Home Slavoj Žižek: ‘We naderen het nulpunt’

Slavoj Žižek: ‘We naderen het nulpunt’

Door Ivana Ivkovic op 30 november 2009

Cover van 10-2009
10-2009 Filosofie magazine Lees het magazine

‘Een gematigd apocalyptisch denker’ noemt de Sloveense filosoof Slavoj Žižek zichzelf. Onze wereld zal ten onder gaan door milieurampen en de opstand der nieuwe paria’s – in 2030 leven er 2 miljard uitgeslotenen. Maar het echte probleem is dat we niet wíllen ingrijpen.

Dit artikel is exclusief voor abonnees

Dit artikel op Filosofie.nl is alleen toegankelijk voor abonnees. Met liefde en zorg werken wij iedere dag weer aan de beste verhalen over filosofie. Steun ons door lid te worden voor maar €4,99 per maand. Log in om als abonnee direct verder te kunnen lezen of sluit een abonnement af.


Zwartkijken zit Slavoj Žižek in het bloed. In een Amsterdams eetcafé bestudeert de Sloveense filosoof het menu en zegt: ‘Kijk, ze hebben hier een gerecht dat een combinatie is van drie kleine gerechten. Ze schuiven vast de restjes van andere gasten bij elkaar – daarom serveren ze het ook pas na drieën!’
Met dezelfde schuine blik waarmee hij het menu leest, ‘leest’ Žižek ook onze westerse samenleving en cultuur. Hij staat bekend als een dwarse geest die heilige huisjes graag tegen de vlakte ziet gaan. Als auteur van meer dan dertig boeken is Žižek een filosofische vedette, en hij leeft daar ook naar. Hoewel officieel verbonden aan de Universiteit van Ljubljana en de European Graduate School in Zwitserland, woont de filosoof overal en nergens. Hij reist de wereld rond om debatten en lezingen te houden, en slaapt zelden twee nachten lang in hetzelfde hotel. Het gejaagde tempo van zijn leven weerspiegelt zich in zijn manier van praten: staccato en gepassioneerd. Žižek heeft op elke vraag onmiddellijk een reeks antwoorden, commentaren en voorbeelden paraat, die erom strijden als eerste te worden verteld. Wie erin slaagt hem ondanks zijn bonte, chaotische presentatie te blijven volgen, ontdekt dat hij heel consequent en scherp kan zijn.
Het Nederlandse publiek kan Žižek onder meer hebben leren kennen door Pleidooi voor intolerantie (Boom, 2000). Daarin ontmaskert hij tolerantie als een subtiele manier om onze westerse superioriteit ten opzichte van andere culturen te bevestigen (‘Kijk eens hoe tolerant wij zijn’). Zo vestigde hij zijn reputatie van een ‘politiek incorrecte’ linkse denker. Ook is hij bekend om zijn analyses van populaire cultuur en film, geënt op psychoanalyse en de ideeën van de Franse denker Jacques Lacan. Onder zijn blik veranderen zelfs de meest onschuldige handelingen in een zwarte komedie, die toont hoe zinloos ze zijn. Zo beweert Žižek dat de knop in de lift die de deuren zou moeten sluiten geen effect heeft op de deuren, maar bedoeld is om degene die er getergd op blijft drukken het idee te geven dat hij zinvol bezig is en de zaak in eigen hand heeft.
Zijn kijk op onze cultuur moge dan vermakelijk absurdistisch zijn, wanneer Žižek een blik in de toekomst werpt, maakt de komische noot plaats voor pessimisme. Hij waarschuwt: er is zwaar weer op komst. ‘Onze wereld kampt met een reeks ernstige problemen. We kunnen die niet negeren, want dan stevenen we af op een ramp. Maar ik zie niet hoe het huidige globale politiek-economische systeem deze problemen het hoofd kan bieden. Neem nou het milieu. Het broeikaseffect zal, als het doorzet, een wereldwijde catastrofe veroorzaken. Ondertussen proberen wij de milieukwesties nog steeds voor het grootste deel via het marktmechanisme aan te pakken. Minder autorijden? – verhoog de accijns op benzine. Dat werkt tot op zekere hoogte, zolang de problemen niet te groot zijn en niet te veelomvattend worden. En het werkt alleen als we tijd hebben om de markt zijn werk te laten doen. Maar die tijd hebben we niet. Het probleem is acuut, het vraagt om drastisch ingrijpen – nu.’
Hoe stelt Žižek zich dit drastisch ingrijpen dan voor? ‘We zouden een grootscheepse collectieve actie op touw moeten zetten om de opwarming van de aarde een halt toe te roepen. Maar tot op heden is men daar onvoldoende toe bereid. Hoe we dat voor elkaar moeten krijgen, is een heel andere – en lastige – vraag. Maar het begint in ieder geval met het besef dat wat we nu doen ontoereikend is.’

