Home Pieter Steinz: ‘Ieder mens moet doen wat hij het best kan’

Pieter Steinz: ‘Ieder mens moet doen wat hij het best kan’

Door Frank Meester op 24 juni 2014

07-2014 Filosofie magazine Lees het magazine

De Duitse denker Immanuel Kant probeerde in zijn filosofie vier vragen te beantwoorden. 

Wat kan ik weten?
Wat moet ik doen?
Wat mag ik hopen?
Wat is de mens?

Frank Meester legt deze vragen voor aan mensen die in het nieuws zijn. Deze maand: publicist en directeur van het Nederlands Letterenfonds Pieter Steinz (1963). Een jaar geleden werd bij hem de ziekte ALS vastgesteld. Desondanks is hij nog steeds een productief schrijver. Onlangs verscheen zijn boek Made in Europe. De kunst die ons continent bindt. ‘Ik hoop dat mij de tijd en energie gegeven zijn om nog een paar dingen af te maken’.

Dit artikel is exclusief voor abonnees

Dit artikel op Filosofie.nl is alleen toegankelijk voor abonnees. Met liefde en zorg werken wij iedere dag weer aan de beste verhalen over filosofie. Steun ons door lid te worden voor maar €4,99 per maand. Log in om als abonnee direct verder te kunnen lezen of sluit een abonnement af.

Wat kan ik weten?
‘De verleiding is groot om de door mij bewonderde Socrates te parafraseren en te zeggen dat je hoogstens kunt weten dat je niets weet. Maar dat is flauw. Als historicus geloof ik wel degelijk dat er kennis is die je kunt vergaren en die je in een nieuw licht kunt zetten. Verbanden leggen, daar ben ik dol op. Dat heb ik gedaan in mijn “gids voor de wereldliteratuur” Lezen &cetera, en nu ook weer in mijn laatste boek Made in Europe. Laten zien hoe schrijvers, kunstenaars en ontwerpers elkaar – door ruimte en tijd heen – constant beïnvloeden en hoe ideeën uit de “hogere” kunst worden opgepikt, aangepast en verspreid in de populaire cultuur. De sculpturen van de Fransman Rodin waren een bron van inspiratie voor de abstracte Roemeense beeldhouwer Brancusi, en worden geparodieerd in bijvoorbeeld de Asterix-stripalbums. Maar het is ook interessant om te weten dat De Denker eigenlijk een afbeelding van Dante is die door Rodin werd “losgemaakt” uit zijn ontwerp voor de deur van een nieuw museum, en dat die Porte de l’Enfer een knipoog was naar de “Paradijspoort” die de renaissancekunstenaar Ghiberti maakte voor een kerk in Florence. Al die dwarsverbanden maken ook duidelijk dat er wel degelijk zoiets is als een gedeelde Europese cultuur – en dat is de onderliggende gedachte bij de 208 culturele “iconen” die ik in Made in Europe behandel.’
 
Wat moet ik doen?
‘Even afgezien van de morele geboden waaraan een mens zich heeft te houden (respecteer het leven, verspreid liefde, wees eerlijk, moedig en trouw): ieder mens moet doen wat hij of zij het best kan. In mijn geval is dat kennis overdragen. Als kandidaat-assistent aan de universiteit gaf ik met veel plezier les aan eerstejaarsstudenten, als boekenredacteur van NRC Handelsblad probeerde ik inzicht te geven in de wereldliteratuur, als directeur van het Letterenfonds liet ik het buitenland kennismaken met de Nederlandse literatuur, en als schrijver laat ik het verband zien tussen geschiedenis en cultuur. Drie jaar lang heb ik bovendien voor de radio een boekenrubriek in de zaterdagse Nieuwsshow gedaan, waarin ik mijn liefde voor de literatuur aan een groot publiek kon slijten.’

Wat mag ik hopen?
‘Dit is een vraag waar ik de afgelopen tijd veel mee bezig ben geweest en die ook een van de leidraden is van de column die ik sinds een paar maanden in de zaterdagkrant van NRC Handelsblad schrijf. Een jaar geleden werd bij mij ALS geconstateerd, een progressieve en ongeneeslijke spierziekte. De prognose was slecht, de verwachting was dat ik binnen een halfjaar in een rolstoel zou zitten. Er viel weinig te hopen, behalve dat ik erin zou slagen om een aantal dingen af te maken waar ik toen mee bezig was: Made in Europe afmaken, foto’s inplakken, persoonlijke papieren uitzoeken. Omdat de ziekte in mijn geval is begonnen bij de ademhalingsspieren, zijn verlammingen in mijn handen en benen voorlopig uitgebleven. Nu hoop ik dat mij de tijd en energie gegeven zijn om niet alleen nóg een boek te maken, een grote herziening van mijn leesgids, maar ook nog een groot aantal afleveringen van mijn feuilleton “Lezen met ALS”, waarin ik mijn ziekteverloop verbind met de boeken die ik lees of herlees. Uiteindelijk mag ik hopen dat Made in Europe en Steinz’ gids voor de wereldliteratuur mij lang zullen overleven, en dat ik in de herinnering van mijn dierbaren voortleef als een goede echtgenoot, vader, zoon, broer, oom, vriend, collega en baas.’

Wat is de mens?
‘“De mens is een dier dat geschiedenis maakt”, leerde ik in mijn allereerste hoorcollege geschiedenis. Ongetwijfeld waar – en bij “geschiedenis” moet je dan vooral denken aan moord en doodslag – maar de mens is ook een dier dat kunst maakt, dat zich een cultuur vormt. Die cultuur is in de eerste plaats lokaal; zo schilderden de Hollandse meesters hun genrestukken voor de rijke burgerij in de Nederlanden, die zichzelf en haar omgeving graag weerspiegeld zag. Maar ook in andere culturen sloegen hun portretten, stillevens, schuttersstukken, landschappen en stadsgezichten aan. En zo kun je nu in musea en paleizen over de hele wereld Rembrandts en Ruysdaels zien – Vermeers Meisje met de parel is een Europees icoon. Dezelfde ontwikkeling – lokaal wordt Europees wordt mondiaal – zie je bij “merken” als IKEA, Chanel, Kuifje, LEGO, Bach, Mr. Bean, Dracula en ga zo maar door. De mens is een dier dat zich door middel van cultuur met de anderen verbindt.’