Home De dood Marli Huijer: Doodeenvoudig
De dood Denker des Vaderlands

Marli Huijer: Doodeenvoudig

Door Marli Huijer op 21 april 2015

Cover van 05-2015
05-2015 Filosofie magazine Lees het magazine
Mocht er op een avond een demon achter mij aankomen en mij zeggen dat ik mijn leven nog eens op precies dezelfde manier zal leven, dan zou ik hem een kleine variatie voorstellen: ik zou met René Gude onderzoeken of filosofie het leven makkelijker of moeilijker moet maken. Het is er tot nu toe niet van gekomen en nu René dood is, is het te laat. Hoe zou dat gesprek eruitzien? ‘Kom lekker zitten, meid’, zou René zeggen. ‘Rood of wit?’ We zouden een poosje voor ons uitstaren, genietend van de wijn. 

Dit artikel is exclusief voor abonnees

Dit artikel op Filosofie.nl is alleen toegankelijk voor abonnees. Met liefde en zorg werken wij iedere dag weer aan de beste verhalen over filosofie. Steun ons door lid te worden voor maar €4,99 per maand. Log in om als abonnee direct verder te kunnen lezen of sluit een abonnement af.

‘Toch fijn’, doorbreekt René de stilte, ‘dat ook al is het leven eindig, je zelf een soort onsterfelijkheid kunt maken. Wat een troost dat de mensen in mijn omgeving, straks als ik dood ben, gewoon doorgaan en dat ook mijn bijdrage daaraan niet verdwijnt. Filosofie leert je jezelf te verbeteren in de omgang met anderen. Dat komt van pas als je weet dat je gaat sterven.’
‘Is dat niet te makkelijk?’, vraag ik, ‘De keren dat ik bij het sterfbed zat, viel me juist op hoe moeilijk het is. De waarheid dat het leven voorbij is, is onverteerbaar. Staat dat niet lijnrecht tegenover het goede leven?’
‘Huijer’, grinnikt René terwijl hij een wolkje rook uitblaast, ‘Over filosofie kun je je twee voorstellingen maken. De ene is dat de filosofie alles oneindig bevraagt en het daardoor moeilijk maakt; de andere dat de filosofie trucs, instrumenten en trainingsprogramma’s aanreikt waarmee je je leven kunt organiseren. De makkelijke weg.’
Ho, stop! Dit verhaal gaat met me aan de haal. Laat ik het maar bekennen: ik worstel met René’s opvatting dat sterven doodeenvoudig is. Dat het tot nu toe iedereen is gelukt, overtuigt me niet. Ook als ik het mezelf straks moeilijk maak, me met hand en tand tegen de dood verzet, zal het lukken te sterven.
 
Maar nu ik deze column schrijf, vraag ik me af of René niet bedoelde dat iets makkelijk wordt als je het moeilijk maakt. Hij schroomde niet het leven als een moeizaam gedoetje te zien en elke emotie en voorstelling te bevragen. Zo dokterde hij al denkende een eigen, ‘doodeenvoudige’ manier van sterven uit. Hij vond steun bij de sceptici en stoïcijnen, maar zal het vast niet erg vinden als ik die bij andere denkers zoek.
‘Leuk bedacht’, zegt René bij het afscheid, ‘Maar weet wel dat als we hetzelfde over moeilijk en makkelijk denken, de demon je geen tweede kans zal geven.’