Nieuwe apartheid
‘Dan is er het probleem van de nieuwe apartheid. Steeds meer mensen leven in een soort grijze zone, uitgestoten van deelname aan de maatschappij. Zij zijn de nieuwe paria’s. Ik heb het niet alleen over illegalen, maar ook over mensen die formeel wel staatsburgers zijn. Op dit moment leven een miljard mensen in slums, en volgens prognoses is dat in 2030 het dubbele. Al zijn de buitenwijken van grote steden in Europa en de VS geen slums, toch behoren degenen die er wonen evengoed tot de uitgeslotenen. Als je in een “verkeerde” wijk in de VS bent geboren, zijn je kansen op een opleiding, een baan en een normaal leven minimaal. We doen er niet genoeg aan om deze mensen weer binnenboord te halen. Als we dat niet voor elkaar krijgen, kunnen we binnenkort onrusten verwachten en uiteindelijk ook een soort burgeroorlog. De rellen in de banlieues van de Franse steden waren niet de laatste eruptie van onvrede, we kunnen er meer verwachten. Al deze problemen staan op het punt om tot een uitbarsting te komen. We naderen een soort nulpunt.’
Is Žižek een doemdenker die alleen catastrofes in het vooruitzicht stelt? Zelf vindt hij van niet: ‘Ik ben een gematigd apocalyptisch denker. Het nulpunt is niet noodzakelijk een catastrofe, maar wel een radicale omwenteling. De liberale democratie en het kapitalistisch systeem zoals we die kennen, naderen hun einde. Francis Fukuyama kondigde in de jaren negentig hun definitieve overwinning aan, en daarmee het “einde van de geschiedenis”. Nu vertoont dat systeem overal barsten, zoals de recente economische crisis ons heeft laten zien. Wij zijn bang met dit systeem ten onder te gaan, omdat we nog steeds denken dat er geen alternatief is, dat we hiertoe veroordeeld zijn. Dat noem ik pas doemdenken. Het is zo fatalistisch om te denken dat we onze politiek en economie niet op een andere manier kunnen organiseren. De ondergang van het liberalisme hoeft niet de ondergang van de mens te zijn.’

