Benedictus de Spinoza "Alles wat is, is in God, en zonder God kan niets zijn of voorgesteld worden."

"God is zonder hartstochten en wordt niet beïnvloed door pijn en genot. Strikt genomen heeft God dus eigenlijk niemand lief."

Benedictus (of Baruch) de Spinoza is samen met Descartes en Leibniz de belangrijkste filosoof van het rationalisme. Van de drie is Spinoza's geloof in de rede het meest radicaal: voor hem waren God en de (wetten van de) natuur hetzelfde. 

Spinoza, geboren uit Portugees-Joodse ouders, komt al vroeg in conflict met de rabbijnen; de Tora is volgens de jongeman zo duidelijk een 'uitvinding van de menselijke fantasie' dat die onmogelijk Gods wet kan bevatten. Later wordt Spinoza zelfs verbannen uit de Joodse gemeenschap. Hij vertrekt naar Rijnsburg en verdient de kost als lenzenslijper. Daar schrijft hij de Tractatus Theologico-Politicus - één van de oudste pleidooien voor de vrijheid van meningsuiting - en zijn belangrijkste werk de Ethica.

De Ethica is Spinoza's antwoord op de klassieke vraag: 'Hoe goed te leven?'. In navolging van Aristoteles volgt het juiste leven - hoe we ons moeten gedragen - uit ware kennis van de werkelijkheid. Net als Descartes voor hem baseert Spinoza de filosofie op wiskundige beginselen: uit een paar axioma's en definities leidt hij het complete bouwwerk van de Ethica af; vanaf het wezen van God en de natuur tot en met het geluk van de mens. Aan het slot valt alles op z'n plek: inzicht in de werkelijkheid en het geluk van de mens zijn hetzelfde.

Pas na Spinoza's dood - hij sterft op 44-jarige leeftijd aan een longziekte - wordt de Ethica gepubliceerd.

VIDEO'S

Animatie over Spinoza



Discussie over Spinoza (Engels)
Met Jonathan Israel, Steven Nadler e.a.



Steven Nadler over Spinoza Deel 1 (Engels)



Steven Nadler over Spinoza Deel 2 (Engels)

LINKS

  • De pagina over Spinoza in het Humanistische Canon

Opmerkelijk

Spinoza werd uit de Joodse gemeenschap van Amsterdam verbannen vanwege 'monsterlijke daden' en 'abominabele ketterijen'. Daarna verruilde hij zijn Joodse naam Baruch voor het Latijnse Benedictus. Ook in christelijke kringen was Spinoza omstreden. Talloze tijdgenoten, inclusief de leden van de Spaanse inquisitie, beschuldigden Spinoza ervan de onsterfelijkheid van de ziel en het bestaan van God te ontkennen.