Home Tijd Nietzsche leert ons de kunst van de ernstige vrolijkheid
Tijd

Nietzsche leert ons de kunst van de ernstige vrolijkheid

Door Leon Heuts op 29 juni 2017

Nietzsche leert ons de kunst van de ernstige vrolijkheid
07-2017 Filosofie magazine Lees het magazine

‘Als alles is verloren, blijkt opeens van alles mogelijk.’ Leon Heuts omarmt de lichtheid van het bestaan.

Toen een goede vriend van me onlangs vertelde dat hij ging trouwen, hadden we een discussie over of de huwelijksbelofte nou een vorm van Carpe diem of Amor fati is. Uiteraard nadat we hadden geproost en ik hem had gefeliciteerd – zó wereldvreemd zijn filosofen nu ook weer niet. Mijn vriend was overigens voor Carpe diem, en ik voor Amor fati

Carpe diem is niet echt van toepassing op het huwelijk, stelde ik (nooit getrouwd). Het motto ‘Pluk de dag’ is immers te lichtzinnig voor zoiets zwaarwichtigs als een belofte van eeuwige trouw. Amor fati (‘Heb uw lot lief’) is dan eerder geschikt. Je weet immers van tevoren niet wat het lot je brengt. Hoewel mensen, verhoudingen en omstandigheden beslist gaan veranderen, beloof je van een ander te houden tot de dood jullie beiden scheidt. Zelfs bij ziekte, of als die ander opeens van voetbal blijkt te houden. Ga er maar aan staan. Dat vereist een echte omarming van het lot, wat het ook brengen mag. 

Misschien dat ik die vriend met zijn neus op de ernst van de zaak wilde drukken. Een huwelijk is immers geen kattenpis. Mijn vriend zag dat anders. Waaruit juist blijkt dat het huwelijk hem menens was. 

Dit artikel is exclusief voor abonnees

Dit artikel op Filosofie.nl is alleen toegankelijk voor abonnees. Met liefde en zorg werken wij iedere dag weer aan de beste verhalen over filosofie. Steun ons door lid te worden voor maar €4,99 per maand. Log in om als abonnee direct verder te kunnen lezen of sluit een abonnement af.

Immers, zo meende hij, juist omdat je nooit kunt overzien wat je belooft, is een forse mate aan lichtzinnigheid vereist. Natuurlijk, je kent elkaar enigszins, vaak woon je al enige tijd samen – het is ook weer geen God zegene de greep. Maar omdat je nu eenmaal nooit zeker weet wat morgen zal brengen, kun je ook nooit echt met morgen rekening houden. Carpe diem quam minimum credula postero, aldus Horatius. Ofwel: ‘Pluk de dag en reken zo min mogelijk op morgen.’ Veel beslissingen zijn immers, om Kierkegaard erbij te halen, een ‘sprong in het absurde’. Ze hebben meer met geloof dan met verstand te maken. Dan soms maar springen, anders blijf je maar hangen. 

In het kort was dit het verschil: waar ik stelde dat de zwaarte van de beslissing vereist dat je echt moet zijn doordrongen van wat je doet, het echt moet wíllen, meende mijn vriend dat juist omdat de beslissing zo zwaar is, je geen idee hebt waar je eigenlijk mee bezig bent. En gelukkig maar, want daardoor wordt het juist weer leuk en licht.
   
Hoewel niet helemaal overtuigd, vond ik het wel een mooi idee. Een inzicht dat breder toepasbaar is dan bij dubben over trouwen. Soms zijn beslissingen dermate zwaarwichtig dat lichtzinnigheid is vereist om ze te nemen. Anders spring je nooit.  

Tekst loopt door onder afbeelding

Illustratie: StudioVonq

Nietzsche 

Misschien zijn Carpe diem en Amor fati – de lichtheid van de dag en de zwaarte van de eeuwigheid – niet zo tegengesteld als je zou verwachten. Dat is immers ook wat Friedrich Nietzsche ons vertelt in een van zijn meest merkwaardige leerstukken, namelijk de zogeheten ‘eeuwige wederkeer van het gelijke’. In het kort luidt het advies van Nietzsche om moeilijke beslissingen te nemen: laat ze zo zwaar mogelijk wegen, dan worden ze zo licht als een veertje.

Hoe maken we een beslissing zo zwaar mogelijk? De eeuwige wederkeer van het gelijke vinden we vooral terug in Nietzsches boeken De vrolijke wetenschap en Aldus sprak Zarathoestra. In het eerste boek kondigt Nietzsche het leerstuk aan in een aforisme met de omineuze naam Das Grösste Schwergewicht. Wat zou je doen, zo schrijft Nietzsche, als een demon je de keuze voorlegt het leven dat je leidt tot in het oneindige opnieuw te leven? En niet alleen je grote liefdes of fijne vakanties, maar ook alle pijn en frustraties? Zou je dat doen, of zou je – aldus Nietzsche – je ‘op de grond werpen, met de tanden knarsen en de demon vervloeken’? 

