Home Levenskunst De belofte van het onverwachte
Levenskunst

De belofte van het onverwachte

Door Marli Huijer op 28 november 2012

06-2007 Filosofie magazine Lees het magazine

Opnieuw beginnen als het leven vastloopt. Het klinkt aanlokkelijk, maar al te vaak is het een vlucht die het leven er helemaal niet beter op maakt. Marli Huijer pleit voor de moed om het bestaande – het hier en nu – zelf nieuw te maken.

Zou u in het hiernamaals – als dat bestaat – uw leven opnieuw met dezelfde geliefde willen delen? Waarom niet een andere geliefde uitproberen? Zou u ook een ander lichaam willen – met een ander geslacht, huidskleur, lengte, kracht, talenten, behoeftes en zwaktes? Zou u als persoon meer perfect willen zijn dan u nu bent?
Het verlangen om opnieuw te beginnen is zo oud als de mensheid. Zodra een mens te maken krijgt met onomkeerbare onvolkomenheden van zichzelf en het bestaan, borrelt het verlangen op om opnieuw te mogen beginnen. Hoe graag zouden we een onherstelbaar verlies niet ongedaan maken! Hoe bevrijdend zou het zijn om de fouten die we maakten te kunnen herstellen, de kansen die we lieten liggen alsnog te pakken, of dit keer echt te genieten van onze jeugd, onschuld, liefde en gezondheid. Maar, hoe realistisch is dat verlangen? Is het geen illusie te denken dat je opnieuw kunt beginnen? Zijn wij mensen niet dommer dan de ezel die zich in algemeen geen tweemaal aan dezelfde steen stoot?

Dit artikel is exclusief voor abonnees

Dit artikel op Filosofie.nl is alleen toegankelijk voor abonnees. Met liefde en zorg werken wij iedere dag weer aan de beste verhalen over filosofie. Steun ons door lid te worden voor maar €4,99 per maand. Log in om als abonnee direct verder te kunnen lezen of sluit een abonnement af.

Geen garantie

Opnieuw beginnen biedt geen garantie dat er iets nieuws tot stand komt. Hoewel elke nieuwe dag de belofte van het onverwachte in zich draagt, moeten we aan het einde van de dag vaak constateren dat die erg op de dag van gisteren leek. Ook het voorjaar kan een onbestemde vreugde opwekken over dat wat gaat komen. Maar als het eenmaal herfst is, is het verschil met vorig jaar nauwelijks te zien.

Soms duurt het even voor we in de gaten hebben dat ons opnieuw beginnen niet meer is dan een herhaling van wat we eerder deden. De migrant, die een nieuw bestaan wilde opbouwen in een nieuw moederland, komt er na verloop van tijd achter dat zijn leven minder anders is dan hij had gehoopt. De vrouw die verwachtte dat ze meer zelfvertrouwen zou hebben na haar borstvergroting, blijkt – eenmaal gewend aan haar nieuwe borsten – weer andere redenen te hebben om aan zichzelf te twijfelen. De man die na zijn hartinfarct zeker wist dat hij nooit meer zou roken, kan als de ergste dreiging voorbij is, het toch niet nalaten er weer een op te steken. En zelfs die geliefde die zo anders leek dan alle eerdere geliefden blijkt na een aantal jaren toch op haar voorgangsters te lijken. Hoe komt dat? Kent het leven zo weinig variatie, en vervallen we daarom zo gemakkelijk in herhaling? Hebben we onvoldoende middelen tot onze beschikking om ons bestaan werkelijk te vernieuwen? Of is het voor mensen eenvoudigweg te moeilijk om een echt nieuw bestaan op te bouwen?
Het eerste argument – het menselijk bestaan kent te weinig variatie – kan het niet zijn. Als we om ons heen kijken, zien we overal mensen die anders leven en zijn dan wijzelf. Ze hebben andere karakters, andere relaties, andere omgangsmanieren, andere wijzen van in het leven staan. De wereld zit vol diversiteiten. Geen reden dus om te denken dat het niet anders kan.

