Home René ten Bos: ‘Later word ik ook filosoof’

René ten Bos: ‘Later word ik ook filosoof’

Door Rong Zwemmer op 04 mei 2017

Cover van 05-2017
05-2017 Filosofie magazine Lees het magazine

Wie is René ten Bos, de nieuwe Denker des Vaderlands? ‘Mijn leven is een paradox. Ik kom uit een wereld die zich nu verraden voelt door de elite.’

Toen zijn zusje overleed was hij zes jaar. Na haar overlijden ontving hij een kinderboek over filosofie. ‘Nadat ik het had uitgelezen, schijn ik tegen mijn moeder gezegd te hebben: “Later word ik ook filosoof.”’ Ten Bos heeft altijd het idee gehad dat filosofie troost kan bieden in absurde situaties. Door te filosoferen kun je leren omgaan met toestanden die voor jezelf niet goed uit te leggen zijn. 

Dit artikel is exclusief voor abonnees

Dit artikel op Filosofie.nl is alleen toegankelijk voor abonnees. Met liefde en zorg werken wij iedere dag weer aan de beste verhalen over filosofie. Steun ons door lid te worden voor maar €4,99 per maand. Log in om als abonnee direct verder te kunnen lezen of sluit een abonnement af.

Zijn voorspelling is uitgekomen. Ten Bos is als hoogleraar filosofie verbonden aan de Radboud Universiteit van Nijmegen en schreef de afgelopen 25 jaar aan de lopende band filosofieboeken over een palet van thema’s: van leiderschap tot het antropoceen. Voor Bureaucratie is een inktvis won hij in 2016 de Socratesbeker voor het meest urgente en prikkelende filosofieboek. Dit jaar neemt hij de eretitel Denker des Vaderlands over van Marli Huijer. Ter gelegenheid hiervan is het boek Later word ik filosoof verschenen. Het werk behandelt het leven en het gedachtegoed van de denker die de komende twee jaar met optredens en columns de filosofie bij een groot publiek zal brengen. 
Slachterij

Later word ik filosoof geeft een biografische schets van het arbeidersgezin in Hengelo waar Ten Bos opgroeide. In de voetsporen van zijn ouders werkte de vierde Denker des Vaderlands in een slachterij, katoenspinnerij en in het magazijn. ‘Smerig werk vond ik niet vervelend. Van alles deed ik, maar nooit met het idee: dit is iets wat ik wil blijven doen. Hoewel ik tegelijkertijd dat fysieke werk wel weer mooi vond.’ 

Ten Bos noemt het gezin waarin hij opgroeide ongeletterd en lower class. ‘Voor mij was lezen een manier om daaraan te ontsnappen. En om te laten zien dat we ook wel iets konden.’ Als tiener hield hij van moeilijke dichters, bestudeerde hij Franse en Duitse literatuur in de originele taal, en las hij Dostojevski en andere klassieke auteurs. De zelfbenoemde ongedisciplineerde leerling veroorzaakte eens heibel in de klas, toen hij betoogde dat er veel betere literatuur bestond dan op de opgegeven literatuurlijst. ‘Ergens speelt bij mij wel dat ik een verrader ben van de arbeidersklasse. Tegelijkertijd begeef ik mij graag onder ‘gewone lui’, zoals dat heet. Ik kom graag in cafés, en ik vind voetbalwedstrijden geweldig om te bezoeken.’
    

Managementgoeroe

Na zijn studie filosofie deed hij uiteenlopende baantjes om zich uiteindelijk te melden voor een uitkering bij het UWV, die hem een managementopleiding aanbood. Deze duik in de wereld van de managers vormde het begin van een reeks publicaties over de bedrijfswereld. De hypothese van zijn proefschrift is dat zogenaamde ‘managementgoeroes’ nieuwe modes introduceren om managers in staat te stellen tot een identiteitsexperiment. 
‘Alle modes vind ik fascinerend, omdat zij ons altijd in staat stellen tot identiteitsexperimenten die belangrijk zijn voor mensen om na te denken over wie ze willen zijn of worden. Een managementgoeroe komt aan dolende mensen een concept brengen waarmee ze kunnen experimenteren – dat is ook de link met de filosoof, want die doet dat ook.’