Home Identiteit Fragment Butler: sekse was altijd al gender
Identiteit

Fragment Butler: sekse was altijd al gender

Door Judith Butler op 14 oktober 2026

gender sekse wc
beeld Nicolas COMTE/Unsplash
Filosofie Magazine Bestaan wonderen alleen als je erin gelooft?
10-2026 Filosofie Magazine Lees het magazine

Het onderscheid tussen geslacht en gender is misleidend, vindt Judith Butler: sekse is net zo goed een cultureel construct als gender.

Is er ‘een’ gender dat mensen hebben of is het een wezenlijke eigenschap, iets wat ze zijn, zoals besloten ligt in de vraag: ‘(Van) welk gender ben je?’ Als feministische theoretici aanvoeren dat gender de culturele interpretatie van sekse is, of dat gender cultureel geconstrueerd is, welk mechanisme schuilt er dan achter die constructie? Als gender geconstrueerd is, zou het dan ook ánders geconstrueerd kunnen worden? Of gaat van die geconstrueerdheid toch een vorm van sociaal determinisme uit die de mogelijkheid van handelingscapaciteit en transformatie uitsluit? Betekent ‘constructie’ dat genderverschillen tot stand komen volgens vaststaande wetten, langs universele assen van seksuele differentie? Hoe en waar vindt die constructie van gender plaats? Hoe dienen we een constructie te begrijpen als er geen menselijke ‘vormgever’ aan voorafgaat? Volgens sommigen veronderstelt het idee dat gender geconstrueerd is een zeker determinisme van genderbetekenissen, die in anatomisch van elkaar verschillende lichamen gegraveerd worden, waarbij deze lichamen vervolgens kennelijk slechts passieve ontvangers zijn van een onveranderlijke culturele wet. Als de relevante ‘cultuur’ die gender ‘construeert’ wordt begrepen in termen van zo’n wet, of verzameling wetten, dan lijkt het erop dat gender net zo gedetermineerd en onwrikbaar is als onder de formule ‘biologie dicteert het lot’ [biology is destiny]. In dat geval is alleen niet de biologie maar de cultuur het lot.

Lees dit artikel verder

Voor € 6,99 per maand lees én beluister je dit artikel en alle andere online artikelen van Filosofie Magazine.

Word abonnee Al abonnee? Inloggen

Anderzijds: Simone de Beauvoir schreef in De tweede sekse dat men niet als vrouw geboren wordt, maar vrouw wordt. In De Beauvoirs opvatting is gender ‘geconstrueerd’, maar haar formulering impliceert ook dat er een handelende persoon is, een cogito, die zichzelf op de een of andere manier een gender aanmeet – en dus ook, in principe, een ander gender zou kunnen aannemen. Is gender zo veranderlijk en ook zo vrijwillig als De Beauvoirs interpretatie lijkt te suggereren? En is ‘constructie’ in zo‘n geval dan simpelweg een kwestie van keuze? De Beauvoir maakt duidelijk dat iemand een vrouw ‘wordt’, maar altijd onder culturele dwang om er een te worden. Die dwang komt duidelijk niet via ‘sekse’. Niets in haar filosofie garandeert dat ‘degene’ die vrouw wordt noodzakelijkerwijze ook van het vrouwelijke geslacht is. Als ‘het lichaam een situatie is’, zoals zij volhoudt, dan kan er nooit een beroep worden gedaan op een lichaam dat niet allang door culturele betekenissen ‘getekend’ is; sekse komt dus niet in aanmerking als een prediscursieve, anatomische facticiteit. Uiteindelijk zal blijken dat sekse, per definitie, altijd al gender was.

De controverse over de betekenis van constructie lijkt vast te lopen in de traditionele filosofische tegenstelling tussen vrije wil en determinisme. We kunnen er dus van uitgaan dat de gebruikelijke talige restricties aan het denken ook de terminologie van dit debat zowel vormen als begrenzen. Binnen die terminologie wordt ‘het lichaam’ voorgesteld als een passief medium waar culturele betekenissen in worden geëtst, of als een instrument waarmee een wil, die zich zaken toe-eigent en ze interpreteert, een culturele betekenis voor zichzelf bepaalt. In beide gevallen wordt het lichaam voorgesteld als niets meer dan een instrument of medium, iets wat enkel extern verbonden is met culturele betekenissen. Maar ‘het lichaam’ is zélf een constructie, net als de veelsoortige ‘lichamen’ die ten grondslag liggen aan de wereld van gegenderde subjecten. Lichamen hebben geen betekenis voordat ze met een gender gemarkeerd zijn. Als dit het geval is, dan dient de volgende vraag zich aan: in hoeverre ontstaat het lichaam dankzij die gendermarkering(en)? Hoe kunnen we het lichaam begrijpen als het niet langer een passief, ontvangend medium of instrument is, altijd maar in afwachting van een immateriële wil die het leven en betekenis geeft?

Of gender en sekse vastliggen of vrij in te vullen zijn, is afhankelijk van een discours waarin wordt geprobeerd de ruimte voor analyse te begrenzen, of waarin bepaalde principes van het humanisme beschermd worden, door ze naar voren te schuiven als vooronderstellingen voor elke analyse van gender. De plaats van het weerbarstige, of die nu in ‘sekse’ of ‘gender’ of zelfs in de betekenis van het woord ‘constructie’ zit, geeft ons een idee van welke culturele mogelijkheden er al dan niet gemobiliseerd kunnen worden door verdere analyse. De grenzen van de discursieve analyse van gender veronderstellen én beperken de mogelijkheden van voorstelbare en realiseerbare genderinvullingen binnen de cultuur. Dat betekent niet dat alle genderinvullingen mogelijk zijn, maar wel dat de analysegrenzen ook de beperkingen bepalen van een discursief geconditioneerde ervaring. Deze beperkingen komen altijd voort uit het heersende culturele discours, dat op binaire structuren gebouwd is en zich toont als de taal van universele rationaliteit. De dwang zit dus ingebakken in wat we met taal kunnen uitdrukken als het domein van gender.

Dit is een fragment uit Gender trouble. Feminisme en de subversie van identiteit van Judith Butler, in de vertaling van Suus van de Kar. Deze uitgave verschijnt op 15 oktober 2026 bij Ten Have.

Gender trouble. Feminisme en de subversie van identiteit
Judith Butler
vert. Suus van de Kar

Ten Have
304 blz.
€ 29,99

Loginmenu afsluiten