Ook het tweede argument – we hebben niet genoeg middelen om iets nieuws te bewerkstelligen – is niet houdbaar. Nieuwe kansen worden niet alleen verschaft door de goden, de natuur of het lot. In het hedendaagse leven komen tal van technologieën en medische behandelingen tegemoet aan het verlangen om opnieuw te mogen beginnen. Orgaandonaties, chemo- en stamceltherapieën kunnen mensen voor de poorten van de dood wegslepen en hen de kans geven om opnieuw te beginnen. Informatie- en communicatietechnologie stelt individuen in staat hun identiteiten los te laten en zichzelf op het internet nieuw vorm te geven (op Second Life, dating sites, in chatboxen). Geslachtsveranderende operaties maken het transseksuelen mogelijk een nieuw bestaan als het andere geslacht op te bouwen. Cosmetische chirurgie biedt mannen en vrouwen kansen om hun lijf er opnieuw jong uit te laten zien. De mogelijkheden om opnieuw te beginnen zijn ook vergroot door het losser worden van sociale verbintenissen – men wordt er niet meer op aangekeken als men zijn oude leven, inclusief familie of traditionele achterban, achter zich laat en een nieuw bestaan opbouwt (met nieuwe partner, nieuwe vrienden, in een nieuwe omgeving of nieuwe baan).

 

Angst

We zullen dus met het derde argument aan de slag moeten: kennelijk vergt het nogal wat om echt anders te worden dan wat of wie we zijn. Dat heeft met angst voor het onbekende te maken, én met het verlangen naar stabiliteit en continuïteit.

Wat de angst betreft: iets wat volstrekt nieuw is roept niet alleen hoop, maar ook angst op. Dat is bijvoorbeeld te zien aan hoe we omgaan met de ontwikkelingen in de genetica en genomics. Hoezeer wetenschappers en bedrijfsleven ook spreken in termen als hoop, innovatie, creativiteit en vooruitgang, ze slagen er niet in om de maatschappelijke angsten voor het onvoorspelbare en onbekende weg te nemen. We weten maar al te goed dat dingen goed én slecht kunnen aflopen. De vrees dat de genetische toekomst slechter zal zijn dan wat we nu hebben en dat, als het eenmaal zo ver is, we niet meer terug kunnen, maakt ons voorzichtig. De maatschappelijke tendens ten opzichte van genomics is daarom dat we ons niet al te roekeloos in het nieuwe moeten storten. Maar juist die voorzichtigheid zou wel eens de reden kunnen zijn dat we er niet in slagen iets werkelijk nieuws tot stand te brengen. Iemand die dat echt wil, zal zijn angst moeten beheersen. Hij moet de moed hebben het verleden los te laten en zich onverdroten in de onbekende toekomst storten.

De oude Griekse mythe van Orpheus en Eurydice leert dat een dergelijke moed bijna het onmogelijke vraagt van een mens. Orpheus wordt door de goden van de onderwereld in de gelegenheid gesteld om opnieuw te beginnen. Hij mag zijn geliefde Eurydice, die gestorven is na een beet van een adder, uit het dodenrijk halen om opnieuw met haar het leven op aarde te delen. De goden stellen één voorwaarde: Orpheus mag tijdens de tocht uit het dodenrijk niet achterom kijken. Die voorwaarde is begrijpelijk: iemand die opnieuw wil beginnen, moet de moed hebben het verleden daadwerkelijk achter zich te laten en zich volledig over te geven aan dat wat komen gaat. Onderweg naar boven raakt Orpheus echter bevangen door twijfel: loopt zijn vrouw wel echt achter hem aan? Hoe zeker is het dat ze hun leven op aarde opnieuw kunnen delen? Als hij zich niet langer kan beheersen, en achterom kijkt, is alles verloren. Eurydice zweeft terug naar de onderwereld, en Orpheus slijt zijn dagen op aarde in eenzaamheid. Opvallend is dat de mythe uiteindelijk toch troost biedt. Als Orpheus overlijdt, mag zijn ziel zich in de onderwereld herenigen met die van zijn geliefde. Opnieuw beginnen – in de zin van de tijd terugdraaien – bleek niet mogelijk, maar een echt nieuw bestaan in een andere wereld ten slotte wel.

