Waarom willen kinderen zo graag in een stapelbed of een hoogslaper? Of waarom schieten ze even de stoep af en het trapje op van een herenhuis? Aan de ene kant erop, aan de andere kant eraf. De paradox van de trap is dat deze altijd uitnodigt hem te bestijgen, terwijl de trap onze tred zwaar maakt. Een trap oogt vrijwel altijd organisch, alsof hij vanzelf naar de volgende verdieping groeide. De trap gaat in onze verbeelding ook altijd naar boven. Zelfs een keldertrap gaan we voor ons gevoel tegen de richting in af. Alhoewel de trap fysiek twee verdiepingen verbindt, zorgt zijn aanwezigheid er juist voor dat we de etages als afzonderlijke sferen ervaren. Elke trap is als die van Escher, een denkstap in ons hoofd.
Even tussendoor …
Meer van hetzelfde anders zien? Schrijf je in voor de gratis nieuwsbrief:
