Home Politiek Hans Achterhuis: ‘De democratie zit in kleine dingen verborgen’
Politiek

Hans Achterhuis: ‘De democratie zit in kleine dingen verborgen’

Door Marnix Verplancke op 11 mei 2026

demonstratie demonstranten politiek Horst
Rode Lijn-demonstratie in Horst, 2025. beeld Jeroen Spaander/Pexels
Filosoof Hans Achterhuis dook in de gevaren die onze democratie bedreigen. ‘De ongelijkheid is totaal uit de hand gelopen.’

Dit artikel krijg je van ons cadeau

Wil je onbeperkt toegang tot de artikelen op Filosofie.nl? Je bent al abonnee vanaf €4,99 per maand. Sluit hier een abonnement af en je hebt direct toegang.

‘Ik weet niet wat we moeten doen om de democratie te redden,’ zegt filosoof Hans Achterhuis. Oplossingen vond hij wel in de boeken Absolute democratie van de Nederlandse schrijver Ilja Leonard Pfeijffer en De burger in opstand van de voormalige Belgische premier Guy Verhofstadt, maar die konden hem niet bekoren. Achterhuis: ‘Hun analyses zijn zeker niet slecht, maar toch vond ik het geen goede boeken. Ze schrijven te veel over wat we allemaal moeten doen. Ik heb geturfd in het laatste hoofdstuk van Verhofstadt: op sommige bladzijden komt het woordje “moeten” wel tien keer voor. Hij weet precies hoe alles moet, net zoals Pfeijffer, die een soort marxisme predikt. Bij mij ligt het anders. Ik weet dat allemaal niet. Ik ben een filosoof en ik ben hoogst allergisch voor al dat moeten. Maar ik weet wel dat er op democratisch vlak allerlei leuke dingen gebeuren – en die vind ik stukken boeiender.’

Hans Achterhuis (1942) is emeritus hoogleraar wijsbegeerte aan de Universiteit Twente en voormalig Denker des Vaderlands. Hij schreef vele boeken, waaronder Met alle geweld (2008), De utopie van de vrije markt (2010) en Ik wil begrijpen. De onbekende Hannah Arendt (2022).

Over die leuke dingen heeft Achterhuis (1942) het in Democraticide, het boek dat hij schreef omdat zijn vrouw en dochter erom vroegen. ‘Door een neurologische aandoening gaat het lopen de laatste tijd moeilijk,’ vertelt hij. ‘Ik begon me neerslachtig te voelen, en ze vonden dat ik er iets moest aan doen: dat werd het schrijven van een boek .’ Maar er is ook een algemener en ernstiger reden dat Achterhuis begon met schrijven: de intrieste staat waarin de democratie zich bevindt. 72 procent van de wereldbevolking leeft op dit moment in een autocratie, en in de rest van de wereld wordt de democratie steeds meer in vraag gesteld of ondergraven. Ze zou traag zijn, niet meteen het beste economische rendement opleveren of alleen werken wanneer ze jaar na jaar meer welvaart kan beloven, wat steeds moeilijker lijkt te worden. De moord op onze democratie lijkt soms onvermijdelijk.

Amateurvoetbal en koorzang

Maar hoe zit het nu met die leuke dingen? Want wat u hier leest stemt nog niet echt vrolijk. Die leuke dingen komen eraan, beloofd. Nadat Achterhuis de Atheense origine van onze democratie heeft beschreven gaat hij op zoek naar haar zwakheden. Die vindt hij onder meer bij de Italiaanse filosoof Niccolò Machiavelli (1469-1527), die het in zijn Discorsi opneemt voor het volk in zijn strijd tegen de heerser. Daar benadrukt Machiavelli ook al dat een te grote ongelijkheid nefast is voor de democratie. Democratische pijnpunten vindt Achterhuis ook bij de Franse denker Alexis de Tocqueville (1805-1859), die in het postrevolutionaire Amerika de ondergang van de democratie meende te ontwaren. Het immense individualisme zou het voor een democratie broodnodige gemeenschapsgevoel ondermijnen.

