Home God vinden we niet in de Bijbel, maar in de natuur, dacht Thomas Paine | recensie

God vinden we niet in de Bijbel, maar in de natuur, dacht Thomas Paine | recensie

Door Ger Groot op 5 februari 2026

filosoof Thomas Paine
Portret van Thomas Paine door Laurent Dabos uit 1792
Cover van
02-2026 Filosofie Magazine Lees het magazine
Een boek zo wreed en leugenachtig als de Bijbel kan geen serieuze gids voor het leven zijn, vond verlichtingsdenker Thomas Paine.

Deïsme is een levensovertuiging tussen godsgeloof en atheïsme in. God bestaat wel, want waar kwam anders de wereld vandaan? Maar God laat zich alleen kennen via de schepping waarvan hij de oorsprong is, niet in wonderen of in openbaringen als de Bijbel. Van dat deïsme toonde de Engels-Amerikaanse filosoof Thomas Paine (1737-1805) zich aan het eind van de achttiende eeuw een bevlogen woordvoerder. Hij schreef het pamflet The age of reason, dat nu onder de titel Het tijdperk van de rede is vertaald en ingeleid door Karel D’huyvetters.

Wil je dit artikel verder lezen?

Sluit een abonnement af op Filosofie Magazine voor slechts 4,99 per maand en krijg toegang tot dit artikel én de duizenden andere diepgaande filosofische artikelen. Luister nu ook alle nieuwe artikelen als audio.
Word abonnee en lees verder > Al abonnee? Log dan in en lees (of luister) verder.

Paines verdediging van het deïsme bestaat er vooral in de Bijbel tot op de grond toe af te breken. Een boek dat zo volstaat van wreedheden, contradicties en leugens kan geen serieuze gids voor het (geloofs)leven zijn, aldus Paine. Des te belangrijker is het lezen van het ‘boek van de natuur’, waarachter we de welwillendheid van de schepper kunnen vermoeden.

Daarin betoont Paine zich een kind van zijn tijd. Pas in de negentiende eeuw zou het darwinisme het geloof in de goedheid van de natuur zware slagen toebrengen. Tegelijkertijd zou de nieuwe historische Bijbelkritiek de problemen van het Oude en Nieuwe Testament benaderen met een literaire gevoeligheid waarvan Paine, die in de Bijbel vooral een geschiedverslag ziet, niets weten wil.

Belangrijker is echter de vraag wat je eigenlijk hebt aan een deïstische God met wie je geen persoonlijke relatie kunt onderhouden. Verre van een soort kosmologie te zijn, is religie immers een praktische aangelegenheid van gebed en ritueel, waarin mensen zich met hun bestaan verzoenen doordat ze zich door God geliefd achten. Daar staat het deïsme ver vanaf en daarom bleek het weinig levensvatbaar. Paine mocht iemand die ‘zal leven alsof er geen God was’ dan nog zo hard ‘enkel een dwaas’ noemen, in de praktijk bleek zijn gedachtegoed een opstapje naar precies die dwaasheid.

Het tijdperk van de rede is verschenen in de Vrijdenkers-reeks, die eerder interessante godsdienstcritici als Ludwig Feuerbach en John Stuart Mill aan het woord liet. Paines pamflet is vooral interessant omdat het laat zien dat ook die traditie zijn dwaalwegen kent. Het pamflet is in zijn rationalisme niet minder fundamentalistisch dan het christendom dat het bekritiseert en daarmee even naïef. Voor het huidige godsdienstdebat heeft het geen betekenis; voor een levendig inzicht in een bepaalde achttiende-eeuwse denkhouding des te meer.

Het tijdperk van de rede
Thomas Paine
vert. Karel ­D’huyvetters

Damon
256 blz.
€ 29,90

Loginmenu afsluiten