Home Dantes eerherstel

Dantes eerherstel

Door Pieter Hoexum op 27 april 2009

04-2009 Filosofie magazine Lees het magazine

In de zomer van 2008 besloot het bestuur van Florence om Dante Alighieri eerherstel te geven, 706 jaar na zijn veroordeling.

Dit artikel is exclusief voor abonnees

Dit artikel op Filosofie.nl is alleen toegankelijk voor abonnees. Met liefde en zorg werken wij iedere dag weer aan de beste verhalen over filosofie. Steun ons door lid te worden voor maar €4,99 per maand. Log in om als abonnee direct verder te kunnen lezen of sluit een abonnement af.

Dante (1265-1321) was in 1302 verbannen en later zelfs (bij verstek) veroordeeld tot de brandstapel. Dante is beroemd geworden als dichter, maar was daarnaast actief in de politiek; hij werd in de zomer van 1300 zelfs verkozen tot prior van de republiek Florence – het hoogste ambt. De Italiaanse politiek van die tijd kan echter moeilijk anders omschreven worden dan als een slangenkuil, met rivaliserende stadsstaten en koninkrijken, die intern verdeeld waren in twee ‘partijen’, de zogenoemde Welfen en Ghibellijnen. In Florence raken de Welfen ook nog eens verdeeld in ‘Witten’ en ‘Zwarten’. Dante behoort tot de Witten en wordt verbannen. Uiteindelijk probeert hij deze ‘Hoekse en Kabeljauwse twisten’ achter zich te laten en sticht, zoals hijzelf zei, ‘een partij van zichzelf’.
Na 706 jaren bleken de Florentijnse gemoederen nog steeds niet tot bedaren te zijn gekomen. Het gemeentebestuur had een glorieus, met veel ceremonies gepaard gaand eerherstel in gedachten. De gemeenteraad raakte echter verdeeld (hoe kan het anders?) en van de plannen kwam niets terecht.
Barbara Reynolds schetst in haar recente studie over Dante een makkelijk invoelbaar portret: de verbannen Dante was in 1304 ‘scherp en verbitterd door tegenslagen, arrogant en geringschattend, zeer bewust van zijn talent, vastbesloten erkenning te krijgen, maar tegelijkertijd intellectueel volledig vervuld van de hoge roeping van de poëzie, die hij naar zijn gevoel moest dienen’.
Reynolds’ diepgravende studie, het resultaat van een leven lang Dante-vorsen, beschouwt diens letterkundige werk als een soort politiek voortgezet met filosofisch-poëtische middelen. Niet alleen een expliciet filosofisch traktaat zoals het (onvoltooide) Gastmaal, maar met name ook, hoewel impliciet, zijn grote dichtwerk De komedie.
Dantes ‘filosofie’ is een wonderlijk brouwsel van klassieke filosofie (vooral Aristoteles en Cicero) en theologie, aangelengd met veel bijgeloof zoals astrologie, numerologie en andere folklore. Misschien bewijs je hem te veel eer door hem als ‘denker’ te willen bestempelen, zoals Reynolds volgens de ondertitel van de Nederlandse vertaling lijkt te doen. In het Engels gaat het echter over ‘the political thinker’ en dat slaat op intellectuelen die veel dichter bij de politieke praktijk staan dan de meeste filosofen. Dante staat wat dat betreft in een lange traditie die begin met Solon, de dichter en politicus die geldt als grondlegger van de Atheense democratie; een later voorbeeld van een politiek geëngageerde dichter is John Milton, die Cromwell met raad en daad terzijde stond.
Volgens Reynolds luidt Dantes centrale ‘boodschap’ dat slechts een instelling zoals het oude Romeinse keizerschap (niet toevallig ontstaan ten tijde van de geboorte van Christus) Florence, Italië en eigenlijk de hele wereld kan redden; rechtvaardigheid kan slechts gewaarborgd worden door een haast bovenmenselijke figuur, die boven alle partijen staat. In de opening van De komedie wordt Dante al geconfronteerd met een vraatzuchtige, onverzadigbare wolvin (hebzucht); hem wordt echter verzekerd dat er op een dag een jachthond (rechtvaardigheid) zal komen die zich niet voedt met ‘land of munten, maar slechts met wijsheid, liefde en met deugd’, en die de wolvin zal doden.
Regelmatig benadrukt Reynolds dat La Commedia ontstaan is in een bepaalde context, met bepaalde bedoelingen, in dit geval met name persoonlijke en politiek-filosofische; een voor een rekent Dante met zijn vijanden af, terwijl hij zijn helden letterlijk de hemel in prijst. Gelukkig benadrukt Reynolds even vaak Dantes dichterlijke meesterschap en de theatrale kracht van zijn beelden. Het is profetie, propaganda én poëzie – en het meest van alles dat laatste.

Dante. De dichter, de denker, de mens, door Barbara Reynolds, vert. Rob Hartmans, uitg. Ambo, Amsterdam 2009, 547 blz., € 45,-