Verantwoord consumentisme
In Žižeks ogen ontslaat de onafwendbaarheid van dit ‘nulpunt’ ons niet van onze verantwoordelijkheid. Maar welke kansen hebben we om deze problemen aan te pakken? Kunnen individuen nog wel iets uitrichten? ‘Ik ben op dit punt een pragmaticus’, stelt Žižek. ‘We moeten doen wat werkt. Soms werkt de individuele aanpak wel. Ik heb bewondering voor mensen die naar de andere kant van de wereld afreizen om daar een kleinschalig ontwikkelingsproject op te zetten.’ Vindt Žižek dat iedereen een steentje zou moeten bijdragen, al is het maar door Max Havelaar-koffie te drinken? ‘Nee, het ligt ingewikkelder. Het verantwoord consumentisme is eerder de nieuwste hype, en niet zozeer een daad van verzet tegen uitbuiting of beschadiging van het milieu. In de jaren negentig probeerden bedrijven ons een lifestyle te verkopen – ervaringen, belevenissen. Nu proberen ze ons een moraal te verkopen. Kijk naar Starbucks. De advertentiecampagne vertelt dat je daar veel meer dan een kop koffie kunt kopen: je koopt een persoonlijke ethiek. Je komt bij Starbucks op een plaats waar je niet alleen koffie kunt kopen, maar waar ook mensen elkaar ontmoeten, waar je een deel van de gemeenschap bent. Die koffie is geteeld op een verantwoorde manier, met aandacht voor mens en milieu. Dus je koopt ook een stukje ecologisch bewustzijn. Nu kun je wel zeggen: ‘‘Het is niet alles’’, maar alle kleine beetjes helpen, en het is belangrijk dat we bewuster leren omgaan met het milieu. Alhoewel, het is een dubbeltje op zijn kant. Het kan net zo goed een drogredenering zijn. Dit soort producten kopen maakt ons dan niet bewuster. Integendeel, het stelt ons gerust, waardoor we niet langer de drang voelen er écht over na te denken. We denken: kijk eens hoe we ons wentelen in goedheid! Ondertussen valt onze levensstijl nog steeds niet te rijmen met wat deze planeet kan verdragen. Dat is het ultieme doel van het kapitalisme: ons laten ophouden met denken.’
Maar getuigt Starbucks dan niet op z’n minst van de bereidheid om de economische misstanden achter een product als koffie aan de kaak te stellen? Žižek is voorzichtig. ‘Die bereidheid is beperkt. Natuurlijk willen we best wat ontwikkelingshulp geven of een grote actie op touw zetten om de slachtoffers van een ramp te helpen, maar we grijpen niet in als we daarmee het economisch systeem in gevaar brengen. Congo is hiervan een goed voorbeeld. De grootste ramp van het afgelopen decennium. Er zijn miljoenen mensen doodgegaan. Wat er in Congo gaande is, is geen etnisch conflict. Het gaat om de controle van belangrijke grondstoffen, zoals koltan, dat fabrikanten gebruiken om mobiele telefoons te maken. Door de burgeroorlog hebben de warlords deze markt in handen gekregen. Het Rwandese leger heeft meer dan 250 miljoen dollar verdiend aan de verkoop van koltan. En wij zijn niet bereid in te grijpen om dit conflict te beëindigen. Ik denk ook niet dat we op een meer individueel niveau bereid zijn onze mobiele telefoons op te geven. Waarom zouden we ook? We drinken toch al koffie bij Starbucks?’
Vindt Žižek de hypocrisie van dit economische systeem dan zo stuitend? ‘Nee, nee, ik heb niet zoveel tegen hypocrisie. Hypocrisie wil zeggen dat je dingen niet doet met een oprechte, integere motivatie, maar uit opportunisme, of voor de vorm. Maar je doet het tenminste.’ Als hypocrisie niet het probleem is, wat dan wel? ‘Ons grootste probleem vandaag de dag is niet zozeer de hypocrisie als wel het cynisme. En dat is in een zekere zin het omgekeerde probleem. Terwijl hypocrisie betekent dat je niet gelooft in wat je doet, wil cynisme zeggen dat je niet doet wat je gelooft.’ Het krijgt iets cynisch als je daadwerkelijk meent dat je door koffie te drinken bij Starbucks bijdraagt aan een betere wereld, terwijl bij wijze van spreken buiten de daklozen voorbijschuifelen. Cynisme is in feite de schaduwzijde van naïef optimisme: er dermate van overtuigd zijn dat je het goede doet dat je niet meer inziet dat je eigenlijk helemaal niets meer doet.
Dan liever een scheut pessimisme, dat het cynisme van onze handelingen doorziet, vindt Žižek: ‘We zeggen bijvoorbeeld dat we democratie en mensenrechten belangrijk vinden, maar we handelen er niet naar. Italië heeft nu een noodwetgeving in het leven geroepen om de illegale immigratie tegen te gaan. Die stelt het strafbaar om illegale migranten te helpen, zelfs als die in nood verkeren. In 2007 arresteerde de Italiaanse politie de complete bemanning van een Tunesische boot omdat die 44 vluchtelingen uit een zinkend schip had gered en aan land gebracht. De bemanningsleden kunnen maximaal vijftien jaar gevangenisstraf krijgen. Tegen vissers die vluchtelingen met stokken van hun boten afslaan en aan hun lot overlaten, treft Italië juist geen maatregelen. Onze democratische standaarden verwerpen racisme en discriminatie, maar we omarmen “redelijke beschermingsmaatregelen” die in de kern uiteindelijk net zo racistisch en discriminerend zijn. Dat is pure barbaarsheid met een menselijk gezicht. Cynisme is hier: dermate overtuigd zijn van de morele grootsheid van de EU dat je dergelijke praktijken afdoet als randverschijnselen.’
Heeft Žižek dan nog hoop op verandering? Verwacht hij dat ons op een dag de schellen van de ogen zullen vallen en we eindelijk inzien waar we mee bezig zijn? ‘Nee, ik denk dat politieke verandering vaak heel wat minder heroïsch en meer sluipend gaat. Ik zou eerder mijn hoop vestigen op hypocrisie. Want soms kunnen we alleen voor de vorm iets doen, waarbij we ons laten meevoeren door onze handelingen, en zo de hypocrisie overstijgen. Een vriend vertelde mij eens dat hij tijdens apartheidsrellen in Johannesburg zag hoe een politieman een zwarte vrouw achtervolgde met een wapenstok. De vrouw rende weg en verloor een sandaal. De politieman speelde ineens de gentleman. Hij staakte de achtervolging, raapte de schoen op en gaf die terug aan de vrouw. Vervolgens keken ze elkaar aan en beseften dat het nu echt te gek voor woorden zou zijn om de achtervolging weer in te zetten. De politieman draaide zich om en liep weg. Ik denk niet dat hij slechts oppervlakkig een racist was en dat er op het moment dat hun blikken elkaar kruisten een dieper authentiek humanisme sprak. Ik denk dat het precies omgekeerd was. Wat de politieman bewoog, waren uiterst oppervlakkige, automatische manieren – hij was beleefd, volgde de etiquette, en niet meer dan dat. Je reinste hypocrisie. Maar hypocrisie dient soms een goed doel, om erger te voorkomen. Als ik hypocriet ben en aardig doe tegen iemand die ik eigenlijk een klootzak vind, voorkomt dat dat we elkaar de hersens inslaan. Pure winst. Bovendien, zoals ik al zei, kun je worden meegevoerd. Ik vind dit een interessant model bieden voor hoe veranderingen kunnen gaan. Meestal hebben we het alleen over bewegingen die zuiver en authentiek beginnen, en later gecorrumpeerd raken. Maar het omgekeerde proces is veel belangrijker: iets begint als een leugen en overstijgt zichzelf. Fake it till you make it.’

