Home ‘We verliezen ons in logistiek gegoochel’

‘We verliezen ons in logistiek gegoochel’

Waar is de bezielde ervaring gebleven? Met de roman Blindgangers geeft filosofe Joke J. Hermsen een literair vervolg aan haar succesvolle essay Stil de tijd.

Door Annette van der Elst op 29 maart 2012

Joke Hermsen filosoof Beeld Kick Smeets / Hollandse Hoogte
Cover van 04-2012
04-2012 Filosofie magazine Lees het magazine

Ze rennen als kippen zonder kop door het leven, de personages in Blindgangers, de recent uitgekomen roman van schrijfster en filosofe Joke J. Hermsen. ‘Zodra ze een interessante gedachte hebben, worden ze onderbroken door een ringtone, en hup: ze richten zich op een of ander scherm. En het lukt de anderen, die dit gedrag ter discussie stellen, maar niet om gehoor te krijgen’, zegt Hermsen over haar personages – een groepje veertigers, vastgelopen in hun carrières en in hun huwelijken. ‘Blindgangers is een literaire verwerking van de problematiek die ik in Stil de tijd heb beschreven. Dat is een essay, dus betogend van aard; dit is een roman, waardoor de thematiek meer indringend en ervaarbaar wordt.’

Centraal staat in haar boeken een volgens Hermsen complexe en overspannen samenleving, die diepgaande  reflectie en bezielde ervaringen bijna onontkoombaar in de verdrukking brengt. ‘De samenleving vraagt zoveel van ons. De eisen worden steeds meer opgeschroefd; we rennen maar door, verliezen ons in logistiek gegoochel doordat we de eisen van werk, gezin, familie en vrienden in te weinig tijd moeten combineren.’

Een belangrijke en funeste rol in die overspannen samenleving speelt de communicatietechnologie – waarbij snelheid de norm is en de eis van bereikbaarheid domineert. Zo komt in de roman een scène voor waarin twee van de mannelijke hoofdpersonen midden in het besneeuwde en lege Drentse landschap hysterisch en radeloos schreeuwen dat ze geen bereik hebben.

Maar ondanks haar kritiek op smartphone en e-mail, maakt Hermsen er zelf toch gebruik van. Waarom? ‘Toen e-mail opkwam, heb ik aanvankelijk geweigerd dit middel te gebruiken. Ik hield en houd nog steeds van brieven. Maar leven zonder e-mail is niet vol te houden, en dat is ook meteen het probleem: je kunt niet ontsnappen aan al die communicatiemiddelen die ons in een hoog tempo hebben overspoeld. En ik merk hoe ze je denken en schrijven beïnvloeden. In het begin schreef ik mijn mails alsof het brieven waren. Nu schrijf ik ze in korte en zakelijke zinnen, vaak in grote haast.’  

Fragmentarische stroom

Hoe handig de moderne communicatiemiddelen ook zijn, het probleem is volgens Hermsen dat ze onvermijdelijk onze ervaring van de wereld veranderen. ‘De nieuwe media lijken ons vermogen tot concentratie en contemplatie uit te hollen. Onze hersenen verwerken informatie op de manier zoals internet die verspreidt: in een snel bewegende fragmentarische stroom. Dat is van invloed op onze geest. We surfen van site naar site; het wordt steeds moeilijker om op diepgaande wijze te reflecteren en wezenlijke vragen te stellen. Terwijl we pas mens worden als we over onszelf en de wereld nadenken.’

Voor sommige personages in Blindgangers lijkt uiteindelijk niets meer van waarde; ze verglijden in een vorm van cynisch nihilisme. ‘Het nihilisme heeft onze horizon uitgewist. Zonder nieuwe lichtbakens – in de vorm van nieuwe verhalen, mythes, waarden of idealen – worden we cynische en egocentrische individualisten.’

Een van de uitingen van dit nihilisme in de roman is de worsteling met de liefde, het onvermogen om nog echt lief te hebben. Van de huwelijken van de zeven personages is dan ook weinig meer over. Hermsen: ‘Ware liefde is ware vriendschap, namelijk een hartstochtelijke interesse in de ander. De meeste (na)huwelijken mislukken niet vanwege een gebrek aan liefde, maar vanwege een gebrek aan vriendschap, zoals Nietzsche schreef. Om werkelijk belangstelling voor de ander te kunnen opbrengen is, net als voor het denken, tijd en rust nodig.’

Opmerkelijk is de platte taal die sommige personages in de roman bezigen, bijvoorbeeld de neurochirurg Johan. Waarom daarvoor gekozen? ‘Hij praat in clichés, omdat hij nergens meer in gelooft en alleen nog wil genieten en zijn primaire lusten wil bevredigen. Hij is het prototype van de nihilistische hedonist en praat dus ook zo. En hij is niet de enige,’ licht Hermsen toe. ‘Das Gerede, zoals Heidegger deze clichétaal noemt, heeft steeds meer terrein gewonnen.’

Hermsen verwijst naar de Franse filosoof Maurice Blanchot (1907-2003), die een onderscheid maakt tussen alledaagse taal en de taal van de literatuur. Het woord ‘vogel’ verwijst in het normale taalgebruik naar de idee vogel. In de literaire taal kan het woord ‘vogel’ veel meer betekenen, en kan het worden losgemaakt van de gangbare en directe betekenis. Die vrijheid kan vervolgens weer het alledaagse taalgebruik verrijken. Zo is juist de literatuur de bron van ideeën en van reflectie. ‘Het onderscheid tussen die twee talen verdwijnt echter. Net zoals de tweestemmigheid van de mens steeds minder ruimte krijgt. Ik maak in navolging van denkers als Bloch en Arendt een onderscheid tussen een bewust ik en een onbewust zelf, en die twee zijn als het goed is met elkaar in dialoog.’  

Hoop

De boodschap van Hermsen lijkt wel erg somber… ‘Ja, maar er moet ook iets veranderen. Toch is mijn roman niet zonder hoop. In het laatste hoofdstuk van het boek is de toon anders. Er moest een keer komen, een andere stijl, weg van het harde realisme. Iets als troost, pure verbeelding moest aan het woord komen, en wel zodanig dat wat je ervoor gelezen hebt in een heel ander perspectief komt te staan. Wat de personages doen, is namelijk nooit het hele verhaal. Er blijft veel ongezegd, wat sluimert op de bodem van de ziel. In het laatste hoofdstuk is ruimte voor hoop en een nieuw begin. Zowel Hannah Arendt als Ernst Bloch begrijpt de mens als een wezen dat uitstaat naar het begin, het novum, het “nog niet”. Voor hen is de hoop het anticiperen op de toekomst, en dat heb ik in deze roman met behulp van de verbeelding laten zien.’

‘Het komt erop aan het hopen te leren’, schrijft Bloch in het voorwoord van Das Prinzip Hoffnung, dat hij tijdens de Tweede Wereldoorlog schreef. Het zijn de kinderen in Blindgangers die deze hoop verbeelden. Hermsen: ‘Want tijd is ook hoop.’  

Dit artikel is exclusief voor abonnees

Dit artikel op Filosofie.nl is alleen toegankelijk voor abonnees. Met liefde en zorg werken wij iedere dag weer aan de beste verhalen over filosofie. Steun ons door lid te worden voor maar €4,99 per maand. Log in om als abonnee direct verder te kunnen lezen of sluit een abonnement af.