Home Identiteit Filosoof Alexander Douglas: ‘Als je zoekt naar jezelf, vind je een ander’
Identiteit

Filosoof Alexander Douglas: ‘Als je zoekt naar jezelf, vind je een ander’

Door Jonathan Janssen op 12 januari 2026

filosoof Alexander Douglas
beeld Lauren Douglas
Het is een gevaarlijk verlangen om iemand te willen zijn, zegt Alexander Douglas. ‘Identiteit maakt ons kwetsbaar voor manipulatie.’

Dit artikel krijg je van ons cadeau

Wil je onbeperkt toegang tot de artikelen op Filosofie.nl? Je bent al abonnee vanaf €4,99 per maand. Sluit hier een abonnement af en je hebt direct toegang.

‘Ken uzelve,’ raadde de Griekse filosoof Socrates zijn volgers tweeduizend jaar geleden aan. Tegenwoordig lijken we daar wel een sport van gemaakt te hebben: we zijn constant op zoek naar onszelf. ‘Je moet jezelf zijn,’ zeggen we tegen elkaar, ‘Je moet dicht bij jezelf blijven,’ of: ‘Je bent jezelf niet’, als iemand een slechte dag heeft. Wie zichzelf nog niet gevonden heeft, reist soms de halve wereld over. En boekhandels liggen vol met zelfhulpboeken die je beloven ‘de beste versie van jezelf’ te worden.

Maar het is gevaarlijk om te denken dat we een innerlijke essentie hebben die we kunnen ontdekken en waar we in harmonie mee kunnen leven, zegt Alexander Douglas, docent filosofie aan de Schotse St. Andrews-universiteit. Dat idee maakt je kwetsbaar voor manipulatie en kan leiden tot polarisatie en geweld. In zijn boek Against identity. The wisdom of escaping the self (2025) onderzoekt Douglas aan de hand van drie denkers wat er mis is met onze honger naar een vaste identiteit: de Chinese taoïst Zhuang Zi (369-286 v.Chr.), de Nederlandse verlichtingsdenker Baruch Spinoza (1632-1677) en de Franse filosoof René Girard (1923-2015). Ook al leefden ze in totaal verschillende tijden op totaal verschillende plekken, volgens Douglas kwamen ze alle drie tot het inzicht dat we de zoektocht naar onszelf beter kunnen staken.

Wat is er mis met het idee dat we een unieke identiteit hebben?
‘Sinds de klassieke oudheid denken we dat we diep vanbinnen een essentie hebben, bepaalde wezenlijke eigenschappen die ons maken tot wie we zijn. Ik denk dat iedereen die naar binnen kijkt een enorme verscheidenheid aan karaktereigenschappen vindt. Dat zijn er zoveel dat er moeilijk een duidelijke identiteit te onderscheiden is.

Veel mensen definiëren zichzelf aan de hand van een specifieke eigenschap, zoals lengte, ras, gender of opleidingsniveau. Maar wat de een als een kenmerkende eigenschap ziet, is dat voor een ander helemaal niet. Zo zeggen sommige mensen dat hun lengte hun niet definieert, terwijl anderen zich juist vereenzelvigen met het gegeven dat ze lang of kort zijn.’

Wat maakt ons verlangen naar identiteit toch zo hardnekkig?
‘Spinoza zegt dat alles ernaar streeft te volharden in zijn “zijn”. Volgens mij heeft hij het hier over de mens: mensen lijken er grondig naar te verlangen iemand te zijn. Dat verlangen hebben we allemaal. En iedereen valt weleens ten prooi aan de illusie dat andere mensen wel een afgeronde identiteit hebben, dat zij wel weten wie ze zijn, terwijl jij naar binnen kijkt en denkt: ik weet het niet. Maar dat is omdat iedereen zijn eigen onzekerheden voor anderen verbergt.

We oefenen veel druk op elkaar uit om onszelf te definiëren. Er is een evolutionaire theorie die goed aansluit bij de ideeën van Spinoza en Girard, namelijk het idee dat we in de tijd dat we nog in kleine groepen leefden, moesten oppassen voor soortgenoten die anderen bedrogen of geweld aandeden. We moesten weten wie betrouwbaar was en wie niet. Maar een moordenaar of dief gaat natuurlijk niet aan de grote klok hangen dat hij een moordenaar of dief is. Dus raakten we hypergevoelig voor de signalen die iemand afgeeft over zijn karakter. Als iemand ongewoon gedrag vertoont, treden we daar hard tegen op. Ik denk dat we deze neiging geïnternaliseerd hebben, wat onze drang naar identiteit voedt. Want we weten dat we zeer afhankelijk zijn van welke identiteit onze medemens aan ons toeschrijft.’

In uw boek schrijft u: ‘Als je zoekt naar jezelf, vind je enkel een ander.’ Wat bedoelt u daarmee?
‘Paradoxaal genoeg kijken we altijd naar voorbeelden buiten onszelf, als we op zoek gaan naar ons “ware zelf”. We gaan dan anderen imiteren en ons conformeren aan externe normen. Mensen denken dat ze hun eigen unieke identiteit najagen, terwijl ze in werkelijkheid met elkaar concurreren om wie het best voldoet aan de norm. Op sociaal vlak kan dat heel nuttig zijn, want het leidt tot stabiel en voorspelbaar gedrag van mensen met wie je samenleeft, maar het kan ook gevaarlijk worden.’