Het is op die twee vlakken, gelijkheid en gemeenschapsgevoel, dat Achterhuis leuke dingen ziet gebeuren. ‘De man van een van mijn kleindochters is trainer in het amateurvoetbal in een dorp in de Veluwe. Ach wat, een potje tegen een bal trappen, denk je dan al gauw. Maar voor de bevordering van het gemeenschapsgevoel is dat voetbal belangrijk. Er zijn ontzettend veel vrijwilligers bij betrokken, hele dorpen lopen ervoor uit. En er is meer dan dat. Er zijn Friese dorpen die hun eigen energie regelen, op andere plaatsen brengt koorzang mensen samen. Het zijn kleinschalige zaken, maar het is in die kleinschaligheid dat de basis van de democratie verborgen zit. Ze moet steeds opnieuw uitgevonden en onderhouden worden, en dat gebeurt op lokaal niveau.’

Even tussendoor …

Meer lezen over filosofie en politiek? Schrijf je in voor de gratis nieuwsbrief:

Ontvang wekelijks de beste artikelen van Filosofie Magazine en af en toe een aanbieding.

Maar als het op lokaal niveau minder goed gaat, bijvoorbeeld omdat het leven duurder wordt, gaan mensen toch ook op zoek naar een sterke leider die er iets aan doet? En dan moet de democratie eraan geloven.
‘Hier komen we bij het tweede thema uit, ongelijkheid. In mijn boek Het rijk van de schaarste wees ik er al op dat mensen zich buitengesloten voelen als ze het idee krijgen dat ze er op achteruitgaan in vergelijking met hun buurman. We hebben hier te maken met mimetische begeerte: mensen ontwikkelen hun verlangens niet rechtstreeks, maar aan de hand van wat anderen verlangen en hebben. Als je iemand voorstelt dat hij een serieuze loonsverhoging krijgt, op voorwaarde dat die van zijn buurman twee keer zo groot zal zijn, zal hij die sneller weigeren. “Je mag mij een oog uitslaan als mijn buurman ook twee keer een pak slaag krijgt,” zal hij misschien antwoorden. Je mag het een flauwe mop vinden, maar ze raakt wel aan de essentie van de democratie.

Dat het nieuwe kabinet van Rob Jetten een vermogensbelasting afwijst, is funest voor ons politiek bestel. Maar ook hier zie ik een lichtpuntje: het limitarisme van Ingrid Robeyns wordt steeds populairder, het idee dat er een morele en wettelijke bovengrens moet zijn aan de rijkdom die een mens mag bezitten. Zoiets als tien miljoen bijvoorbeeld, en alles erboven wordt dan 100 procent belast.’

We hebben toch geen probleem als mensen die ongelijkheid rechtvaardig vinden?
‘Dat klopt. Als iemand iets groots ontwikkelt, en dat mag ook in Silicon Valley zijn, dan heeft die best recht op behoorlijke winsten. Maar dit is totaal uit de hand gelopen. Sommige mensen bezitten tientallen miljarden euro’s, terwijl zij profiteren van algemene voorzieningen. De nieuwe burgemeester van New York wil een vermogensbelasting invoeren van 1 procent op tweede woningen met een waarde van meer dan 5 miljoen dollar. Dat is toch niet onrechtvaardig?’

Mag een democratie antidemocratische partijen verbieden? Want dan dreigt ze zelf ook antidemocratisch te worden.
‘Dat is een moeilijke. Ik denk dat we voor een antwoord terug moeten naar het oude Athene, waar Socrates de democratie ondermijnde door haar serieus in vraag te stellen. Volgens Socrates moet je politieke beslissingen niet overlaten aan een massa onwetenden. Hij kreeg daarvoor de gifbeker, maar volgens mij was dat niet nodig geweest. Kijk bijvoorbeeld naar Hongarije, waar de antiliberale premier Viktor Orbán onlangs door kiezers de laan uit werd gestuurd. Democratieën zijn weerbaarder dan men soms denkt. Daarom ben ik niet zo snel geneigd de democratie op te geven. Niet iedereen die de democratie bedreigt is een nieuwe Hitler-figuur.

De PVV verbieden lijkt me niet slim. Zoiets kan averechts werken, wat uiteindelijk ook bij Socrates gebeurde. Misschien hadden de Atheners Socrates gewoon zijn zegje moeten laten doen. Hij was al oud en min of meer uitgepraat. Door hem de gifbeker te geven hebben ze een martelaar van hem gemaakt.’

Democraticide. De moord op de democratie
Hans Achterhuis
ISVW
240 blz.
€ 24,95

Loginmenu afsluiten