Filosofie is makkelijker als je denkt

Onzichtbaar huis

Wetenschap checkt met experimenten de feiten, filosofie checkt het denken.

Voor een kind kan een bezem een paard worden en het klimrek een kasteel. En bij een jaloerse partner slaat de verbeelding op hol wanneer zijn vriendin een avondje uit is. Wat je je inbeeldt, lijkt weinig te maken te hebben met de werkelijkheid. Of toch wel? Volgens de Duitse filosoof Immanuel Kant (1724-1804) draait verbeelding niet alleen om wat je niet ziet, maar gebruik je deze ook om te begrijpen wat je wel ziet.

Lees dit artikel verder

Voor € 4,99 per maand lees én beluister je dit artikel en alle andere online artikelen van Filosofie Magazine.

Word abonnee Al abonnee? Inloggen

Om dat te illustreren stelt Kant zich voor dat hij voor een groot huis staat. Je ziet de voordeur, de rand van het dak, de gordijnen achter de ramen. Ook weet je dat zich achter de gordijnen de binnenkant van het huis bevindt en dat het huis naast een voorkant ook zijkanten en een achterkant heeft. Toch kun je nooit het gehele huis in één keer waarnemen: je ziet losse stukken en vult deze aan totdat ze een geheel vormen. Volgens Kant is dan je verbeelding aan het werk.

Verbeelding is nodig om de werkelijkheid te zien

Verbeeldingskracht (Einbildungskraft) is volgens Kant ‘het vermogen een object voor te stellen ook zonder dat het aanwezig is in de aanschouwing’. Je kunt je de verschillende delen van een huis inbeelden op het moment dat je ze niet waarneemt. En dat is maar goed ook, zegt Kant, want dit vermogen heb je nodig om al die losse stukken aan elkaar te rijgen tot één geheel. Zonder de verbeelding zie je geen huis, maar enkele bakstenen, een losse deur en een zwevend dak. Verbeelding is essentieel om je waarnemingen te interpreteren.

Echt?!

Maar zijn alle soorten verbeelding eigenlijk wel hetzelfde? Nee, dacht Kant. Hij onderscheidt reproductieve verbeelding, je iets voor de geest halen wat je eerder hebt gezien, en productieve verbeelding: iets nieuws verzinnen. Beide zijn volgens Kant nodig om de wereld te begrijpen. Maar wat als je verbeelding het fout heeft? Wat als het huis dat je ziet op dit moment gesloopt wordt, zodat alleen de voorgevel nog ­overeind staat, terwijl jij denkt een compleet huis te zien? En hoe zit het met het kind dat een kasteel verzint, of de jaloerse partner die zich dingen inbeeldt? Zijn sommige vormen van verbeelding niet alsnog puur verbeelding?

Loginmenu afsluiten