Home Sport ‘Het spel heeft geen fundament, maar is wel echt’
Politiek Sport

‘Het spel heeft geen fundament, maar is wel echt’

Het spel bleef voor de filosofie lange tijd een glibberig probleem. Dat veranderde radicaal in de moderne tijd, zegt filosoof Frank Chouraqui.

Door Marc van Dijk op 18 november 2022

Frank Chouraqui spel bergen paraglide Pauline Cremer beeld Pauline Cremer
FM 12 cover spel spelen schaakbord ballerina
12-2022 Filosofie magazine Lees het magazine

Er is een beroemd, niet helemaal te verifiëren citaat van Bill Shankly, de iconische manager van voetbalclub Liverpool in de jaren tachtig. Het luidt: ‘Mensen denken dat voetbal een zaak van leven en dood is. Zo’n visie stelt me teleur. Het is veel belangrijker dan dat.’

Filosoof Frank Chouraqui, specialist in de filosofie van het spel, citeert deze voetbalwijsheid met instemming – zonder erbij te glimlachen. ‘Het ligt voor de hand om te denken dat Shankly een grap maakte. Maar ik denk dat hij een heel diep filosofisch punt scoorde.’ Spel is meer dan een spelletje. Het geeft betekenis op zo’n manier dat er een nieuwe wereld ontstaat voor de spelers. En zolang je in het spel bent is die wereld allesbepalend. ‘En daarmee overstijgt het spel omstandigheden en harde feiten,’ stelt Chouraqui.

Dit artikel is exclusief voor abonnees

Dit artikel op Filosofie.nl is alleen toegankelijk voor abonnees. Met liefde en zorg werken wij iedere dag weer aan de beste verhalen over filosofie. Steun ons door lid te worden voor maar €4,99 per maand. Log in om als abonnee direct verder te kunnen lezen of sluit een abonnement af.

‘Veel vroege menselijke culturen hadden zelfs spellen waarin het letterlijk om leven en dood ging. Iedere rationele westerling zou zeggen: ik riskeer mijn leven niet voor een spelletje. Maar ook hedendaagse sporten zijn veelal gevaarlijk, en leiden regelmatig tot ernstige verwondingen en blessures. En er zijn nog steeds sporten waar mensen door verongelukken, zoals bergbeklimmen en bungeejumpen, maar ook wielrennen en diepzeeduiken.’

Godenspel

Spelen doet de mens al zolang hij bestaat – kennelijk zelfs op leven en dood –, maar waar begon het denken over spel? ‘Als ik me tot het westerse denken beperk, begint het eigenlijk al vóór de filosofie: in de mythes over het ontstaan van de wereld. De wereld werd gecreëerd; het is bij de Grieken een beetje onduidelijk door wie precies, maar hoe dan ook door spel.’

Hoezo?
‘Als je bedenkt dat de goden almachtig waren, dan betekent dit dat ze nergens behoefte aan hadden voordat de wereld bestond. Als ze ergens behoefte aan gehad zouden hebben, was hun almacht niet compleet geweest. De wereld kan dus niet uit noodzaak gecreëerd zijn. Maar wat doen we nou zonder noodzaak? Dingen die we voor de lol doen. Dat is nog steeds een belangrijk deel van de definitie van spel: activiteiten die we doen zonder goede reden. En daarin kun je meteen horen waarom spel filosofisch gezien essentieel is.’

Omdat het geen reden heeft?
‘Precies. Dat is iets wat filosofen in eerste instantie heel lastig of zelfs onuitstaanbaar vonden. Eeuwenlang heeft filosofie de pretentie gehad dat die de redenen van de dingen kon blootleggen en uitleggen. Maar spel ontsnapte daaraan.’

Spelen kan toch allerlei redenen hebben? We spelen om onszelf te vermaken, om ervan te leren, om fit te blijven, voor prestige of geld…
‘Maar dat zijn allemaal geen redenen die met de ervaring van het spelen zelf te maken hebben. Het zijn redenen om deel te nemen. Maar als het daarbij blijft, is spelen een kwelling. Mijn dochters bleven me vragen om mee te spelen met hun barbies. Ik deed dan weleens mee om ervanaf te zijn. Maar dat maakt het juist ondraaglijk. Pas toen ik me – na lange training – overgaf aan het spel, werd het leuk en licht.

Het doel van het spel is het spelen zelf. Dus als je nog niet aan het spelen bent, is er geen reden om te spelen. Ieder kind, ieder mens speelt. Gaat een kind spelen omdat het ervan zal leren, of omdat het zo goed is voor zijn ontwikkeling?’

Nee, omdat het wil spelen.
‘Precies. Het kan verklaarbaar, goed en gezond gedrag zijn, maar een kind heeft er geen redenen voor nodig. Sterker nog: niemand heeft er een reden voor nodig. Vanuit een darwinistische logica zou je kunnen zeggen dat de eigenschap wordt doorgegeven omdat hij nuttig is, maar niet dat we spelen omdat het nuttig is.’

En dat vormde een probleem voor filosofen?
‘Spel was een bedreigend fenomeen voor denkers, omdat ze probeerden de rede of logos in de werkelijkheid te ontdekken. Als spel is wat het lijkt: een willekeurige, nutteloze activiteit waar alle mensen – en dieren, zouden we nu zeggen – ­levenslang aan meedoen, dan is er dus een zekere willekeur in de wereld. Iets ongerijmds.’

