Filosofie is makkelijker als je denkt
In ‘Filosofie is makkelijker als je denkt’ helpen we je in vier stappen op weg in het zelf leren denken. Dit keer: wat is verliezen?
‘We moeten leren verliezen’
Filosofie is makkelijker als je denkt. Maar kun je denken zonder verlies? Een inleiding in de filosofie van het verliezen.
Als je erover nadenkt, zijn we allemaal verliezers: we raken spullen kwijt, worden afgewezen, verliezen wedstrijden, verbreken relaties en rouwen om dierbaren die er niet meer zijn. Er zijn talloze manieren waarop we kunnen verliezen. Maar wat is verlies eigenlijk? Kan verliezen iets positiefs zijn? En kun je iets kwijtraken wat je nooit hebt gehad?
Iets dergelijks gebeurt als we ons uitdrukken, meent de Franse filosoof Jean-François Lyotard (1924-1998). Telkens wanneer we communiceren, ontglippen ons allerlei betekenissen. Lyotard gelooft namelijk dat een zin allerlei aanknopingspunten heeft, waaruit nieuwe zinnen voortvloeien. Hoe die frasen verlopen, staat niet vast. Je kunt bijvoorbeeld aankondigen dat je bij je moeder langsgaat, maar als zij aangeeft niet thuis te zijn, wordt er een andere draai aan jouw uitspraak gegeven. Zo gaan er altijd mogelijke betekenissen verloren wanneer we spreken.
Toch heeft het volgens de middeleeuwse filosoof Boëthius (ca. 480-524) weinig zin om over het verlies in het leven te treuren. We denken vaak dat we externe dingen nodig hebben om gelukkig te zijn, zoals een groot huis of een succesvolle carrière, en als we die mislopen, beklagen we ons over dit onverdiende ongeluk. Maar Boëthius meent juist dat verlies ons kan doen inzien dat we ons geluk op de verkeerde dingen hebben gebouwd. Macht, status en rijkdom zijn helemaal niet belangrijk. Het ware geluk vinden we in onszelf. ‘Wie gevallen is, heeft nooit vast in zijn schoenen gestaan,’ concludeert de filosoof.
Kun je kwijtraken wat je nooit hebt gehad?
Maar wie telkens aan het kortste eind trekt, ontkomt tegenwoordig niet aan de ontmoedigende gedachte dat dit aan zichzelf te wijten is, waarschuwt de Amerikaanse filosoof Michael Sandel (1953). Volgens hem geloven veel mensen in een meritocratisch ideaal, waarbij iemands maatschappelijke positie afhangt van zijn aanleg en inspanning. Zo denken veel Amerikanen dat het altijd mogelijk is, ongeacht waar je vandaan komt, om de top van de maatschappelijke ladder te bereiken. Maar het denkbeeld dat je verantwoordelijk bent voor je eigen lot is volgens Sandel zowel inspirerend als beledigend. Degenen die aan de top belanden, denken dat zij het verdienen, terwijl de verliezers ten onrechte geloven dat ze niet hard genoeg werken. Welke talenten en kansen je hebt, heb je echter niet zelf in de hand.
Patricia De Martelaere (1957-2009) biedt verliezers wellicht troost. Uiteindelijk is niemand opgewassen tegen een buitengewoon hard verlies: ‘Niemand verliest graag. En toch moeten we het allemaal leren,’ schrijft ze. De Martelaere ziet, met Freud, het leven als een oorspronkelijk en onherstelbaar verlies, waarin we allemaal steeds afscheid nemen van onze naasten. Daarbij maakt ze een onderscheid tussen rouw en melancholie. Waar de meeste mensen na een langdurig rouwproces weer overeind krabellen, blijft een melancholicus zwelgen in zijn verdriet. De Martelaere gelooft dat hij niet wil herstellen van het verlies en wil toegeven aan zijn ontroostbaarheid: ‘Hij klampt zich aan zijn lijden vast als aan het enige, volstrekt enige, dat niemand hem buiten zijn wil kan ontnemen.’ Zo valt er niets meer te verliezen.