De moraal van de mythe lijkt te zijn dat een nieuw bestaan pas mogelijk is als we alles, inclusief onszelf, achterlaten. Ook in de filosofie is het idee dat iets of iemand moet sterven of verdwijnen, voordat men zichzelf of het bestaan op een nieuwe manier kan vormgeven, niet onbekend. Zo meende de Franse filosoof Michel Foucault dat we alle identiteiten die ons door instituties of andere sociale mechanismen in de loop der eeuwen zijn opgelegd, moeten weigeren. Pas dan kunnen nieuwe vormen van bestaan worden uitgevonden. Zijn landgenoot Georges Bataille ging een stap verder. Hij meende dat we slechts iets van het echt onbekende en nieuwe kunnen ervaren, als we bereid zijn de grens tussen leven en dood te verkennen. Dat die ervaring huiveringwekkend kan zijn, gaf Bataille graag toe. Ook in het politieke denken is de gedachte dat het oude moet sterven om ruimte te maken voor het nieuwe een veelgehoord geluid.

Vervreemding

Revoluties, alle schepen achter je verbranden of een pakje sigaretten gaan halen en niet meer terugkomen, zijn radicale vormen van opnieuw beginnen. Toch weerhoudt niet alleen de angst ons ervan om dit soort radicale stappen te zetten. We worden ook tegengehouden door het verlangen naar stabiliteit en continuïteit. Enerzijds is dat een verlangen naar continuïteit van onszelf en ons bestaan – we hebben er behoefte aan onszelf door de tijd heen als een eenheid te ervaren –, anderzijds is het een verlangen naar continuïteit van de omgeving – we willen ons kunnen blijven identificeren met de mensen en dingen om ons heen. Wie radicaal breekt met het verleden, loopt het risico zichzelf te verliezen en niet goed meer te weten wie of wat hij is. Een radicale verandering van omgeving kan hetzelfde effect hebben: een ziekenhuisopname, verlies van een naaste, een ramp of het winnen van de postcodeloterij kan zich als een radicale breuk met het verleden voordoen. De draad die het verleden met het heden verbindt, wordt verbroken. Plotsklaps bevindt men zich in een nieuwe situatie, die niet als vanzelf uit de eerdere voortvloeit. De vervreemding die dit oproept, maakt dat we er alles aan willen doen om de draad weer op te pakken: ofwel door een nieuw verhaal te construeren, waarin verleden en heden weer met elkaar worden verbonden, ofwel door de veranderingen in de omgeving zoveel mogelijk ongedaan te maken en het oude in ere te herstellen. Het verlangen naar continuïteit betreft daarom niet alleen onszelf, maar ook de anderen en de omgeving. Hoe zou het bijvoorbeeld de vrouwen vergaan die onder het oog van de televisiecamera een extreme make-over ondergingen? Accepteert hun omgeving hun metamorfose? Blijven ze zelf in hun metamorfose geloven? Of worden ze na enige tijd toch weer enigszins de oude? Waarschijnlijk is het laatste het geval. De wereld en het leven zouden immers onverdraaglijk zijn als alles en iedereen voortdurend radicaal met het verleden zou breken om zichzelf en het bestaan opnieuw vorm te geven. Het individuele en maatschappelijke leven kan niet zonder stabiliteit en continuïteit.

Echt opnieuw beginnen is slechts weggelegd voor de enkeling die bereid is radicaal te breken met zichzelf, zijn omgeving en verleden. Maar zelfs iemand die daartoe in staat is, merkt op enig moment dat het oude leven zich weer aandient: oude vrienden bellen op, oude gedragspatronen keren terug, op het internet wordt informatie van jaren her aangetroffen, gegevens over ziektes en aandoeningen blijken langer bewaard dan toegestaan. Het idee dat het verleden kan worden gewist is een illusie.

