Home Eten Wat transparantie niet laat zien
Eten

Wat transparantie niet laat zien

Door Ellen Mangnus op 16 juli 2021

Wat transparantie niet laat zien
07-2021 Filosofie magazine Lees het magazine

Hoe meer informatie we hebben over ons eten, hoe meer we het vertrouwen. Maar die transparantie toont volgens Ellen Mangnus een vertekende werkelijkheid. Deel 1 van een serie over voedsel.

Vroeger kenden we de boer en de bakker, nu hebben we vaak geen idee waar en hoe wat op ons bord ligt geplukt of gefokt is. Dat druist in tegen ons instinct. Ons oerbrein wordt namelijk het liefst gevoed met iets bekends, want zo is de kans dat we overleven het grootst. Hoe kunnen we weten of de boontjes uit Kenia niet in vervuilde grond geteeld zijn als we de boeren niet kennen?

Het antwoord daarop is informatie – bijvoorbeeld over de leefruimte van het varken, gegevens over de temperatuur in de slagerij of over de CO2 die uitgestoten is bij het transport. Op sommige pakken koffie kunnen we zelfs iets lezen over de boer die de bonen teelde. En op elke pot jam vinden we data over het suikergehalte en de toevoegingen. We hopen dat al die data en streepjescodes de persoonlijke relaties, waarop ons vertrouwen in voedsel voorheen berustte, kunnen vervangen.

Dit artikel is exclusief voor abonnees

Dit artikel op Filosofie.nl is alleen toegankelijk voor abonnees. Met liefde en zorg werken wij iedere dag weer aan de beste verhalen over filosofie. Steun ons door lid te worden voor maar €4,99 per maand. Log in om als abonnee direct verder te kunnen lezen of sluit een abonnement af.

Of het nou gaat om eieren die besmet zijn met het insecticide fipronil, over cacao die geplukt is door kinderen of over biologische amandelbomen die toch wel heel veel water blijken te onttrekken aan toch al droge gronden, problemen in de voedsel­keten leiden steevast tot een roep om meer informatie. Hoe meer gegevens we hebben, hoe zekerder we ervan kunnen zijn dat ons voedsel te vertrouwen is – dát is de gedachte. Om problemen te kunnen oplossen moeten voedselketens zo transparant mogelijk zijn.

Wantrouwen

Volgens de filosoof Byung-Chul Han maken we onszelf wijs dat we door meer transparantie weten waar risico’s op de loer liggen. In zijn essay De transparante samenleving waarschuwt de Duits-Koreaanse filosoof ons dat ver door­gevoerde transparantie weleens tot het tegenovergestelde van die bedoeling kan leiden, namelijk een samenleving waarin niemand elkaar meer vertrouwt, een maatschappij waarin de burgers niets onder controle hebben, en het allerergste: een waarin risico’s nooit weggenomen worden.

Han is niet de eerste die laat zien dat er een paradox schuilt in transparantie. We kunnen allemaal wel een dystopische roman noemen die verhaalt over een wereld waarin de mens onderdrukt wordt door zichtbaarheid. Denk aan de hoofd­persoon Winston uit George Orwells 1948, die voortdurend via camera’s door de staat in de gaten gehouden wordt en voor wie het daardoor schier onmogelijk is een dagboek bij te houden. Of aan Mae in De Cirkel van Dave Eggers, die volledig ‘transparant gaat’ én de hele dag een internetcamera draagt, zodat iedereen haar doen en laten kan volgen. De hoop op bevrijding van het voortdurende toezicht houdt de lezer aan het verhaal gekluisterd. Een wereld waarin alles zichtbaar is, beangstigt ons; we zouden ons er beklemd voelen, naakt en ook ontzettend kwetsbaar. Het idee dat iemand ons in de gaten houdt, maakt dat we ons niet durven uiten. We zouden er onze gedachten niet durven delen, zelfs niet met onze geliefden. En dat is precies waar Han ons voor waarschuwt: in een transparante wereld zouden we niemand meer vertrouwen.

