cixous wordt soms biologisch determinisme verweten vanwege haar écriture féminine. Maar het is haar niet te doen om het vrouwelijk lichaam als biologisch verschijnsel, maar om hoe het de bron kan zijn voor een nieuwe verhouding tot taal en betekenis.

Er is een talige wereld gevormd die mannelijk is, meent Cixous, en waarin de vrouw niet gehoord kan worden. Als de vrouw haar plek wil opeisen in de maatschappij, moet ze de taal aanpassen. Tegenover de rechtlijnige schrijftraditie plaatst Cixous een vloeiend, meervoudig, niet-lineair schrijven. Haar manifest is daar een voorbeeld van. Het heeft geen klassieke structuur (thesis-argumenten-conclusie). Hetzelfde idee keert terug in verschillende bewoordingen, soms als manifest, dan weer als poëtisch proza of als filosofisch betoog. Ze verzint woorden, associeert, spreekt de lezer direct aan. De tekst kan hierdoor weerbarstig zijn, al is het heerlijk hoe vorm en inhoud samenvallen. Cixous verwijst en citeert vrijelijk, veelal zonder uitleg. Zo heeft ze het over ‘fallogocentrisme’ zonder de bron te vermelden (Derrida) of uitleg te geven: de term is een samenvoeging van fallocentrisme, de neiging om in de westerse taal en cultuur het mannelijke perspectief centraal te stellen, en logocentrisme, het geloof in absolute waarheden.

Libido

Jacques Derrida komt in De lach van de Medusa vaker terug als filosofische invloed. Ze waren dan ook goed bevriend; als Joodse Algerijnen in Frankrijk herkenden ze elkaar als buitenstaanders. Ook de psychoanalytische invloeden van Sigmund Freud en Jacques Lacan komen langs, al zet Cixous zich juist af tegen hun idee dat het vrouwelijke een gebrek is (de vrouw zou een gecastreerde man zijn et cetera). Het vrouwelijke vloeit juist over, is meervoudig – het heeft meer dan één erogene zone! –, draagt genot, cyclische ritmes en productiviteit in zich. En dit vrouwelijke libido moet niet weggestopt worden, maar worden gebruikt om te creëren, in een taal die daarbij past. ‘Haar libido is kosmisch (…): haar schrijven kan zich dan ook alleen voortzetten als zij geen contouren inschrijft of onderscheidt.’ Medusa, wier blik in de Griekse mythe verstening veroorzaakt, is niet monsterlijk. Ze staat symbool voor de vrouwelijke kracht die door de patriarchale cultuur is vervormd tot iets angstaanjagends, maar die in werkelijkheid vitaal en creatief is.

De lach van de Medusa is een rijke, experimentele tekst die helaas ook in deze tijd – waarin mannen nog altijd de canon domineren en anderen zich nog altijd bemoeien met vrouwelijke lichamen – urgent is.

De lach van de Medusa
Hélène Cixous
vert. Christa Stevens, inl. Ilse Josepha Lazaroms

Athenaeum
72 blz.
€ 15,-

Loginmenu afsluiten