Home Zijn digitale platformen verantwoordelijk voor hun content?

Zijn digitale platformen verantwoordelijk voor hun content?

Online platformen zoals Spotify, Twitter en Facebook presenteren zich vaak als enkel een doorgeefluik. Maar moeten we ze niet verantwoordelijk houden voor de informatie die ze aanbieden?

Door Jeroen Hopster op 25 maart 2022

Zijn digitale platformen verantwoordelijk voor hun content?
Cover van 04-2022
04-2022 Filosofie magazine Lees het magazine

Dit artikel krijgt u van ons cadeau

Wilt u onbeperkt toegang tot de artikelen op Filosofie.nl? U bent al abonnee vanaf €4,99 per maand. Sluit hier een abonnement af en u heeft direct toegang.

Eind januari verzocht zanger Neil Young Spotify om zijn muziek van het platform te verwijderen. Hij deed dit uit onvrede over de populaire podcast van komiek en opiniemaker Joe Rogan, die regelmatig geanimeerde gesprekken voert met controversiële gasten, zoals mensen die de werking van coronavaccins in twijfel trekken. Young stelde een ultimatum: of Spotify deed Rogan in de ban, of hij vertrok zelf. Spotify hield zijn poot stijf, al besloot het platform later alsnog om zeventig afleveringen van Rogans podcast te verwijderen. Opmerkelijk aan deze zaak is dat Young zijn pijlen niet alleen op Rogan zelf richtte, maar nadrukkelijk het muziekplatform aansprak op de inhoud van Rogans podcast. Dat werpt een interessante vraag op over de verantwoordelijkheid van digitale platformen – een vraag die niet alleen Spotify aangaat, maar ook Facebook, TikTok, Twitter en andere sociale media. Digitale platformen vormen een luidspreker van de samenleving. Maar dragen ze ook verantwoordelijkheid voor de boodschappen die ze verspreiden?

Nee

Digitale platformen verspreiden user-generated content: informatie die door gebruikers van het platform wordt aangeleverd. Inherent aan hun bedrijfsmodel is het ontbreken van een sterke redactionele filter; de platformen zijn slechts een doorgeefluik van berichten. Daarom kunnen ze niet verantwoordelijk worden gehouden voor de inhoud van die berichten. Daarnaast stuit het verzoek om controversiële content te censureren op principiële en praktische bezwaren. Een principieel bezwaar is dat platformen zoals Spotify geen legitimiteit hebben om te bepalen wat al dan niet mag worden gezegd. Wie zijn zij om dat te beoordelen? Het zijn private bedrijven, die noch het gezag, noch de kennis hebben om alle misinformatie te weren. Bovendien zijn er talrijke praktische obstakels. Het is ondoenlijk om de berichten van miljoenen tot miljarden gebruikers te controleren en te filteren. Pogingen om dat wel te doen kunnen leiden tot onterechte in- en uitsluiting. Mijzelf overkwam dat toen de ethische beschouwing die ik deelde over de vraag of we nog naar de muziek van Michael Jackson mogen luisteren prompt door Facebook werd verwijderd. Een verklaring kreeg ik niet. Vele anderen is iets soortgelijks overkomen. Zo werd het account van een Twitter-gebruiker geblokkeerd nadat hij had gedreigd een mug te doden. Het gebrek aan transparantie waarmee digitale platformen overgaan tot blokkade is onwenselijk. En al waren hun beslissingen wél transparant, dan nog zijn aanduidingen van misinformatie vaak complex en aanvechtbaar. Discussies over de vrijheid van meningsuiting draaien niet alleen om wat er gezegd mag worden, maar ook om wie de autoriteit heeft om dat te bepalen. Digitale platformen zijn daarvoor niet de aangewezen instantie.

Door de algoritmes die ze gebruiken wordt de ene stem vaker gehoord dan de andere

Ja

Digitale platformen presenteren zichzelf graag als technologiebedrijven die slechts informatie doorgeven. Maar we kunnen ze ook als mediabedrijven beschouwen, die net als traditionele media verantwoordelijk zijn voor betrouwbare informatie. Of we kunnen ze als publieke infrastructuur zien, met de verantwoordelijkheid om de publieke zaak te dienen. Digitale platformen bedienen zich van algoritmes die aanbevelingen doen en die eraan bijdragen dat de ene stem vaker gehoord wordt dan de andere. Die algoritmes zijn doorgaans afgestemd op populariteit en viraliteit: ze privilegiëren berichten die waarschijnlijk breed gedeeld zullen worden en die flink wat screen time opleveren. Algoritmes zijn mensenwerk; platformen zouden daarom ook algoritmes kunnen ontwerpen die borg staan voor kwaliteit. Bovendien zijn er andere manieren waarop platformen verantwoordelijkheid kunnen nemen voor hun content. Bijvoorbeeld door te signaleren dat sommige berichten controversieel zijn en door opruiende content te censureren. Tornen ze daarmee aan de vrijheid van meningsuiting? Welnee – het gaat hier niet om de vrijheid van meningsuiting, maar om de vrijheid een platform te verkrijgen om je mening op te delen. Gebruikers die van een platform worden verbannen kunnen nog steeds hun mening ventileren, alleen niet langer op hetzelfde platform. Je kunt onderscheid maken tussen een negatief en een positief recht om jezelf te uiten. Een negatief recht betekent dat je niet wordt gehinderd om je mening te uiten, terwijl een positief recht gepaard gaat met actieve steun om je boodschap kenbaar te maken. Een platform dat controversiële – en mogelijk schadelijke – berichten weert, dwarsboomt niemand in zijn negatieve recht, maar weigert simpelweg om die berichten onder een groot publiek te verspreiden.