Home Stine Jensen: Bonobo

Stine Jensen: Bonobo

Door Stine Jensen op 03 november 2014

07-2013 Filosofie magazine Lees het magazine

Michael Jackson toonde in 2002 zijn kind aan het volk. De negen maanden oude baby bungelde van vierhoog naar beneden. Mensen gilden, en niet alleen maar omdat ze fan van Jackson waren: ze waren bezorgd om het jongetje.

Dit artikel is exclusief voor abonnees

Dit artikel op Filosofie.nl is alleen toegankelijk voor abonnees. Met liefde en zorg werken wij iedere dag weer aan de beste verhalen over filosofie. Steun ons door lid te worden voor maar €4,99 per maand. Log in om als abonnee direct verder te kunnen lezen of sluit een abonnement af.

Frans de Waal noemthet schandaal dat de wereldpers haalde in zijn laatste boek: De bonobo en de tien geboden. Hij vraagt zich niet af hoe Jackson het in zijn hoofd haalde om de baby met één arm zo te laten bungelen, maar wil weten hoe het kan dat de massa zich met het lot van een baby identificeerde, terwijl die baby niet van hen is. Zijn antwoord is simpel: empathie. We hebben een lijfelijk inlevingsvermogen waardoor we ons kunnen voorstellen hoe het is om die baby te zijn. Net als apen. De Waal memoreert  een herinnering uit dierentuin Arnhem. Een gewonde chimpanseeman hobbelt op zijn polsen rond om zijn pijnlijke vingers te sparen. Binnen een mum van tijd heeft zich een rij gevormd van apen die lichamelijk synchroon achter hem aan lopen, allemaal op hun polsen.

Met zijn boek wil De Waal laten zien dat mensapen ook ‘moraal’ hebben – dat wil zeggen, in staat zijn tot empathie. Daarmee zet De Waal zijn levenswerk voort met opnieuw een boek waarin hij laat zien dat datgene waarvan wij denken dat het uniek menselijk is (taal, oorlog voeren, gebruik van werktuigen, cultuur), ook bij dieren voorkomt.

De bonobo en de tien geboden is een heerlijk boek, dat voor filosofen veel gedachtevoer biedt. We hebben geen ‘moraal’ bedacht, noch hebben we de geboden uit de religie nodig om de natuurlijke instincten eronder te houden, maar we zijn van nature óók in staat tot het goede. ‘Elke moraal zou overbodig zijn als we alleen maar aardig waren,’ aldus de Waal. De voor de hand liggende vraag is natuurlijk waarom we dan niet altijd aardig zijn. Maar eigenlijk is dat de Michael Jackson-vraag. Ik dacht met De Waal aan de massa en vroeg me af: waarom gaat De Waal er eigenlijk van uitdat ‘aardig’ of ‘empathie’ altijd samenvalt met ‘goed’? Kun je bijvoorbeeld ook een ‘teveel’ aan empathie hebben dat tot de verkeerde morele beslissing leidt? Wie zegt trouwens dat de massa echt ‘empathie’ heeft met het jongetje, en dat die mensen niet eerder als de apen achter elkaar aan hobbelen vanuit lichamelijke synchroniciteit: eentje gilt, dan de rest ook. Ik dacht aan de jongens die zich zo identificeren met de jihadistische strijd dat ze radicaliseren en naar Syrië gaan om hun lijf in de strijd te gooien.

Evenmin als de ‘rede’ je per se je op verstandige gedachten brengt, is empathie of aardigheid een garantie voor de juiste morele beslissing.