Home Psyche Filosofie op de sofa: Hannah Arendt over liefde voor de wereld
Psyche

Filosofie op de sofa: Hannah Arendt over liefde voor de wereld

Door Marte Kaan op 12 januari 2026

Filosofie op de sofa Marte Kaan met De crisis van de opvoeding van Hannah Arendt
foto Merlijn Doomernik | illustratie Mikko Kuiper
Cover van
01-2026 Filosofie Magazine Lees het magazine
Psychotherapeut Marte Kaan ziet de inzichten van de grote denkers geregeld in het klein terug in de behandelkamer. Dit keer: Hannah Arendt.

‘Onderwijs is het punt waarop we beslissen of we genoeg van de wereld houden om haar te redden’

Soms ervaart een patiënt zo weinig hoop dat het besmettelijk is. Als deze hopeloosheid ook nog gekoppeld wordt aan de staat van de wereld, kan het lastig zijn om niet toe te geven aan de neiging om iemand moed in te praten. Natuurlijk is het uiteindelijke doel van therapie dat de patiënt het weer ziet zitten. Maar de weg ernaartoe gaat niet langs positief denken, of je het nu ‘omdenken’, ‘rationeel denken’ of ‘neurolinguïstisch programmeren’ noemt – al zijn dat fantastische ingrepen als ze werken. Voor de hopeloze is positief denken olie op het vuur van de wanhoop, omdat zelfs dát niet helpt.

Mijn patiënt is jong en dat kan een extra valkuil zijn bij wanhoop. Ik zou makkelijk kunnen denken dat hij nog maar net komt kijken en niet weet wat het leven brengt. Helaas heeft hij nu al meer narigheid meegemaakt dan de meesten van ons in een heel leven, in elk geval meer dan ik. En dat maakt me denk ik een even geschikte als ongeschikte gids.

Wil je dit artikel verder lezen?

Sluit een abonnement af op Filosofie Magazine voor slechts 4,99 per maand en krijg toegang tot dit artikel én de duizenden andere diepgaande filosofische artikelen. Luister nu ook alle nieuwe artikelen als audio.
Word abonnee en lees verder > Al abonnee? Log dan in en lees (of luister) verder.

Hannah Arendt schreef: ‘Onderwijs is het punt waarop we beslissen of we genoeg van de wereld houden om er verantwoordelijkheid voor te nemen en haar tegelijkertijd te redden van de ondergang die onvermijdelijk zou zijn als er geen vernieuwing zou zijn, als er geen nieuwe mensen en jongeren zouden komen.’ Arendt geloofde dat als mensen een realistische, wederkerige relatie met de wereld ontwikkelen, ze zouden begrijpen dat de zorg voor de wereld superieur is aan zorg voor jezelf. Daarvoor is het wel nodig om van die wereld te gaan houden.

Ik begrijp dat het voor mijn jonge patiënt lastig is van de wereld te houden, aangezien de wereld hem niet hartelijk verwelkomd heeft. Het is eigenlijk een wonder hoeveel liefde hij nog op kan brengen voor de wereld, denk ik weleens: hij houdt van zijn basketbalteam, van zijn beste vriend van de lagere school, hij houdt van vogels en oude films. Maar dat is niet genoeg.

Een voorwaarde om van de wereld te houden, is waarschijnlijk dat er in ieder geval een beetje van je gehouden is door de mensen die de wereld voor je vertegenwoordigen als je klein bent. Als dat je niet of nauwelijks gegeven is, zoals bij mijn patiënt, dan is het waarschijnlijk veel moeilijker om zelf liefde voor de wereld op te brengen.

In de media werd laatst aandacht besteed aan mentale problemen van hulpverleners. Een taboe, schijnt. Psychiaters en psychologen vertelden op de radio en televisie over hun burn-outs en depressies. ‘Het maakt me denk ik eerder meer dan minder geschikt,’ zegt iemand.

Ik hoef denk ik niet depressief te worden om mijn patiënt te kunnen helpen, maar misschien wel een beetje. Dan besef ik misschien hoe zwaar het is om van de wereld te houden als die er zo uitziet als die van hem. En kan ik, in plaats hem uit de put te praten, naast hem zitten en naar hem luisteren, met hoop voor twee.

De gevalsbeschrijvingen uit deze rubriek zijn nooit herleidbaar tot een bestaande patiënt of oud-patiënt.

Loginmenu afsluiten