Log in

Wachtwoord vergeten?

Word lid Log in Contact

Filosofie.nl

Filosofie Magazine nr. 10/2021

‘De mens is niet het enige wezen dat denkt’

Hannah Achterbosch

Vincent Icke is sterrenkundige, beeldend kunstenaar en publicist. Onlangs schreef hij Licht voor de filosofische denktank Nieuw Licht.

beeld Martin Dijkstra

1. Wat kan ik weten?

‘In principe kan ik alles weten waar ik mee in aanraking kom, maar in de praktijk past al die kennis niet in mijn hoofd. Dat betekent dat ik weetbare dingen weg moet gooien. Zelfs de dingen die ik wel wil bewaren, moet ik passend maken voor mijn hoofd door ze te vereen­voudigen. Anders zou wat ik in mijn hoofd bewaar alsnog te veel of te chaotisch zijn. Dat ik niet alles kan weten is overigens geen probleem. Mijn vak gaat niet over weten, maar over vermoeden. Een juiste hypothese formuleren is belangrijker om de wetenschap vooruit te brengen dan meer weten.’

2. Wat moet ik doen?

‘Mijn antwoord daarop is dat je níét moet doen. “Wat gij niet wilt dat u geschiedt, doe dat ook een ander niet” is een belangrijke regel om dingen niet te doen. Dit is geen natuurkundig, maar een sociaal antwoord. Maar net als in de natuurkunde moeten we accepteren dat we niet alles kunnen weten. Daar kun je een terughoudendheid of bescheidenheid uit afleiden. Ik kan niet precies weten wat de voorkeuren van anderen zijn. Dus weet ik niet wat ik wél moet doen. Maar nalaten wat ikzelf als schadelijk ervaar, dat kan wel, zonder mijn eigen voor­keuren op te dringen.’

‘Vermoeden is belangrijker dan weten’

3. Wat mag ik hopen?

‘Vaak verwarren we hoop met verwachting. Maar daar wil ik een onderscheid in maken. Aan een verwachting kun je een getal koppelen. Daarom spreekt het KNMI ook over weersverwachting, bijvoorbeeld dat de kans dat het morgen gaat regenen 30 procent is. Ook de hele verzekerings­industrie is gebaseerd op verwachtingen. Niet op de hoop dat ik doodga, maar wel op de verwachting van mijn dood. Hoop is veel abstracter, het is onmeetbaar en onweegbaar. Het is een sentiment dat zich volledig onttrekt aan getallen. Zolang je hoop niet verwart met verwachting, mag je overal op hopen.’

4. Wat is de mens?

‘Blaise Pascal beschreef de mens als een denkend riet. Dat vind ik ongelooflijk bekrompen. De mens is niet het enige wezen op aarde dat denkt; dat vermogen is wijd verspreid in de natuur. Maar de mens is wel als enige in staat zich af te vragen: wat zit daarachter? Om die vraag te kunnen beantwoorden moet de mens vermoeden. En als het lukt om vermoedens te verifiëren, dan is het resultaat daarvan niet zozeer kennis, maar begrip. De mens is daarmee dus geen denkend dier, maar een vragend dier. De gave van de vraag bepaalt ons mens-zijn meer dan lichaamsvorm, intelligentie of wat dan ook.’