Geboorte

Iets nieuws beginnen is alleen mogelijk binnen het reeds bestaande. De voorwaarden ervoor moet niet worden gezocht in het sterven of achterlaten, maar in het geboren worden, zoals de Duits-Amerikaanse filosoof Hannah Arendt stelde. Iedere geboorte is een uniek en nieuw begin in een wereld die al langer bestaat. Elke pasgeborene brengt iets nieuws in de wereld. Op dezelfde manier kan elk mens, omdat hij uniek is, iets nieuws of onverwachts in gang zetten binnen de bestaande verhoudingen. Zo zal iemand die zich uitspreekt over haar werksituatie, relatie of samenleving en het initiatief neemt om dingen anders aan te pakken, meer verandering teweeg brengen dan iemand die plompverloren vertrekt om elders opnieuw te beginnen. De transseksueel die binnen zijn bestaande omgeving zichzelf als het andere geslacht weet te profileren, zal vaak meer verandering teweeg brengen dan degene die alles achter zich laat en elders een nieuw leven begint. Soms kan zelfs een kleine verandering in de dagelijkse routines onverwachte en nieuwe effecten hebben. Iets nieuws beginnen hoeft daarom niet in te houden dat we alles achterlaten, onszelf verliezen of iets weg moeten doen om ruimte voor het nieuwe te maken. Er is altijd ruimte voor iets nieuws, net zoals er altijd ruimte is voor een nieuwe pasgeborene.

Wat betekent dit voor Orpheus? In plaats van eindeloos te treuren, had hij zijn verdriet om Eurydice ook kunnen verwerken, en op zoek kunnen gaan naar een andere vrouw. Had het leven hem niet vele malen meer nieuws en onverwachts geboden, als hij zichzelf had kunnen openen voor het nieuwe dat om hem heen voorhanden was? Het verlangen om met een schone lei te beginnen is een onmogelijk verlangen. Echt opnieuw beginnen vergt de moed om juist in het bestaande iets nieuws in gang te zetten.
 

Alain Badiou: ‘Opnieuw beginnen is het enige dat telt’

Dat stelt de Franse filosoof aan het eind van Logiques des mondes (2006), deel 2 van zijn baanbrekende L’Être et l’événement (1988). Volgens hem is dat een voorwaarde om werkelijk te leven, want zonder de mogelijkheid te veranderen zijn we weinig meer dan apen op zoek naar de volgende banaan. De mens is het juist als enige dier gegeven om gegrepen te worden door een ontmoeting die zijn dagelijkse bestaan onderbreekt en hem de kans biedt gehoor te geven aan die nieuwe belofte: ‘een amoureuze ontmoeting, het plotselinge gevoel dat dit gedicht aan jou gericht is, een aanvankelijk obscure wetenschappelijke theorie waarvan de schoonheid je overweldigt, of de actieve geest die bezit neemt van een politieke plek…’. Dat zijn volgens Badiou momenten waarop de mens boven zichzelf uitstijgt en deelneemt aan een ‘waarheid’ die universeel en tijdloos is: zo ervaren we in de liefde wat is vastgelegd sinds Héloïse en Abélard (al hopen we dat het niet zo afloopt), drukt een kunstwerk iets uit waarover al sinds prehistorische grottekeningen niet te spreken valt, treden we in de fysica in de voetstappen van Galilei en Einstein en brengen we in de politiek idealen in praktijk waar verdrukten, van Spartacus tot arbeiders en hedendaagse asielzoekers, voor strijden. Deze ideeën keren telkens terug in nieuwe gedaanten; altijd zijn er overrompelende gebeurtenissen mogelijk in het kielzog waarvan we ons leven kunnen veranderen. Toch verkiezen we meestal het comfort van zekerheid boven het risico van het ongewisse. Daarom spoort Badiou ons aan om opnieuw te beginnen – telkens weer.

