Home Filosofie en literatuur De denker delft het onderspit in ‘De naam van de roos’ | recensie
Filosofie en literatuur

De denker delft het onderspit in ‘De naam van de roos’ | recensie

Door Thomas Velvis op 3 september 2026

De benedictijnse Sint-Michaëlsabdij in Piëmont, Italië, waar het klooster in ‘De naam van de roos’ op is gebaseerd
De benedictijnse Sint-Michaëlsabdij in Piëmont, Italië, waar het klooster in ‘De naam van de roos’ op is gebaseerd. beeld Elio Pallard/Wikimedia Commons
Filosofie Magazine Waarom willen we iemand zijn Miriam Rasch
09-2026 Filosofie Magazine Lees het magazine

In de graphic novel gebaseerd op Umberto Eco’s De naam van de roos zorgt de speurder alleen maar voor meer verwarring.

De lezer van dit tweede deel van de graphic novel van De naam van de roos valt met zijn neus in de boter: het verhaal wordt precies hervat bij de seksscène die zo meesterlijk beschreven wordt in het origineel van Umberto Eco. De knappe leerling-monnik Adson wordt in de keuken van de abdij verleid door een mysterieus meisje, een ervaring die de taal en het denken van de onervaren jongen te buiten gaat. De enige manier die hij heeft om die te vatten, zijn Bijbelse begrippen. In haar kussen proeft hij ‘het ware leven dat ons na dit sterfelijke bestaan in het gezelschap van de engelen in eeuwigheid beschoren zal zijn’; voor het hoogtepunt gebruikt hij de uitdrukking uit Genesis, als God na de schepping concludeert: et cuncta erant bona, en alles was goed.

Lees dit artikel verder

Voor € 6,99 per maand lees én beluister je dit artikel en alle andere online artikelen van Filosofie Magazine.

Word abonnee Al abonnee? Inloggen

De naam van de roos, de postmoderne detectiveroman van Eco (1932-2016), is het verhaal van de ondergang van de denker. Geconfronteerd met een serie moorden die het patroon van de zeven plagen uit Openbaring lijken te volgen, gaat de Sherlock Holmes-achtige monnik William van Baskerville op onderzoek uit, bijgestaan door Adson (‘Watson’). Maar we zien deze scherpzinnige denker alleen maar van hot naar her rennen over het terrein van de abdij, terwijl monniken bij bosjes omvallen en verboden boeken, geheime labyrinthen en zwarte vingertoppen enkel voor meer verwarring zorgen. Als aan het einde een klein ongelukje een catastrofe veroorzaakt, kun je alleen denken: had hij zich er maar nooit mee bemoeid. ‘Er was geen plan,’ stamelt William aan het einde van de roman, ‘en ik heb het bij vergissing ontdekt’.

Die iconische zin uit het origineel heeft de graphic novel van striptekenaar Milo Manara helaas niet gehaald. Maar des te sterker toont dit schitterend getekende verhaal de overwinning van de zintuiglijke werkelijkheid op het leven van de geest. Onder de kappen van de zwarte pijen zijn grove koppen getekend, van monniken die verleid door schoonheid of bedreigd met marteling alle idealen overboord gooien. Het geestelijke leven blijkt een façade waar de aardse lelijkheid zich achter verschuilt. Het lichtpuntje in de duistere abdij is de jonge Adson, die slechts eenmaal in zijn leven zijn kuisheidsgelofte zal breken en blijft teren op die ene dierbare herinnering. Hij kan aanvaarden dat hij zijn geliefde nooit meer zal zien, ‘mits ik de vreugde van die ochtend zou mogen bewaren en haar altijd dicht bij mij mocht hebben, al was ze voor eeuwig ver weg’.

De naam van de roos
Umberto Eco en Milo Manara
vert. Pietha de Voogd

Prometheus
72 blz.
€ 24,99

Loginmenu afsluiten