Waar schuilt het gevaar dan in?
‘Als mensen vasthouden aan een bepaalde identiteit, kan dat leiden tot conflict en geweld. Als je je identiteit ophangt aan een specifiek ding of een bepaalde eigenschap, wordt je overleven daarvan afhankelijk. Sterven komt uiteindelijk erop neer dat je verandert in iets dat je niet meer herkent als jezelf. Het heeft geen zin om tegen iemand zeggen: “Maak je niet druk om de dood, je verandert gewoon in een lijk,” want je herkent jezelf niet in een lijk. Je identificeert je met wie je nu bent, levend. Iets vergelijkbaars is er aan de hand met dingen waarvan je gelooft dat die essentieel zijn voor wie jij bent. Je zult er alles aan doen om die te verdedigen, om te voorkomen dat die veranderen, tot aan het gebruik van geweld toe. Want je voortbestaan hangt ervan af.

Even tussendoor …

Meer lezen over filosofie en identiteit? Schrijf je in voor de gratis nieuwsbrief:

Ontvang wekelijks de beste artikelen van Filosofie Magazine en af en toe een aanbieding.

Daarnaast maakt ons verlangen naar een identiteit ons kwetsbaar voor manipulatie en sociale controle. Er is bijvoorbeeld een hele reclame-industrie opgebouwd rondom het idee dat er een ware zelf in je zit, die je moet vinden en naar buiten brengen. Als je om je heen kijkt op een vliegveld zie je overal billboards die dat uitdrukken. Maar hoe weten die adverteerders zo zeker dat jouw ware zelf iemand is die koptelefoons van Sony koopt of vakanties boekt via een bepaalde website? Reclamemakers zijn zich ervan bewust dat mensen een onverzadigbaar verlangen hebben naar iets dat hun ware zelf naar boven brengt. En dat bewijst maar weer dat het ware zelf een illusie is, want anders zou hun strategie niet werken. Je zou hun producten niet meer kopen als je eenmaal je identiteit gevonden had.’

Het omarmen van een identiteit kan toch ook heilzaam zijn? Het kan een instrument zijn voor buitengesloten groepen om rechten op te eisen, zoals in het geval van Black Lives Matter.
‘Dat is waar. Er zijn momenten dat identiteit mensen helpt, soms zelfs puur om te overleven. Een ander voorbeeld daarvan is de queer-beweging. Mensen werden onderdrukt om hun seksuele verlangens en kwamen erachter dat de beste manier om te overleven was om de queer-identiteit juist te omarmen.

Maar die situatie van onderdrukking komt zelf volgens mij ook voort uit ons verlangen naar identiteit. Waarom maken mensen zich zo druk om andermans seksuele voorkeuren? Omdat zij zich bedreigd voelen in hun identiteit. Als ik mijzelf bijvoorbeeld wil identificeren als Australiër, moet ik een concreet idee hebben van wat het betekent om Australiër te zijn. Als ik dan het gevoel krijg dat mijn cultuur dreigt te veranderen of dat de verkeerde mensen het in mijn land voor het zeggen krijgen, voel ik mij ook bedreigd in mijn zijn. Dus de onderdrukking van minderheden ontstaat allereerst uit het verlangen naar identiteit.’

Wat kunnen we doen om los te komen van onze obsessie met identiteit?
‘Volgens de Chinese filosoof Zhuang Zi hangen identiteit en het verlangen iets te presteren in de wereld met elkaar samen. Wanneer identiteit je beheerst, word je doelgericht: je wilt presteren. Zhuang Zi gelooft dat als je het ene – prestatiedrang – loslaat, het andere – identiteit – je ook niet meer zo in zijn greep heeft. Die ideale staat van zijn noemt hij wuwei: “niet-doen”. Spinoza heeft het over een vergelijkbare toestand wanneer hij spreekt over “zaligheid”. Dat is een gesteldheid waarin je niet meer probeert om concrete dingen te bereiken, maar openstaat voor verschillende mogelijkheden. Je bent dan bereid om verrast te worden door dingen die je eerder niet had opgemerkt, of om naar stemmen te luisteren die je eerder nog niet hoorde. ’

In uw boek schrijft u dat u nog regelmatig in de identiteitsval trapt: u denkt dat uw verlangens uw eigen verlangens zijn en uw doelen uw eigen doelen. Is het wel mogelijk om zonder identiteit te leven?
‘Het is niet mogelijk om helemaal zonder identiteit te leven, maar ik denk wel dat we een meer vloeibare en speelse houding kunnen aannemen tegenover onze dagelijkse identiteiten. Voor zowel Zhuang Zi als Spinoza als Girard is het ideale scenario dat we zo opgaan in anderen, dat we helemaal niet meer over onszelf nadenken. Soms ben je op een feestje en ben je heel zelfbewust en houd je je bezig met wat anderen van je vinden, zodat je nauwelijks meer hoort wat ze zeggen. Maar er zijn ook zeldzame momenten dat je zo opgaat in een gesprek of in een activiteit, dat je jezelf vergeet. Dat is het ideaal dat we moeten nastreven.’

Against identity. The wisdom of escaping the self
Alexander Douglas
Allen Lane
272 blz.
€ 12,85

Loginmenu afsluiten