‘Wij wetenschappers moeten beter laten zien wat wetenschap is,’ zegt techniekfilosoof Peter-Paul Verbeek, de kersverse voorzitter van de KNAW.
‘Academische vrijheid is niet alleen een recht, maar ook een opgave,’ aldus Peter-Paul Verbeek, techniekfilosoof en sinds september 2026 de nieuwe president van de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen (KNAW). Academische vrijheid betekent dat de uitkomsten van wetenschappelijk onderzoek niet worden beïnvloed door politiek en samenleving. Het is de ruimte die wetenschappers nodig hebben om onafhankelijk onderzoek te doen en onderwijs te geven. Die ruimte staat wereldwijd onder druk door politici die meer controle willen over universiteiten en kritische burgers die wetenschappelijke conclusies wegzetten als ‘maar een mening’.
Het is volgens Verbeek de taak van de KNAW om het draagvlak voor de wetenschap te vergroten en duidelijker te maken wat de wetenschap voor de samenleving betekent. ‘Wij wetenschappers moeten beter laten zien wat wetenschap is.’
Tijdens uw KNAW-Akademielezing in 2023 sprak u over de steeds nauwere verwevenheid van wetenschap en samenleving. Wordt de kloof tussen wetenschap en samenleving vanzelf gedicht?
‘De wetenschap vermaatschappelijkt en de maatschappij verwetenschappelijkt. Ik bedoel daarmee dat de rol van de wetenschap verandert. Voor de grote vragen van onze tijd is de samenleving steeds afhankelijker van wetenschappelijke inzichten. Zonder wetenschap hebben we eigenlijk geen antwoord op vragen rondom vergrijzing, veiligheid, klimaatverandering, enzovoort. Tegelijkertijd zien we dat de agenda van de wetenschap niet alleen wordt bepaald door pure nieuwsgierigheid, maar ook door dringende maatschappelijke kwesties.
Die twee kanten leiden tot ethische discussies. Valt samenwerken met de fossiele industrie aan duurzame energie onder academische vrijheid of onder greenwashing? Aan de ene kant is wetenschap waardevrij: onpartijdig en neutraal. En aan de andere kant ook waardevol: betrokken bij de maatschappij en geëngageerd. Dat noem ik de wetenschapsparadox.’
Volgens een KNAW-rapport uit 2025 bungelt Nederland in Europa qua academische vrijheid onderaan, samen met landen als Hongarije en Polen. Hoe komt dat?
‘Deels doordat er jarenlang beknibbeld is op de financiering van wetenschap, waardoor die haar wettelijke taak niet goed kan uitvoeren: zorgen voor wetenschappelijk onderwijs en onderzoek. Maar ook door de toegenomen verwevenheid met de maatschappij. Mensen zien wetenschap steeds meer als een gewoon onderdeel van de maatschappij en wetenschappelijke betrokkenheid als een vorm van politiek. Dat gebeurde bijvoorbeeld toen virologen hielpen om het coronabeleid vorm te geven. Die verwevenheid leidt niet alleen tot politieke partijen die zich bemoeien met universitair beleid, maar ook tot toenemende intimidatie van wetenschappers. Die durven zich daardoor niet meer uit te spreken in het publieke debat.’
Maar is wetenschap niet ook soms politiek? De door u bewonderde wetenschapsfilosoof Bruno Latour sprak over wetenschap als ‘retorica’, een manier om overtuigend te spreken.
‘Wetenschap is politiek in de zin dat ze maatschappelijke impact heeft. Toen tijdens de eerste regeerperiode van Trump de klimaatwetenschap werd aangevallen door de Amerikaanse regering, zei Latour: dit is wat ik bedoelde, het feit dat de aarde opwarmt is niet vanzelfsprekend waar. Een man als Trump ontkent het. Wij moeten dus hard werken opdat die waarheid ook een maatschappelijke waarheid wordt.’
Volgens u kan de wetenschap nog wat leren van het het existentialisme, de filosofische stroming die stelt dat mensen veroordeeld zijn tot vrijheid en verantwoordelijkheid. Waarom?
‘Ik haal het existentialisme aan om te laten zien hoe de twee polen van de wetenschapsparadox, neutraliteit en engagement, samenkomen. Een existentialist als Jean-Paul Sartre laat zien dat we veroordeeld zijn tot vrijheid. De enige keuze die we niet hebben, is de keuze om niet te kiezen. Als wetenschapper kun je altijd ter verantwoording geroepen worden voor de keuzes die je maakt.
Academische vrijheid is de basis voor betrouwbare kennis. Je hebt als wetenschapper een grote verantwoordelijkheid voor hoe je met die vrijheid omgaat. Wetenschap is mensenwerk en wetenschappers hebben persoonlijke overtuigingen. Die dienen als inspiratie, maar blijven buiten het onderzoek zelf. Niet de mening telt, maar de onderbouwing. Dat is de existentiële dimensie van wetenschap: twijfelen, botsen, verschillende visies uitproberen. Zo ontwikkelt de wetenschap zich.’
Even tussendoor …
Meer lezen over filosofie en wetenschap? Schrijf je in voor de gratis nieuwsbrief:
Pre-order: Filosofie scheurkalender 2027
- Elke dag wijzer met de wijsheid van een ander
- 365 dagen filosofische citaten: pakkend en grappig
- Inspirerende uitleg bij klassieke filosofen
Filosofie Magazine tijdelijk al vanaf 6,99 per maand
- Elke maand heldere analyses van scherpe denkers
- Lees & luister onbeperkt op filosofie.nl
- Op papier én digitaal, incl. archief in de app
Maar werkt dit verhaal over wetenschap ook voor het grote publiek?
‘Mensen denken soms dat wetenschap een waarheidsmachine is, waar onfeilbare zekerheden uitkomen. Als sommige bevindingen onjuist blijken te zijn, slaat teleurstelling gemakkelijk om in “Wetenschap is maar een mening”. Maar twijfel en onzekerheid horen bij wetenschap. Het is de enige methode die leidt tot betrouwbare kennis – juist door die kennis steeds weer te betwijfelen. Hoe wetenschap werkt, is een subtiel verhaal, maar wel een heel goed verhaal.’