Van de overheid mag oneerlijk voedsel gemaakt worden, als het maar transparant gebeurt

Tegelijkertijd wordt transparantie ook gezien als middel om vertrouwen te bestendigen. Het is de kern van organisaties als Human Rights Watch en Transparancy International: zichtbaarheid afdwingen om corruptie en schending van de mensen­rechten tegen te gaan. Keer op keer wordt aangetoond dat mensen in het duister nog weleens verkeerd willen tasten. Schimmigheid blijkt corruptie in de hand te werken. Vanuit deze optiek wordt transparantie geopperd als een middel tégen corruptie, misleiding en inefficiëntie.

Maar in het geval van de voedselketen gaat het vaak alleen om het openbaar maken van informatie die relevant is voor de consument. De informatie waarmee de boer gediend zou zijn blijft achterwege. Ergens worden keuzes gemaakt over welke informatie zichtbaar gemaakt wordt. In het geval van voedsel laat transparantie dus maar een deel van de werkelijkheid zien.

Beheersing

Soms leidt transparantie daardoor zelfs tot vertekening van de werkelijkheid, of nog kwalijker: verduistering van de werkelijkheid. Dat we ons niet vrij voelen in een omgeving waarin we voor iedereen zichtbaar zijn, komt doordat we niet in de hand hebben wat degene die ons observeert ziet. Ziet hij in ons gedrag iets verkeerds? Hoe interpreteert hij onze handelingen? Transparantie gaat niet om zichtbaarheid, transparantie gaat om ‘dat wat gezien wordt’. En wat gezien wordt, hoeft niet in overeenstemming te zijn met de complexe werkelijkheid. Wanneer we ons ervan bewust zijn dat we in de gaten gehouden worden, doen we er alles aan om een positief beeld van onszelf te presenteren. In zo’n situatie gedragen we ons zoals wij denken dat ‘men’ wil dat wij ons gedragen. Er is geen ruimte voor verschillende opvattingen en gezichtspunten. De filosoof Han noemt het ‘de hel van het gelijke’. Er is niets wat anders kan zijn, niets wat de norm mag uitdagen.

Vorig jaar konden Nederlandse consumenten de eerste ‘blockchain-kokosnoten’ kopen. Via hun smartphone en de QR-code konden ze zien door wie de kokosnoot geplukt was en voor welk bedrag de boer de noot verkocht had aan de handelaar, en hoeveel de werk­nemers van de boer betaald hadden gekregen. Volgens de campagneorganisatie zorgt ondoorzichtigheid van handelsketens ervoor dat grote voedingsbedrijven de prijzen van voedsel bepalen en dat kleine boeren daar vaak de dupe van zijn. Blokchain biedt iedereen inzicht in alle transacties die gedaan worden. Hierdoor komen misstanden als onderbetaling snel bovendrijven.

Als vertrouwen verdwijnt, neemt de roep om controle toe

Han stelt dat het tegenovergestelde juist vaker het geval is: door transparantie wordt vertrouwen overbodig. Vertrouwen baseert zich volgens hem op een zekere mate van onzekerheid en onwetendheid. Als vertrouwen verdwijnt, neemt de roep om controle toe. Het verzamelen van informatie lijkt er dan op gericht om de schakels in de voedselketen te dwingen tot een tevoren bepaald, gestandaardiseerd gedrag dat bij een ideale consument, werknemer of burger hoort. Dat wat transparant is, kun je beheersen.

Verantwoordelijkheid

In 2018 stelde toenmalig minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit Carola Schouten dat de overheid flink moet inzetten op transparantie in voedselketens. Han zou zeggen: eigenlijk zegt de minister niets anders dan dat er nog steeds oneerlijk en ongezond voedsel gemaakt mag worden, als het maar transparant gebeurt. Ze legt de verantwoordelijkheid om misstanden op te sporen en aan te kaarten bij de burger: nu alles zichtbaar is, kan die zelf in actie komen. In plaats van de oorzaken aan te pakken, eist de overheid dat de symptomen zichtbaar worden.

Het allerbelangrijkste waar Han ons dus voor waarschuwt is dat al die gegevens en data die we verzamelen ons helemaal niet helpen om de risico’s rondom ons voedsel te beperken. Dat moet de consument namelijk nog steeds helemaal zelf doen, zonder te weten welk deel van de werkelijkheid zij wel of niet te zien krijgt.