SLAVOJ ŽIŽEK

1949 Geboren op 21 maart in Ljubljana in de Republiek Joegoslavië, in het tegenwoordige Slovenië
1967-1975 Studie filosofie en sociologie aan de Universiteit van Ljubljana
1971-1973 Assistent-onderzoeker aan de Universiteit van Ljubljana, totdat die hem ontslaat omdat zijn doctoraalscriptie ‘niet-marxistisch’ zou zijn
1973-1977 Militaire dienst in het Joegoslavische leger
1979-heden Onderzoeker bij het Instituut voor Sociale Wetenschappen, Universiteit van Ljubljana
1981 Promotie in de filosofie aan de Universiteit van Ljubljana
1982-1999 Gasthoogleraar aan universiteiten in o.a. Parijs, New York en Washington
1985 Promotie in de psychoanalyse aan de Université Paris-VIII
tot 1988 Lid van de communistische partij van Slovenië, die hij verlaat uit protest tegen de veroordeling van enkele onschuldigen in een politiek proces
1988-1990 Actief in bewegingen die strijden voor de democratisering van Slovenië
1989 Internationale doorbraak met zijn eerste Engelse boek, The Sublime Object of Ideology
1990 Kandidaat voor het presidentschap van de Republiek van Slovenië, voor de Liberale Democratische Partij. Niet gekozen
Heden
– Hoogleraar aan de European Graduate School te Zwitserland
– Publicatie van Geweld (vert. Ineke van der Burg, uitg. Boom, Amsterdam 2009, 224 blz., € 23,95) – Te gast in Nederland als één van de sprekers op de Nexus-conferentie 2009
 

Relevante berichten

Weekendlijstje Spijt
Weekendlijstje Spijt

Weekendlijstje Spijt

Bij zijn bezoek aan Congo op 8 juni betuigde de Belgische koning Filip spijt voor de Belgische wandaden tijdens de koloniale overheersing. Hoewel officiële excuses ontbraken, werd deze spijtbetuiging geprezen als een stap in de goede richting. Maar kun je wel excuses maken voor iets wat je zelf niet gedaan hebt? Wat betekent spijt hebben eigenlijk en waar dient het voor? In dit weekendlijstje vindt u vijf artikelen over spijt.

Lees meer
Kunstmatige intelligentie
Kunstmatige intelligentie
Bewustzijn

Een zelfbewuste computer is onze favoriete nachtmerrie

Een softwareontwikkelaar van Google veroorzaakte een media-storm door te stellen dat zijn werkgever gebruikmaakt van een zelfbewuste chatbot. Maar is dat wel mogelijk? En wat betekent het dat we computers ontwikkelen die ons kunnen doen geloven dat ze bewust zijn?

Lees meer
Woede
Woede

Weekendlijstje: Woede

Een groep woedende boeren trok afgelopen week naar het huis van minister Van der Wal om hun onvrede te uiten over de nieuwe stikstofmaatregelen van het kabinet. Hoewel er in de maatschappij begrip lijkt te bestaan voor de boosheid bij boeren, klinkt er ook kritiek op de manier waarop zij deze boosheid uiten. Wat is woede, hoe gaan er mee om en kunnen we het positief inzetten? Daarover meer in dit weekendlijstje.  

Lees meer
Verbeelding
Verbeelding

Weekendlijstje verbeelding

Kinderen fantaseren de wonderlijkste verhalen bij elkaar. Als volwassenen raken we die kinderlijke fantasie vaak een beetje uit kwijt. Zonde, want we kunnen veel leren van onze eigen verbeelding. Dit weekend een lijstje over fantasie en verbeelding.

Lees meer