Home Aandacht Te veel prikkels en te weinig pijn
Aandacht Politiek

Te veel prikkels en te weinig pijn

Onze samenleving kan geen pijn meer verdragen, stelt de Koreaans-Duitse filosoof Byung-Chul Han. En dat heeft politiek en persoonlijk nadelige gevolgen.

Door Martijn Meijer op 21 oktober 2022

Byung-Chul Han filosoof beeld Alexandra Kinga Fekete
FM11 Filosofie Magazine november
11-2022 Filosofie magazine Lees het magazine

Niemand hoeft meer pijn te ­lijden als hij dat niet wil,’ hoorde ik eens iemand zeggen in een gesprek over wat pijnstillende medicatie kan betekenen na een operatie. Aan die uitspraak moest ik denken toen ik De palliatieve ­maatschappij las van de ­Koreaans-Duitse filosoof Byung-Chul Han (1959). Hij wijst erop dat vandaag de dag ‘overal’ (hij bedoelt misschien vooral in de westerse wereld) algofobie heerst, angst voor pijn; elke pijnlijke toestand, of die nu fysiek of psychisch is, wordt angstvallig vermeden of verdoofd.

In een wereld waarin positiviteit de norm is en geluk een plicht, is eenvoudigweg geen plaats meer voor zoiets negatiefs als pijn, stelt hij. Daarbij hoort het geloof in de onbegrensde mogelijkheden van de analgetica, de pijnbestrijdende middelen, zoals ook doorklonk in de geciteerde uitspraak: als je het echt wilt, krijg je daarmee de pijn wel onder controle.

Dit artikel is exclusief voor abonnees

Dit artikel op Filosofie.nl is alleen toegankelijk voor abonnees. Met liefde en zorg werken wij iedere dag weer aan de beste verhalen over filosofie. Steun ons door lid te worden voor maar €4,99 per maand. Log in om als abonnee direct verder te kunnen lezen of sluit een abonnement af.

Maar hoeveel vooruitgang de farmacologie ook heeft geboekt, pijn kan nooit helemaal uit het leven verdrongen worden, zoals Han opmerkt. Pijn is listig: als ze op de ene plek bestreden is, duikt ze ergens anders weer op. Zelfs de ‘overmaat aan positiviteit’ die ons in de ‘­neoliberale prestatiemaatschappij’ opjaagt om het beste uit onszelf te halen kan een bron van psychisch lijden zijn: ‘Het prestatiesubject doet zichzelf geweld aan. Het buit zichzelf vrijwillig uit, net zo lang tot het instort.’ Zo trekt Han een lijntje naar zijn bekendste boek De vermoeide samenleving (2010), waarin hij laat zien hoe mensen zich onder het mom van zelfoptimalisatie uitleveren aan een systeem dat steeds meer van ze eist.

Zinvol lijden

De filosoof vraagt zich af waarom onze omgang met pijn na eeuwen van lijdzaam verdragen tot algofobie is verworden. Een van de antwoorden die hij geeft is dat pijn niet langer zinvol is. Vroeger was lijden ingebed in een overkoepelend verhaal, bijvoorbeeld het christelijk narratief; zo kreeg de pijn zin en was ze eenvoudiger te dragen. Tegenwoordig is pijn een pure kwelling omdat er geen narratief meer is dat er een betekenishorizon aan geeft. Pijn wordt gereduceerd tot een medische aangelegenheid, waarbij vergeten wordt dat pijn ook een maatschappelijke, politieke en creatieve dimensie kan hebben: pijn kan tot kritiek en reflectie, ja zelfs tot revolutie leiden. Bovendien ‘draagt pijn het geluk’, zoals Han schrijft: ‘Wie niet ontvankelijk is voor pijn, sluit zich af voor het diepe geluk.’ Een leven zonder pijn (als dat al mogelijk is) zou dus een verarming betekenen.

Wie elke pijnlijke toestand afwijst kan zich niet binden

Han heeft weinig op met de filosofie als academische discipline die zich bezighoudt met specialistische onderwerpen. Het is de taak van de filosoof om kritisch na te denken over het heden, vindt hij, en dat doet hij dan ook in zijn boeken. Ongeveer 25 titels heeft hij gepubliceerd, het merendeel rond de honderd bladzijden lang en essayistisch van vorm, waarbij hij op stellige wijze zijn ideeën presenteert en niet altijd de moeite neemt om die met argumenten te onderbouwen. Bijvoorbeeld als hij schrijft: ‘Wie elke pijnlijke toestand afwijst, kan zich niet binden.’ Het klinkt overtuigend, maar klopt het eigenlijk wel?

Informatie-tsunami

De palliatieve maatschappij verscheen kort voor de zomer in een heldere vertaling en nu verschijnt er alweer een nieuw boek van Han, Infocratie, waarin hij betoogt dat de digitalisering en de daaruit voortvloeiende ‘tsunami van informatie’ hebben geleid tot een crisis van de democratie.

In Infocratie keren thema’s terug die ook in het andere boek een rol spelen, zoals het verdwijnen van het verhaal. In plaats van dat er verhalen verteld worden die ons verbinden tot gemeenschappen wordt er via de digitale kanalen alleen nog maar informatie over ons uitgestort, stelt Han, waardoor de mensheid atomiseert. Zonder het verhaal is er geen gedeelde waarheid meer waarop we ons kunnen oriënteren, maar alleen nog informatie waarvan het waarheidsgehalte steeds minder relevant wordt. Verschijnselen als fake news en complottheorieën staan niet op zichzelf, maar zijn onderdeel van iets groters, een onverschilligheid voor de waarheid die de maatschappij uiteen doet vallen in individuen en groeperingen waartussen geen redelijke discussie meer mogelijk is. De democratie ontaardt zo in een infocratie.

In het pijnboek spreekt Han over een ‘palliatieve democratie’ omdat ook de politiek de pijnlijke confrontatie van het debat schuwt en zich liever schikt in systeemdwang. Alleen zolang er mensen opstaan die de moed hebben om de pijnlijke waarheid uit te spreken, kan de democratie overleven. Han kan tot die moedige mensen gerekend worden.

De palliatieve maatschappij

De palliatieve maatschappij
Byung-Chul Han
vert. Mark Wildschut
Ten Have
120 blz.
€ 14,99

Infocratie
Byung-Chul Han
vert. Mark Wildschut
Ten Have
96 blz.
€ 14,99