Hannah Arendt: Vrijheid is geworteld in de geboorte

Volgens Hannah Arendt is een mens juist een mens omdat hij opnieuw kan beginnen. Daardoor stijgt hij uit boven de loutere biologische nooddruft van dieren, en is hij daadwerkelijk vrij. Arendt denkt bij vrijheid overigens niet aan de liberale opvatting, namelijk de mogelijkheid om te kunnen kiezen tussen een aantal opties, want die is haar te tam. Bij haar is vrijheid het onverwachte kunnen doen, en radicaal breken met wat was. Deze vrijheid is geworteld in de geboorte – Arendt spreekt van nataliteit – omdat iedere geboorte een nieuw begin symboliseert. De mens, zegt Arendt, is geboortelijk; daarmee doelt ze niet alleen op de biologische geboorte, maar vooral op het feit dat de mens de wereld tegemoet treedt, zijn opvattingen meedeelt aan andere mensen, met hen van mening kan verschillen, en daarmee hoe dan ook iets nieuws, iets onverwachts brengt. Geruststellend is dat overigens niet, vaak zelfs beangstigend, want het betekent dat we moeten leren omgaan met mensen die écht van ons verschillen met pluraliteit, zoals Arendt zegt teneinde onze menselijkheid te behouden. Menselijk handelen dat in het teken staat van opnieuw beginnen, betekent plaats geven aan het vreemde, en soms datgene doen wat onmogelijk leek. Arendt spreekt over ‘vergeven’, en – zeer actueel – ‘asiel verlenen aan mensen zonder papieren’. Arendt heeft op huiveringwekkende wijze laten zien dat angst voor pluraliteit de brandstof is waarop totalitaire regimes draaien. Zij winnen het volk voor zich door een samenleving in het vooruitzicht te stellen waarbinnen al het nieuwe en het vreemde is geëlimineerd. Maar juist daardoor verdwijnt alle menselijkheid. Totalitaire regimes willen immers nooit opnieuw beginnen, maar louter een programma tot uitvoer brengen. Daarbinnen is geen plaats voor vergeving of asiel.

Michel Houellebecq: ‘Er bestaat een mogelijkheid van een eiland binnen de tijd’

In zijn boeken laat de controversiële schrijver Michel Houellebecq de mensheid voortdurend afrekenen met zichzelf. ‘Onze maatschappij gaat ten onder’, zo stelt hij, en ‘de oorzaak van alle kwaad is de vrijheid.’ Toch houden mensen in zijn werk nooit op te bestaan. Ze beginnen steeds weer opnieuw, steeds op een andere manier en zoeken daarbij voortdurend naar het geluk. Een utopie biedt de mogelijkheid om een cynisch standpunt te verlaten en van die mogelijkheid maakt de schrijver gretig gebruik. In Mogelijkheid van een eiland gaat de individualistische mensheid ten onder en maakt zij plaats voor een nieuwe intelligentere, gekloonde soort. Het verhaal begint bij Daniel, een cynische komiek die met zijn zwarte en keiharde humor, ‘Weet je hoe we het vet noemen dat om een vagina heen zit? – Nee – Vrouw’, de zwakke plekken van deze tijd blootlegt. Hij belichaamt het individualisme, de seksuele vrijheid, het liberalisme en het materialisme; allemaal zaken die de mensheid uiteindelijk kapot zullen maken volgens Houellebecq. Daniels leven is succesvol op alle gebieden, maar eenzaam. Zijn geluk is hooguit tijdelijk. Hij raakt verwijderd van zijn mens-zijn en belandt ‘op een eiland’.

Vele eeuwen later heeft de mensheid plaats gemaakt voor een nieuwe, intelligentere en gekloonde soort. Met verwondering beschrijven twee klonen van de hoofdpersoon (Daniel 24 en Daniel 25) hun voorvader en onze huidige samenleving. Zelf zijn ze volledig onthecht, emotieloos en aan banden gelegd. Het individualisme bestaat niet meer. In de wereld waarin zij leven ontbreekt iedere kleur. Het leven dat zij leiden kent toppen noch dalen, alles is er altijd gelijk. Ook zij leven op een eiland; ze zijn er op beland door de koers te volgen die onze samenleving heeft ingezet. Puur op basis van zijn rede verlangt Daniel 25 aan het einde van het boek terug naar wat ooit menselijk was. Hij verlangt naar wat de mensen liefde noemden met het geluk en het verdriet dat daarbij hoort. Hij verlaat zijn onthechte en geïsoleerde wereld en onderzoekt wat de mogelijkheden zijn op het eiland waar hij zich op bevindt. ‘Er bestaat een mogelijkheid van een eiland binnen de tijd.’ Door opnieuw te beginnen, hoopt de kloon terug te komen in een wereld met liefde en haat. ‘Die wereld’, meent de kloon aan het einde van het boek ‘was namelijk echt.’