Wie weleens met de stofzuiger het stof van zijn eigen stofzuiger heeft weggezogen heeft zich heel dichtbij de grenzen van zijn schoonmaakdrift gevoeld. En bij die van de logica. Waar komt al dat stof vandaan en waarom verdwijnt het niet als vanzelf? Welke geologische verklaring er ook voor wordt opgehoest, er blijft een filosofisch restproduct over, namelijk de vraag hoe het kan dat we ons het bestaan alleen als oneindig kunnen voorstellen (want hoe kan bestaan ooit ophouden te bestaan?), terwijl er in de wereld zelf niets te vinden is dat geen einde kent. Dat er bij alles wat we doen altijd iets achter blijft is misschien het enige tastbare bewijs van onze oneindigheid.
Even tussendoor …
Meer van hetzelfde anders zien? Schrijf je in voor de gratis nieuwsbrief:
