Praktisch filosoof Elke Wiss stelt elke maand vragen bij stellige uitspraken die ze tegenkomt.
Ik zit op een schattig terras in ons dorp. Ochtendzon, koffie, zeldzaam momentje van nietsdoen. Een tafel verderop zitten een vader en dochter, vermoed ik, gezien de leeftijd en het feit dat ze zo’n beetje dezelfde neus, kin, ogen hebben.
De dochter vertelt dat ze ergens mee zit. Ik versta het niet precies, maar ik hoor hoe ze het vertelt: zoekend, aarzelend, met stiltes. De vader luistert aandachtig en dan zegt hij: ‘Kijk, je moet het zo zien.’ Lichtjes verstrakken haar schouders.
Waarom ben ik zo allergisch voor deze uitspraak? Is het omdat die twee bevelen in zes woorden bevat? ‘Kijk’ zet de ander in de schoolbank, ‘moet’ regelt de rest. Kun je iemand überhaupt opdragen iets op een bepaalde manier te zien?
Kun je iemand opdragen hoe die iets moet zien?
En dan de ‘zo’. Er zijn honderd manieren om naar hetzelfde te kijken, maar hier wordt er één gepresenteerd als de correcte. Wiens ‘zo’ is dat eigenlijk? Van degene die dit zinnetje zegt, natuurlijk. Het gaat één kant op. Van de kalme naar de radeloze, van vader naar dochter, van degene die het overzicht meent te hebben naar degene die blijkbaar bijziend is. Is het arrogantie of een oprechte wil tot helpen? Of zegt iemand dit vooral om zichzelf te kalmeren?
Ik kijk nog even naar het meisje, dat inmiddels zwijgend in haar glas roert. Verandert deze uitspraak iets aan hoe zij het ziet? Of alleen aan wat ze er verder nog over zegt?
Even tussendoor …
Meer columns lezen van Elke Wiss? Schrijf je in voor de gratis nieuwsbrief:
Pre-order: Filosofie scheurkalender 2027
- Elke dag wijzer met de wijsheid van een ander
- 365 dagen filosofische citaten: pakkend en grappig
- Inspirerende uitleg bij klassieke filosofen
Filosofie Magazine tijdelijk al vanaf 6,99 per maand
- Elke maand heldere analyses van scherpe denkers
- Lees & luister onbeperkt op filosofie.nl
- Op papier én digitaal, incl. archief in de app