‘Het doel van het spel is het spelen zelf’

Wanneer raken filosofen wél in spel geïnteresseerd?
‘De omslag vindt plaats in de moderne tijd, met de fenomenologische sensibiliteit. Zolang filosofen zochten naar eerste oorzaken bleef spel een soort zeurende pijn. Het denken liep altijd tegen het probleem van de oneindige regressie aan. Als alles een oorzaak moet hebben, waar stop je dan? Dat kan paradoxaal genoeg eigenlijk alleen als je aan het begin iets willekeurigs plaatst, zoals God. Maar dat is net zo willekeurig als spel, en heeft ook geen reden buiten zichzelf. De fenomenologen draaiden het om, en transformeerden daarmee de filosofie. Zij gingen niet langer op zoek naar een eerste oorzaak van de wereld. Nee, ze namen de wereld als uitgangspunt: dat wat we ervaren. Daarmee wordt spel ineens heel interessant.’

Waarom?
‘Als er geen goede redenen of oorzaken zijn te geven die aan ons bestaan ten grondslag liggen, dan leert het spel je beter omgaan met de willekeur van dit bestaan. Een kind speelt zoals gezegd zonder reden. En tijdens het spel bevindt het zich in een wereld die volledige voldoening geeft, dat wil zeggen: er is niets nodig van buiten de wereld van het spel. Dit is tijdelijk, want zodra het kind honger krijgt, pijn heeft of naar de wc moet, blijkt de wereld van het spel niet meer te voldoen. Maar tijdens het spelen is er geen behoefte aan iets van buiten. Dit is denk ik de meest kernachtige definiëring van spel. Een activiteit die we zonder reden doen, waarmee we ons in een wereld begeven die volledige voldoening geeft – ook al weten we dat het slechts voor de duur van het spel is. In het spel wordt een wereld gecreëerd, met een geheel nieuwe verdeling van toewijding en betekenis.’

Leg uit.
‘Voor een voetbalspeler die voor een wedstrijd het veld betreedt, betekenen de lijnen iets anders dan voor de onderhoudsman die de volgende ochtend hetzelfde veld op loopt. In het spel wordt de lijn een grens die bepaalt waar de speler met de bal mag komen. Voor de onderhoudsman is de lijn geen grens, maar een markering waarvan hij de zichtbaarheid checkt.

Het spel verandert onze perceptie en lichamelijke oriëntatie binnen een bepaalde ruimte op een consistente manier – mag ik mijn handen gebruiken, is het slim om nu een sprintje te trekken? Die afwegingen zijn dan het enige wat telt. Maar zonder objectieve reden. Want buiten het spel hebben de goals geen waarde en bestaat de stand uit betekenisloze cijfers.’

Met het verschil tussen winst en verlies kan in de topsport toch aardig wat geld gemoeid zijn?
‘Klopt, maar dat staat weer los van de ervaring van het spelen. Het maakt niet uit hoeveel een club of een voetballer financieel incasseert, op het veld draait de wereld om de goal.’

Politiek

Als spelen een vorm is van werelden creëren, dan biedt spel mogelijk ook een geschikt model voor de politiek, waarin het immers gaat om de inrichting van de wereld. Chouraqui werkt deze gedachte momenteel met anderen uit in een groot onderzoeksproject dat gefinancierd wordt door de NWO. Of het helpt om op deze manier naar politiek te kijken? ‘Ik denk dat de parallel tussen politiek en spel niet alleen veel waarheid bevat, maar daadwerkelijk behulpzaam kan zijn bij onze positionering ten opzichte van polarisatie, extremisme en post truth.’

Is niet juist het probleem dat politiek als een spel wordt gezien?
‘Neofascistische, populistische en antidemocratische politici doen uitspraken in de trant van: “Ik speel geen spel. Ik ben echt. Maar ík kan bogen op reële, objectieve redenen, zoals: de stem van het volk. Of: ik sta voor het échte vaderland.” Anderen zeggen dat juist die populisten gevaarlijk zijn omdat ze een spelletje maken van de politiek. Maar de werkelijkheid is dat elke vorm van politiek een spel is, dat met volle ernst gespeeld moet worden, in het besef dat je ook een ander spel kunt spelen. Kinderen hebben ook zelden ruzie binnen het spel, maar wel over de vraag welk spel er gespeeld moet worden. Rechtvaardigheid is een spel, en dat betekent dat er geen grens is aan ons streven ernaar.

‘In het spel zijn ernst en inzet grenzeloos’

Als we politiek als een spel beschouwen, kunnen we voor dingen vechten, zonder te vervallen in fanatisme. En let op: dit is geen relativisme. Integendeel, er is juist een verhoogd gevoel van toewijding, inzet en het besef van een gedeelde horizon. Die horizon is de grens van de ruimte van het spel. Huizinga spreekt van “de magische cirkel van het spel”.’

Hoe zorg je dat we met ernst naar zaken kijken die we tegelijk zien als spel?
‘Huizinga zegt: er is ernst in het spel. Ik zeg: ik heb nog nooit ernst gezien buiten het spel. Alle ernst komt voort uit een spelervaring. In het spel leren we dingen serieus te nemen. En dat gaat niet alleen over de ontwikkeling van kinderen. Het gaat over de aard van ernst. Het gaat zelfs over wie we ten diepste zijn. Toen tv-presentator Larry King eens Paul McCartney en Ringo Starr te gast had, zei hij: “Het ziet ernaar uit dat jullie goed geboerd hebben. Waarom zou je nog spelen?” Ringo antwoordde: “Nou, zo te zien heb jij zelf ook goed geboerd. Ik ben Ringo en ik drum.”

De grond onder onze identiteit heeft de vorm van een spel. En ook daarvoor bestaat buiten het spel geen motivatie. Dit is denk ik waar Nietzsche naar zoekt als hij wil ontkomen aan nihilisme: een manier van leven die vervullend is, zonder dat er een geloof in objectieve waarheden voor nodig is. Het is niet onecht, het is alleen ongefundeerd. Het leven dat we leiden is het spel dat we spelen.’