Laatst kreeg ik het zinnetje weer eens voor m’n kiezen, aan tafel tijdens een etentje. Ik vroeg me iets af, over politiek, het opvoeden van kinderen, onderwijs – ik dacht gewoon wat voor me uit. En daar was-ie: ‘Je denkt te veel na.’
Zoals een hamertje op je knie bij de fysiotherapeut ervoor zorgt dat je been omhoogschiet, zo zorgt deze zin ervoor dat ik niet minder ga nadenken, maar meer. Direct, automatisch, niet te stoppen. Net als bij dat hamertje.
Dus, daar ging ik: wanneer denk je genoeg? Wie bepaalt die grens? Is het zinnetje een goedbedoelde waarschuwing of een afkapping? Zeggen mensen dit omdat jouw denken hen oncomfortabel maakt? Betekent het misschien: ‘Denk niet verder dan ik’? En als je te veel kunt nadenken, hoeveel is dan precies goed? Bestaat er zoiets als te weinig nadenken? Waarom hebben we daar dan geen uitdrukking voor?
Even tussendoor …
Meer columns lezen van Elke Wiss? Schrijf je in voor de gratis nieuwsbrief:
Leven we in een maatschappij die ‘doen’ boven ‘denken’ waardeert? Is overthinking een probleem of een superkracht? Is dit de moderne versie van ‘Stel je niet aan’? Is nadenken een luxezaak geworden? Kan ik gewoon zeggen: ‘Misschien denk jij te weinig na’? Of is dat onbeleefd? Waarom is dat dan onbeleefd?
Maar misschien denk ik nu wel te veel na. En zelfs dat is onmogelijk te zeggen, want ik moet toch eerst denken om te kunnen bepalen of ik te veel denk.
Kun je denken zonder te vragen? Hoofdredacteur Coen Simon vraagt Elke Wiss lastige vragen over vragen in de nieuwe aflevering van de podcast Filosofie is makkelijker als je denkt. Beluister hem op Spotify of Apple Podcasts.

