Ik had vroeger een vriendje dat bij elk ruzietje – wat over zoiets simpels kon gaan als even je sokken in de wasmand mikken in plaats van op het hoofdkussen van je geliefde, ik noem maar iets – reageerde met: ‘Maar ik doe toch mijn best!’
Ja, je zou ook nog eens een kwade intentie hebben, dacht ik dan. Wat kun je daarop zeggen? ‘Oh, je doet je bést! Sorry, dan heb ik niks gezegd. Gooi die gore sokken maar weer lekker op mijn hoofdkussen.’
Het woordje ‘toch’ fascineert me. Het is niet ‘Ik doe mijn best’, het is ‘Ik doe toch mijn best’. Alsof ik iets over het hoofd zie, alsof ik onredelijk ben door er iets over te zeggen.
Even tussendoor …
Meer columns lezen van Elke Wiss? Schrijf je in voor de gratis nieuwsbrief:
Het zinnetje focust volledig op de inspanning, niet op de uitkomst. Maar telt de intentie wel altijd? Je kunt met de beste bedoelingen heus wat schade aanrichten. Is dit zinnetje dan niet vooral een elegante manier om de verantwoordelijkheid voor het resultaat af te schuiven? En wat is ‘je best’ eigenlijk? Is dat een vast gegeven of verschuift het per dag, per humeur, per hoeveelheid slaap? Kun je eigenlijk ooit niet je best doen? Je doet immers altijd wat je op dat moment kan of wil.
Het ging mis, maar ik deed mijn best, dus het is niet mijn schuld. Het probleem ligt bij de omstandigheden, bij het lot, bij jou. Misschien is ‘Ik doe toch mijn best’ wel de meest onweerlegbare manier om te zeggen: ‘Ik ben niet van plan hier iets aan te veranderen.’
Kun je denken zonder te vragen? Hoofdredacteur Coen Simon vraagt Elke Wiss lastige vragen over vragen in de podcast Filosofie is makkelijker als je denkt. Beluister hem op Spotify of Apple Podcasts.

