Home De Wittgensteins: schatrijk, getalenteerd, dapper en depressief

De Wittgensteins: schatrijk, getalenteerd, dapper en depressief

Door Marco Kamphuis op 20 januari 2010

Cover van 01-2010
01-2010 Filosofie magazine Lees het magazine

Alexander Waugh schreef een welkome aanvulling op Ray Monks klassieke biografie Ludwig Wittgenstein. Door de filosoof samen met zijn broers en zussen te portretteren, brengt hij hem nog net iets dichterbij. Op het eerste gezicht viel de familie Wittgenstein te benijden. Vader Karl was, met het fortuin van zijn vrouw Leopoldine als startkapitaal, een van de rijkste mensen van Europa geworden. In het Wenen van het fin de siècle – de bruisende, kosmopolitische hoofdstad van de Donau-monarchie – resideerde het gezin in een met kunstschatten volgestapeld paleis waar Brahms, Mahler en Richard Strauss te gast waren. Diplomaten, schrijvers en kunstenaars schoven aan voor het diner, en niemand minder dan Klimt kreeg opdracht het huwelijksportret te schilderen van Karls jongste dochter Gretl (die het doek naar de zolder verwees: de mond beviel haar niet). Vrijwel alle acht de kinderen hadden een grote begaafdheid van hun ouders geërfd, vooral op muzikaal terrein. Gasten in het paleis hoorden de gezinsleden in wisselende samenstelling kamermuziek spelen, maar altijd in opperste harmonie.

Die saamhorigheid duurde slechts zolang de muziek klonk. Karl had geen geduld met zijn kinderen en was teleurgesteld omdat zijn zonen niet over zijn vitaliteit beschikten en geen belangstelling hadden voor het staalimperium dat hij had opgebouwd. Leopoldine, altijd op het randje van overspannenheid, verzuimde haar kinderen in bescherming te nemen tegen haar veeleisende echtgenoot. Ook onderling hadden de broers en zussen voortdurend onenigheid. Maar wat het zwaarst op de familie drukte, was de neurotische, depressieve aanleg die als kennelijke tegenhanger van begaafdheid door de familie waarde en zich vooral in mannelijke lijn deed gelden. Drie van de vijf broers Wittgenstein pleegden zelfmoord. Rudolf, een 23-jarige student scheikunde met gevoel voor theater, deed dat zelfs in het openbaar. Aan het tafeltje van een Berlijns café nam hij cyaankali in, terwijl de barpianist op zijn verzoek een droevig lied ten gehore bracht. Ook de twee jongste broers zouden hun leven lang met zelfvernietigingsdrang te kampen hebben. Zij, Paul en Ludwig, staan centraal in De Wittgensteins van Alexander Waugh.

Dit artikel is exclusief voor abonnees

Dit artikel op Filosofie.nl is alleen toegankelijk voor abonnees. Met liefde en zorg werken wij iedere dag weer aan de beste verhalen over filosofie. Steun ons door lid te worden voor maar €4,99 per maand. Log in om als abonnee direct verder te kunnen lezen of sluit een abonnement af.