Home Klassieke Oudheid Tragedies zijn interessanter dan de strijd tussen goed en kwaad | recensie
Klassieke Oudheid

Tragedies zijn interessanter dan de strijd tussen goed en kwaad | recensie

Door Marco Kamphuis op 2 juni 2026

‘De wroeging van Orestes’, olieverfschilderij geïnspireerd door Griekse tragedies door William-Adolphe Bouguereau uit 1862
‘De wroeging van Orestes’, olieverfschilderij door William-Adolphe Bouguereau uit 1862
Filosofie Magazine Kun je gek zijn als niemand het ziet
06-2026 Filosofie Magazine Lees het magazine
In twee nieuwe bundels van Griekse tragedies vieren onredelijkheid en innerlijke tweestrijd hoogtij. De absurditeit van het lot is zelden zo invoelbaar gemaakt.

Ook schrijvers die zeggen dat literatuur geen wedstrijd is, dromen ervan het ereschavot te beklimmen en een trofee omhoog te houden. Daar is niets mis mee, aan rivaliteit tussen schrijvers danken we de mooiste tragedies. Aeschylus, Sophocles en Euripides leven voort als winnaars van het grote Atheense toneelfestival. Zes tragedies van Euripides en Vier helden van Sophocles maken ons weer eens duidelijk hoe goed die schrijvers waren.

Zowel Sophocles als Euripides schreef een Elektra. Hoe ging het ook alweer? Agamemnon, aanvoerder van het Griekse leger dat optrekt tegen Troje, heeft zijn dochter Iphigeneia aan de godin Artemis geofferd, tot verbijstering van zijn echtgenote Clytaemnestra, de moeder van het arme kind. Dat zet ze hem betaald. Wanneer Agamemnon eindelijk Troje heeft veroverd en triomfantelijk naar Mycene terugkeert, vermoordt ze hem met een bijl en grijpt samen met haar minnaar Aegisthus de macht. Electra en Orestes, twee andere kinderen van Agamemnon en Clytaemnestra, willen zich nu op hun moeder wreken. Ondanks inhoudelijke verschillen die Euripides en Sophocles in hun bewerking van de mythe aanbrengen, is de overheersende indruk in beide stukken dat Electra en haar broer in een onmogelijke positie verkeren.

Lees dit artikel verder

Voor € 4,99 per maand lees én beluister je dit artikel en alle andere online artikelen van Filosofie Magazine.

Word abonnee Al abonnee? Inloggen

Griekse tragedies zijn heel wat interessanter dan de strijd tussen goed en kwaad. Hegel merkte op dat ze gaan over conflicterende standpunten die op zichzelf genomen valide zijn. In beide Elektra’s vereist de natuurwet dat je de moordenaar van je vader vermoordt. De natuurwet schrijft uiteraard ook voor dat je je moeder niet naar het leven staat – ziedaar de tegenspraak. Er is bovendien sprake van botsende waardensystemen: volgens de natuurwet, of de wet van de Griekse goden, moet je moord met moord wreken, maar ondertussen gelden er in Griekenland menselijke wetten, ontworpen om aan die eindeloze keten van bloedwraak een eind te maken. Tragedies, net als mythen, lossen zo’n tegenstelling niet op, maar maken er een verhaal van.

Antigone, de aanleiding voor Hegels observatie, is niet in deze bundel van Sophocles is opgenomen, maar de problematiek van het graf waar Antigone om draait, speelt ook in diens Aias een grote rol. De Griekse held Ajax is woedend omdat de wapens van de gesneuvelde Achilles aan Odysseus zijn toegekend en niet aan hem, terwijl hij na Achilles toch de sterkste is. Het lukt hem niet zich te wreken doordat de godin Athena hem met tijdelijke waanzin verblindt, waarna Ajax om zijn eer te redden geen andere uitweg ziet dan zich op zijn eigen zwaard te storten. Wanneer Menelaus en Agamemnon bevelen dat de dode ‘als voer voor zeevogels’ op het strand moet blijven liggen, komt Ajax’ halfbroer Teucer in opstand: volgens de wetten van de goden verdient iedereen een graf. Aias is een van de weinige Griekse tragedies waarin botsende waarden een oplossing vinden dankzij de stem van de rede, want aan het slot stapt Odysseus naar voren en neemt het voor zijn grote vijand op. Ajax krijgt een graf.

Peilloze wraakzucht

De stem van de rede klinkt in de hier verzamelde tragedies opvallend zwak, zeker als je bedenkt dat ze geschreven werden in de vijfde eeuw voor Christus, de bloeitijd van de Atheense democratie. Wat Nietzsche in de tragedie toejuichte, was het element van het dionysische, het optreden van ondoorgrondelijke natuurlijke of goddelijke machten waar de menselijke rede machteloos tegenover staat. De absurditeit van het noodlot dringt zich inderdaad op als de lichtgeraakte Olympische goden je nu eens te hulp schieten en je dan weer straffen, zoals veel van de helden overkomt. En in de vernietigende kracht van een massa razende vrouwen in Bakchanten zien we de extatische kant van het dionysische principe.

Vertaler Gerard Koolschijn ziet te veel uitleg bij een werk als een belediging voor de schrijver; inderdaad kan zijn Euripides prima op eigen benen staan. Anderzijds was ik blij met de vele noten van Sophocles-vertaler Patrick Lateur: hoe meer kennis, hoe beter. De hoofdprijs gaat wat mij betreft naar Euripides voor Medea. Het oerconflict tussen vrouw en man gaat hier samen met modern aandoende psychologie. ‘We kunnen er toch redelijk over praten’ – dat ongeveer is de houding van Jason, die zijn vrouw inwisselt voor een jonger exemplaar. Maar aan redelijkheid heeft Medea geen boodschap, in haar peilloze wraakzucht is ze zelfs bereid haar eigen zoons op te offeren. Briljant, sensationeel – een avondje Netflix is er niets bij.

Zes tragedies. Medea, Ifigeneia in Aulis, Trojaanse vrouwen, Elektra, Orestes, Bakchanten
Euripides
vert. Gerard Koolschijn

Athenaeum
431 blz.
€ 24,99

Vier helden. Aias, Herakles, Elektra, Filoktetes
Sofokles
vert. Patrick Lateur

Damon
352 blz.
€ 29,90

Loginmenu afsluiten