Home Socratesbeker Bio-ethicus Kristien Hens: ‘De microben in ons lichaam beïnvloeden ons denken’
Socratesbeker

Bio-ethicus Kristien Hens: ‘De microben in ons lichaam beïnvloeden ons denken’

Door Jonathan Janssen op 16 maart 2026

bacterie Hyella caespitosa microbe microbe micro-organisme micro-organismen
De bacterie Hyella caespitosa. beeld Graham D. Schuster/Wikimedia Commons
Micro-organismen halen veel van onze overtuigingen onderuit, zegt Kristien Hens. ‘Wat leven is, is niet in een definitie te vatten.’

Dit artikel krijg je van ons cadeau

Wil je onbeperkt toegang tot de artikelen op Filosofie.nl? Je bent al abonnee vanaf €4,99 per maand. Sluit hier een abonnement af en je hebt direct toegang.

De mens bestaat voor meer dan de helft uit bacterieel DNA. En de micro-organismen in ons darmstelsel beïnvloeden hoe we ons voelen en wat we denken. Wat zegt dat over wie wij zijn? Kunnen we eigenlijk nog van ‘de mens’ spreken? En zijn we wel de vrije en autonome wezens waar we onszelf lange tijd voor hielden? Het zijn een paar van de vragen die Kristien Hens, hoogleraar bio-ethiek aan de Universiteit Antwerpen, opwerpt in haar boek Denken met microben, dat genomineerd is voor de Socratesbeker voor het beste filosofische boek van 2025.

De uitreiking van de Socratesbeker vindt plaats op woensdagavond 8 april 2026 in Spui25 in Amsterdam en is gratis bij te wonen. Aanmelden kan op de website van Spui25.

Hens wil met haar boek een pleidooi houden voor nieuwe verhalen in de wetenschap en filosofie, vertelt ze in een videogesprek. We zagen bacteriën, virussen en schimmels lange tijd als onzichtbare, ziekmakende wezens, maar wetenschappers ontdekken de laatste jaren steeds meer dat microben een onlosmakelijk onderdeel zijn van wie wij zijn. ‘Als filosofen hebben we lang zitten navelstaren en beschouwden we in navolging van Aristoteles het rationele, menselijke leven als de hoogste vorm van leven. Daaronder zitten dan de dieren die kunnen bewegen en daaronder de planten. Maar het leven steekt veel complexer in elkaar. We zijn verstrengeld met onzichtbare wezens die anders leven en zich op andere manieren voortplanten.’

Sein-zum-Tode

Er zijn filosofen die beweren dat ons bewustzijn van de dood ons als mens onderscheidt van de rest van de levende wereld. Sein-zum-Tode noemt de Duitse filosoof Martin Heidegger (1889-1976) dat. Maar ook dat idee halen microben volgens Hens onderuit. Er zijn namelijk zeealgen die op gecoördineerde wijze massaal zelfmoord plegen om het ecosysteem van de zee in balans te houden. Om zo doelgericht een einde aan je leven te maken, moet je je bewust zijn van de vergankelijkheid ervan, zegt Hens. ‘Het lijkt er op dat het besef van eindigheid iets basaals is dat bij alle levende wezens aanwezig is.’

Ook de vraag wat leven eigenlijk is zetten microben op z’n kop. Hens: ‘Volgens veel wetenschappers zijn virussen geen levende wezens, omdat ze de machinerie van zogeheten “gastheercellen” moeten kapen om zich voort te planten. Volgens hen moet je dus een onafhankelijk metabolisme hebben om te leven. Maar als je die definitie volgt, leef je ook niet meer als je een machine nodig hebt om te kunnen ademen. Dat lijkt me onzin. Volgens andere definities wordt leven gekenmerkt door evolutie, en evolueren doen virussen dan weer wel. Het laat zien hoe lastig het is om leven te vatten in een algemene definitie. Er zijn altijd wel gevallen die daar niet in passen.’

Survival of the fittest

Zelfs bij mensen is de grens tussen leven en dood niet altijd zo scherp te stellen. Want als wij sterven, leven de bacteriën in ons lichaam, waar we dus voor de helft uit bestaan, door. ‘Mocht je lichaam begraven worden,’ zegt Hens, ‘dan werkt je microbioom samen met de microben in de grond om je lichaam te verteren. Dat laat ook zien dat het in de natuur niet alleen draait om competitie, om survival of the fittest: evolutie gaat ook om samenwerking, zoals de Amerikaanse bioloog Lynn Margulis al dacht.’

Even tussendoor …

Meer lezen over filosofie en wetenschap? Schrijf je in voor de gratis nieuwsbrief:

Ontvang wekelijks de beste artikelen van Filosofie Magazine en af en toe een aanbieding.

Margulis kwam in de jaren zestig met de theorie dat symbiose, oftewel samenwerking of zelfs versmelting, essentieel is om het evolutieproces te begrijpen. Het kwam haar op veel hoon te staan vanuit de wetenschappelijke gemeenschap, waar men ervan uitging dat het streven naar overleving enkel gedreven wordt door competitie. Tegenwoordig zijn Margulis’ theorieën wetenschappelijk gemeengoed. Verkijk je dus niet op de simpelste verklaring, wil Hens maar zeggen.

Ockhams scheermes

En Ockhams scheermes dan, de invloedrijke theorie dat wetenschappelijke verklaringen altijd zo eenvoudig mogelijk moeten zijn? Een nuttig maar beperkend instrument, vindt Hens. ‘Die eenvoud is vaak nodig, anders verzandt de wetenschap in complexiteit. Maar als het gaat over het denken over de werkelijkheid, kunnen we beter leren van complexiteit en van verschillende verklaringen die naast elkaar bestaan. Als we dat niet doen, missen we veel.’

Denken met microben
Kristien Hens
Letterwerk
73 blz.
€ 19,99

Loginmenu afsluiten