Home Moreel dilemma Moreel dilemma: moet klikken kunnen?
Moreel dilemma

Moreel dilemma: moet klikken kunnen?

Bellen met een kliklijn of misstanden publiekelijk aankaarten – waar ligt de grens tussen een daad van geweten en een steek in de rug?

Door Jeroen Hopster op 03 februari 2020

bel bas van der schot beeld Bas van der Schot
Cover van 02-2020
02-2020 Filosofie magazine Lees het magazine

Op de lagere school is het gemeengoed: klikken is not done. Je moet een geheim kunnen bewaren, zeker als je klasgenoot er de dupe van is als je dat niet doet. Een ander verlinken is achterbaks en onder de gordel. Maar in de grotemensenwereld heerst de laatste jaren een andere moraal. In Nederland bestaan inmiddels tal van kliklijnen: meldpunten waar gevallen van misdaad, fraude en vandalisme anoniem kunnen worden aangekaart. Ook klokkenluiders, die misstanden binnen hun organisatie publiekelijk aan de kaak stellen, kunnen op steeds meer bijval rekenen. De Europese Unie bereidt regelgeving voor die klokkenluiders vanaf 2021 beschermt tegen vergeldingsmaatregelen van hun werkgever.

Maar is het wel zo wenselijk om affaires aan de grote klok te hangen? Moeten we klikkers en klokkenluiders inderdaad een hart onder de riem steken? Of moeten we juist meer oog hebben voor loyaliteit aan bedrijven en politieke organisaties?

Dit artikel is exclusief voor abonnees

Dit artikel op Filosofie.nl is alleen toegankelijk voor abonnees. Met liefde en zorg werken wij iedere dag weer aan de beste verhalen over filosofie. Steun ons door lid te worden voor maar €4,99 per maand. Log in om als abonnee direct verder te kunnen lezen of sluit een abonnement af.

Klokkenluiden is een positieve daad van ongehoorzaamheid

Ja

Klokkenluiders kunnen grote maatschappelijk impact hebben. Zonder klokkenluiders was er geen afzettingsprocedure tegen president Trump van start gegaan, waren de Panama Papers niet uitgekomen en was de Volkswagen-fraude met dieselmotoren niet aangezwengeld. We kunnen klokkenluiden beschouwen als een positieve daad van ongehoorzaamheid: iemand breekt een gangbare code of zwijgplicht, maar doet dat vanuit verantwoordelijkheidsgevoel. Er is een hoger goed in het spel, de gemeenschap moet voor een gevaar worden behoed. Klikkers en klokkenluiders nemen die verantwoordelijkheid op zich, de een anoniem, de ander met naam en toenaam. Vooral in dat laatste geval vergt dat flink wat moed, want wie een misstand publiek maakt hoeft doorgaans niet op veel steun te rekenen van collega’s, laat staan van leidinggevenden. Sterker nog: klokkenluiders moeten het in de praktijk vaak met het einde van hun loopbaan bekopen. Zij voeren doorgaans een eenzame strijd en lopen grote persoonlijke risico’s, terwijl ze het publieke belang juist dienen. Des te meer reden om hen nadrukkelijk te steunen.

Nee

Wanneer iemand grote geheimen openbaar maakt, raakt hij aan de belangen van veel personen. Wie zijn klokkenluiders om op eigen houtje te bepalen waar het algemeen belang bij is gediend? Politiek klokkenluiders zoals Edward Snowden en Julian Assange hadden geen democratisch mandaat voor hun onthullingen. En wat te denken van een beroeps- of bedrijfsgeheim, dat door openbaarmaking wordt geschonden? Zou loyaliteit tegenover cliënten, of oversten, niet zwaarder moeten wegen dan de transparantie waar de klokkenluider naar streeft? Waarden kunnen met elkaar botsen, en het is niet evident dat de waarde van loyaliteit altijd het onderspit moet delven. Datzelfde idee vinden we terug in de confucianistische filosofie. Confucius hoorde eens van een gouverneur over een rechtschapen man wiens vader een schaap had gestolen, waarop de rechtschapen man tegen zijn vader getuigde. Daarop antwoordde Confucius dat in zijn dorp ‘rechtschapen’ iets anders betekent: een rechtschapen zoon neemt het en public juist op voor zijn vader. Soms weegt loyaliteit tegenover familie zwaarder dan een wettelijke verplichting. Geldt zoiets ook niet in een bedrijfscontext, of in de politiek? Zou ook daar loyaliteit niet de voorkeur moeten krijgen?

Intentie

Er zijn verschillende criteria om te beoordelen of een daad van openbaarmaking ethisch verantwoord is. Zo doet de houding van klokkenluiders ertoe. Wat is hun intentie? Handelen ze onbaatzuchtig? Gaan ze er zelf op vooruit? Proberen ze hun eigen hachje te redden? Koesteren ze rancune tegenover hun werkgever? Ook het gewicht van de zaak is relevant. Is het inderdaad in het algemeen belang dat deze kwestie in de openbaarheid komt? Welke schade brengt dat teweeg? Neem een militair staatsgeheim: zelfs al is er sprake van een serieuze misstand, als er levens op het spel staan, moet een klokkenluider zich wel twee keer bedenken voor die gevoelige informatie naar buiten brengt. Ook van belang is de vraag of klokkenluiden een laatste redmiddel is. Kan het probleem niet intern worden opgelost? Zulke nuances maken dat de ene klokkenluider de andere niet is: per geval moet worden bekeken hoe prijzenswaardig zijn of haar daad is. Maar in elk geval gaat de lagereschoollogica niet altijd op: we zouden klikkers en klokkenluiders in veel gevallen niet moeten verguizen, maar vieren.