Margot, Coen en Tjalling zetten elk een muts op. Die worden willekeurig gepakt uit een tas. Er zit een rode muts in de tas, een witte en drie blauwe. Dit weten Margot, Coen en Tjalling. Ze kunnen niet zien welke muts ze zelf op hebben of welke mutsen er nog in de tas zitten, maar ze zien wel welke mutsen de anderen op hebben. Nu zegt Margot tegen Tjalling: ‘Je hebt geen rode muts op.’ Dan zegt Tjalling: ‘Ik weet niet wat voor muts ik op heb.’ Daarna zegt Coen: ‘Ik weet ook niet wat voor muts ik op heb.’ Welke kleur muts heeft Margot op?
Oplossing
Nadat Margot tegen Tjalling gezegd heeft dat hij geen rode muts op heeft, zou Tjalling kunnen weten welke muts hij op heeft. Als hij zou zien dat een van de anderen een witte muts heeft, moet hijzelf immers een blauwe muts op hebben. Maar Tjalling weet niet welke kleur muts hij heeft. En dus weten Margot en Coen dat ze geen witte muts op hebben. Nu zegt Coen dat hij het ook niet weet. Als hij een rode muts zou zien bij Margot, zou hij weten dat hijzelf een blauwe muts op heeft (de witte muts is immers al uitgesloten). Maar hij weet het niet. Margot heeft dus geen witte en geen rode muts, dus moet ze wel een blauwe muts op hebben.
