Home Mens en natuur Karen Armstrong: ‘We zijn ons respect voor het heilige verloren’
Mens en natuur

Karen Armstrong: ‘We zijn ons respect voor het heilige verloren’

Filosofie is medeverantwoordelijk voor de ecologische crises, stelt religiewetenschapper Karen Armstrong. Dankzij filosofen zijn we de natuur steeds meer als een machine gaan beschouwen, met alle gevolgen van dien. Om daar iets tegen te doen, moeten we weer ontzag krijgen voor het heilige.

Door Maarten Meester op 30 mei 2022

Karen Armstrong Beeld: Sunrise222se

Dit artikel krijgt u van ons cadeau

Wilt u onbeperkt toegang tot de artikelen op Filosofie.nl? U bent al abonnee vanaf €4,99 per maand. Sluit hier een abonnement af en u heeft direct toegang.

In uw nieuwe boek keert u terug naar wat de filosoof Karl Jaspers de Achsenzeit heeft genoemd. In die spiltijd ontwikkelden zich de grote levensbeschouwelijke tradities als confucianisme, boeddhisme en christendom. Centraal in die tradities staan het idee van compassie en verschillende varianten op de bijbehorende gulden regel: ‘behandel anderen zoals je zelf behandeld wilt worden’. U stelt dat wij die regel weer moeten omarmen om de ecologische crises aan te kunnen pakken.
‘Kijk naar Oekraïne. Kijk naar the horror die mensen elkaar daar hebben aangedaan in de nazikampen en die ze elkaar nu weer aandoen in de huidige oorlog. In India houden mensen nog steeds hun handen bij elkaar en buigen ze als ze een ander mens ontmoeten. Daarmee buigen ze niet voor die andere persoon, maar voor het heilige dat in die persoon huist. Wij doen dat niet meer, en daardoor hebben wij ons respect voor het heilige verloren. Het resultaat is desastreus.’

Maar is de gulden regel niet antropocentrisch? Betekent ‘behandel anderen zoals je zelf behandeld wilt worden’ niet: ‘behandel andere mensen zoals je zelf behandeld wilt worden’. Komen de ecologische crises niet deels voort uit het feit dat mensen zichzelf boven en buiten de natuur zien staan? Maakt dat de gulden regel niet juist een van de oorzaken van de ecologische crises?
‘In het Westen menen mensen boven en buiten de natuur te staan. Maar daarbuiten hangen de meeste mensen religies aan die – op een opmerkelijk overeenkomstige manier – de natuur als heilig beschouwen. Het is belangrijk om te weten dat binnen het joden- en christendom een kijk op de natuur bestaat die verschilt van die van alle andere religies. En dat is al zo vanaf het begin. Terwijl de andere religies sterk verbonden zijn met de natuur, ligt in die van het oude Israël de nadruk op de geschiedenis. Denk aan de uittocht uit Egypte van het Joodse volk. Het Jodendom ziet de hand van God niet zozeer in de natuur als wel in de historische gebeurtenissen. Voor het christendom – dat voortbouwt op het jodendom – geldt hetzelfde. Het belangrijkste is de liefde van Jezus Christus, historisch gezien, en zijn herrijzenis. God is boven in de hemel, Hij lacht naar ons mensen hier beneden. De natuur is decor.’

En filosofen, schrijft u, hebben die scheiding nog eens versterkt tussen God en mens enerzijds, en natuur anderzijds.
‘Ja, In de dertiende eeuw ontwerpt de Schotse filosoof Johannes Duns Scotus een rationele theologie die God scheidt van het zijn. Begin zeventiende eeuw komt de Engelse filosoof Francis Bacon met het idee dat God de mens het bevel heeft gegeven om de natuur te onderwerpen en zo terug te keren naar het paradijs. De wetenschap is het middel waarmee we dat kunnen doen. En de Franse filosoof René Descartes zegt dat we ons niet hoeven te verbazen over de natuur. Kijk bijvoorbeeld naar de wolken, we kunnen die wetenschappelijk verklaren en daarom hoeven we er geen ontzag meer voor te hebben.

Zo maken deze filosofen de natuur mechanisch, een machine die los van onszelf staat maar ook los van God. En dat is gevaarlijk. Dit denken heeft ons in de kritieke situatie gebracht waarin we vandaag de dag verkeren. Als we daar iets tegen willen doen, moeten we weer ontzag krijgen voor het heilige.’

Kan een oudgediende als de gulden regel het winnen van de (post)moderne tegenkrachten, zoals de consumptiemaatschappij?
We’ve completely lost it. Maar dat is niet de fout van de gulden regel. Hij is noch een theologische doctrine, noch een filosofisch idee. De regel heeft geen enkele betekenis, tenzij we hem praktiseren. Mensen hebben altijd tegen de gulden regel gevochten vanwege hun ego. Mensen hebben altijd andere mensen kwaad gedaan, heersers hebben altijd mensen kwaad gedaan. Maar als wij in een beschaafde maatschappij willen leven, moeten wij anderen als heilig zien, moeten wij anderen respecteren, moeten wij de natuur respecteren. Het is niet genoeg als we naar mooie beelden van David Attenborough op ons tv-scherm kijken.’

Hoe zorgen we dat mensen de gulden regel praktiseren?
‘We leren, zoals neurologen ons vertellen, met ons lichaam. Dat besef was er al lang, maar is verdwenen. We zijn tegenwoordig zo cerebraal, waarbij we ons ook nog eens vooral richten op het linkerdeel van het brein, op logisch denken. Terwijl het rechterdeel het huis is van religie en kunst.

Dus maak tijd om uit de activiteiten van je linkerbrein te breken en ruimte te geven aan de rechterhelft. Dat kan door poëzie te lezen, naar muziek te luisteren, door religieuze rituelen te uit te voeren. Die rituelen verschillen radicaal van bijvoorbeeld de yoga die we nu in het Westen beoefenen. Yoga is ontwikkeld om ons ego kwijt te raken, heeft niets van doen met oefeningen om leniger te worden, om ons tevredener met onszelf te maken.’

Kunt u voorbeelden geven van de juiste rituelen?
‘Ik leef midden in Londen, in een achttiende-eeuwse straat. Mijn studeerkamer is op de bovenste verdieping. Als ik naar buiten kijk zie ik huizen. Maar daarachter is een gigantische, prachtige boom. Daar kijk ik naar, tien minuten. Ik zie het licht veranderen op de boom. Ik zie dieren in de boom komen en er weer uit vertrekken. Ik zie de boom zelf veranderen. Ik hoef niet tegen die boom te praten, maar door goed te kijken zie ik dat hij a life of his own heeft. En ook de dieren in de boom hebben hun eigen levendat verschilt van het mijne. En dat leven vloeit, stroomt.

Iedereen kan dit doen. Leg je smartphone en je koptelefoon weg. Zoek een rustige plaats. Begin met tien minuten per dag. Als het werkt breid je het langzaam uit. De meesten van ons hebben geen plotselinge bekeringen, zoals Sint-Paulus op weg naar Damascus.’

Hebben we de tijd? De ecologische crises doen zich hier en nu voor.
‘Ik ben geen onverbeterlijke optimist. Ik probeer bij te dragen vanuit mijn kennis van religie, anderen doen het op andere manieren. Maar we moeten allemaal doen wat we kunnen, in plaats van alleen te zeggen: dit is verschrikkelijk!’

De heilige natuur. Hoe we de relatie met onze natuurlijke omgeving kunnen herstellen
Karen Armstrong, vertaald door Albert Witteveen | Querido Facto |