Vreemdgaan

Ik zou het mijn vriend kunnen toewerpen: wil je echt elke dag van het huwelijk tot in de eeuwigheid herbeleven? En niet alleen de dagen waarop het fijn romantisch en spannend is, maar ook de dagen van ruzies, gezeur om een gootsteen die moet worden gerepareerd, of nog erger: sleur, vervreemding, vreemdgaan, schuld, ziektes, dood? Kortom, ik zou hem alle plagen van het huwelijk in het vooruitzicht kunnen stellen, en ook nog eens tot in het oneindige herhaald. Dát is pas de zaken op de spits drijven. Zo maak je een beslissing inderdaad zo zwaar als maar kan.  

En toch, lezen we vooral in Aldus sprak Zarathoestra, is juist een dergelijke radicale, ‘zware’ vraag de enige manier om de beslissing te ontdoen van gewicht. Het is Carpe diem bij uitstek: pluk de dag, want vandaag is het enige wat er echt toe doet. Zie eens hoe bevrijdend dat is. Ten eerste omdat, als je je voorstelt dat het nu voor eeuwig wederkeert, het wordt bevrijd van de last van het verleden of de toekomst. Die tellen immers niet meer; er is alleen maar nu. Overigens weet Nietzsche natuurlijk dat een dergelijke eeuwige wederkeer nooit daadwerkelijk zal plaatsvinden; het is een gedachte-experiment, of een appel: wilt u werkelijk het nu? 

Wie het aandurft, merkt hoe het verleden van hem afglijdt. De last van het verleden drukt doorgaans – vaak ongemerkt – zo zwaar op ons dat we de dag zien als een onoverkomelijke opvolger in een lange rij (‘Zo ben ik nu eenmaal’, ‘We kunnen niet beter’, ‘We mogen al blij zijn waar we zijn’). En als we heimelijk het verleden romantiseren, dan is het nu slechts een echo van gisteren (‘Vroeger was alles beter’, ‘Ik ben nu eenmaal niet jong meer’). Zo begin je elke dag met bezwaard gemoed.  

En als het ons al lukt om het verleden van ons af te schudden, dan voelen we ons nog altijd gebonden aan de toekomst. De dag is dan niets meer dan een opstapje. Zijn immers velen van ons niet bezig met een moment in de toekomst waarop ze écht kunnen zijn wie ze altijd al waren? Als we die andere baan hebben (of voor onszelf beginnen), die tien kilo zijn afgevallen, uit deze saaie relatie zijn gestapt, met die ene studie zijn begonnen… Zo wordt het nu verkruimeld door het schijnbaar onoverkomelijke van het verleden, en door de wensen en verlangens voor de toekomst. We zijn als het ware verslingerd aan een lineaire tijdopvatting van het leven – en het liefst een rechtopgaande lijn van het verleden naar de toekomst. Daartegenover plaatst Nietzsche een circulaire tijdopvatting: wat als we het nu eindeloos zouden herbeleven? Het nu staat dan niet langer in het licht van later, want later is altijd al nu. En niet van vroeger, want het verleden vergeten we. Durft u het nu daadwerkelijk lief te hebben, opdat u het steeds weer wenst te beleven?   

Banaal

Als we dit gedachte-experiment aandurven, zijn we er nog niet. Zo mogelijk nog moeilijker is een volgende stap. Wie namelijk daadwerkelijk het nu tot in de eeuwigheid opnieuw wil beleven, moet accepteren dat het bestaan banaal is. Betekenisloos. Ondraaglijk licht, zoals Milan Kundera zegt in zijn meest beroemde roman, die niet voor niks begint met de eeuwige wederkeer van Nietzsche. Dat klinkt op het eerste gezicht vreemd, want hoe kan het bestaan banaal zijn, juist als je het tot in de eeuwigheid wilt herbeleven? Maar Nietzsche zegt dat al het zware, al het grootse, juist zijn gewicht verliest door de gedachte dat niets eenmalig is; het kleine en het grote worden inwisselbaar. ‘Alles ist gleich, es lohnt sich nichts, Wissen würgt,’ zo luidt het in Zarathoestra. Wat maakt het nog uit: een revolutie of een glimlach, als ze tot in de eeuwigheid worden herhaald… Wat is de waarde nog van een ‘jawoord’, als dat tot in de eeuwigheid opnieuw zal klinken? 

Tekst loopt door onder afbeelding

Illustratie: StudioVonq

Het is niet gemakkelijk, want als alles amorf en uitwisselbaar is, dan schijnt het ook betekenisloos. Wat doet er nog toe? Wat is nog van waarde? Het nihilisme bekruipt ons, in Zarathoestra verbeeld als een zwarte slang, die zomaar onze mond binnendringt. En de enige oplossing, aldus Nietzsche, is niet om de slang uit te spuwen, maar de kop af te bijten. Dat wil zeggen, daadwerkelijk het nihilisme te omarmen, dat hoe dan ook voortkomt uit de gedachte van de eeuwige wederkeer. 

Danceparty 

Vergelijk het met deze tijd. We leven momenteel in een cultus van het nu. Make every moment count is een prikkel die ook door marketeers is ontdekt. Steeds weer worden artificiële kicks gecreëerd – een nieuwe mode, tv-show, danceparty, vakantieaanbieding, nieuwste iPhone et cetera – die nóg mooier of heftiger zijn dan de vorige, maar in feite de zoveelste variatie op hetzelfde thema. Carpe diem is een verdienmodel. In de politiek zien we overigens hetzelfde: spektakel, revolutie… Stem NU op mij als u écht verandering wilt. We lijken Nietzsche en zijn eeuwige wederkeer al te hebben omarmd: we willen het nu. Maar dat zou maar de helft van het verhaal zijn. Wie het nu daadwerkelijk omarmt, moet juist de banaliteit ervan onder ogen zien. Wij proberen daarentegen steeds te ontsnappen aan de moeilijk te verteren gedachte dat het leven in de kern betekenisloos is. Nietzsche legt de vinger op de zere plek: als die kicks inderdaad een zoveelste variatie op hetzelfde thema zijn en weinig nieuws te bieden hebben, wat zijn ze dan waard? De kicks zijn een trucje, een kunstje om ons bezig te houden. Much ado about nothing. We zijn verslaafd aan de adrenaline; we moeten afkicken, en dat betekent een confrontatie met leegte. 

Totaalkunst

Biografisch belangrijk is dat Nietzsche een man aanbad die als geen ander de cultus van het nu vormgaf: Richard Wagner. De Bayreuther Festspiele, waar Wagner zijn totaalkunst van symfonie en theater opvoerde, was immers een religie van het nu. Het publiek wordt door alles – de muziek, de theatrale setting, de locatie (op de beroemde Groene Heuvel) – erop gewezen dat nu iets belangrijks gebeurt: niets minder dan de geboorte van een nieuwe religie, de samensmelting van Germaanse en christelijke goden, het Duitse volk dat in en door de kunst zijn lotsbestemming vindt. De jonge Nietzsche raakte in vervoering van Wagner, maar een bezoek aan de Festspiele genas hem. Dit is geen Carpe diem… Er wordt niks geplukt – eerder door de strot geduwd. Het moment is zo overladen met betekenis, zo geritualiseerd, dat Nietzsche letterlijk misselijk werd. ’t Is als een Apple-adept die na een nacht wachten voor een winkel de nieuwste iPhone uitpakt, en opeens denkt: Waarom? Is dit alles wat er is? Wat heeft het voor zin? Het is geen leuke ervaring – maar misschien wel noodzakelijk. 
Want juist dit nihilisme biedt de mogelijkheid om pas écht de dag te plukken.

Betekenisloosheid kan deprimerend zijn, maar niets dwingt ons om bij de pakken neer te zitten; juist als betekenis niet langer is gegeven, kunnen we die zelf scheppen. Nietzsche noemt het de kunst van de ernstige vrolijkheid; het besef dat alles, met een blik op de eeuwigheid, om het even is, en dat juist daarom van alles mogelijk is. Het is als lachen met de rug tegen de muur. Als alles is verloren blijkt opeens van alles mogelijk – mits je natuurlijk de grap ervan inziet dat alle dikdoenerij op een bepaalde manier umsonst is. Ik kan me herinneren dat een collega pas weer van zijn werk kon genieten toen hij besloot te vertrekken. Pas toen hij voor zichzelf had besloten dat dit werk voor hem geen betekenis meer had, kon hij vrijuit en ook voor hemzelf weer zinvol handelen. 

Zoiets geldt ook voor de beslissing om te trouwen. Juist als je je voorstelt dat jouw jawoord tot in de eeuwigheid wordt herhaald, kun je het zowel vrolijk als gemeend uitspreken. Vrolijk, omdat het huwelijk wordt ontdaan van dat zware – waar maken we ons druk over? Niemand die het echt weet, en toch voeren we het schouwspel op, bijna als een komedie. En desondanks gemeend, want we doen we het toch. En we doen het op onze manier. We springen het absurde in, ook al weet niemand goed waarom.

Misschien is dat wel waar Carpe diem voor staat. Wie oprecht de dag wil plukken, op zijn eigen manier, doet dat zonder betekenis of doel, lichtzinnig. Pas dan blijkt hoe waardevol het is.