Home Wolken vangen

Wolken vangen

Door Marianne M. van Dijk op 16 augustus 2012

Cover van 09-2012
09-2012 Filosofie magazine Lees het magazine

Dit is geen fotoshop. Kunstenaar Berndnaut Smilde heeft daadwerkelijk een wolk gecreëerd door middel van een rookmachine, vocht en tegenlicht. Filosoof Sybrandt van Keulen vertelt waarom.

Dit artikel is exclusief voor abonnees

Dit artikel op Filosofie.nl is alleen toegankelijk voor abonnees. Met liefde en zorg werken wij iedere dag weer aan de beste verhalen over filosofie. Steun ons door lid te worden voor maar €4,99 per maand. Log in om als abonnee direct verder te kunnen lezen of sluit een abonnement af.


Smilde moest zo’n twaalf wolken maken voordat hij een geslaagde foto had. De foto is slechts een onderdeel van Nimbus d’Aspremont, de creatie van de wolk zelf was ook een belangrijk element, die vormde een soort performance waar een select publiek bij aanwezig was. Sybrandt van Keulen, als docent esthetica verbonden aan de Universiteit van Amsterdam: ‘Aan beide elementen – foto én performance – zijn even hoge eisen gesteld, je begrijpt het werk niet als je het alleen als een foto beschouwt. Het is een document van iets dat voorbijgaat.’

Wat is het idee er achter?
‘Eerst dacht ik aan wat Gotthold Ephraim Lessing in zijn essay 'Laocoon' het transitorische noemt. Hij heeft het over een sculptuur waarin de priester Laocoon te zien is op het moment dat hij wordt vermoord door de Griekse goden. Het raadselachtige van het beeld is altijd geweest dat Laocoon geen enorm vertrokken gezicht heeft. Lessings verklaring is dat een verkrampt gezicht tot een afstotelijk beeld zou hebben geleid, en dat we de scène nu beter tot ons door kunnen laten dringen. Belangrijker nog, hij stelt dat de toeschouwers hun verbeelding nu meer zullen gebruiken om zich voor te stellen hoe Laocoon het hierna zal uitkermen van de pijn. De verbeelding van de pijn valt niet onder de beeldhouwkunst volgens Lessing, maar onder de poëzie. Zo wordt het moment vlak voor de doodsschreeuw een scharnierpunt tussen twee genres, tussen de beeldhouwkunst en de poëzie. Dat noemt Lessing het transitorische.

Nu zou ik het onderscheid tussen beeldhouwkunst en poëzie niet meer zo maken, maar in het werk van Smilde zie je wel een scharnier tussen twee andere genres: de traditionele schilderkunst en de conceptuele kunst. De wolk verwijst naar het schilderkunstige, als een soort flard uit een werk van Ruysdael of Turner. Mijn eerste reactie op dit werk was: ‘Oh wat mooi!’. Maar daarna kwam onmiddellijk de vraag op: wat zegt het me? Mijn antwoord is: dit werk legt een ander transitorisch moment vast, van schilderkunst naar conceptuele kunst. Marcel Duchamp heeft namelijk in zijn werk Het grote glas (1915-1923) een wolk gebruikt om het object van erotisch verlangen te verbeelden.’

Het verschil is dat de wolk van Smilde op het punt staat te verdwijnen.
‘Klopt, en dat bracht mij opnieuw terug naar het concept van het transitorische, maar dan bij een andere auteur: Baudelaire. Charles Baudelaire was een denker van de moderne tijd, hij verwoordde voor het eerst de houding van een kosmopolitische kunstenaar. Voor hem staat het transitorische voor alle dingen die komen en gaan, en waarvan hij vindt dat de kunstenaar er iets van moet vangen in een werk, als ware hij een journalist die door de wereld reist en snap shots maakt.  Berndnaut Smilde werkt ook in die betekenis met het transitorische, hij heeft een vluchtige wolk lokaal gevangen en vastgelegd. Maar hij gebruikt fotografie niet als journalistiek instrument, in die zin is Smilde conceptueler bezig dan Baudelaire voor ogen had.’

Vertelt dit werk net als in Baudelaires ideaal wel iets over onze tijd?
‘In zekere zin wel. Maar zijn werk – als momentopname van een geïnstalleerde wolk – is niet een kiekje van het een of ander. Ik zou het een nieuw besef van het transitorische willen noemen: hij verbindt het tijdloze, de conceptuele wolk van Duchamp, met een moment, namelijk de installatie, zonder ze aan elkaar gelijk te stellen. Smilde creëert met dit werk dus niet alleen een scharnier tussen genres maar ook tussen de moderne geest en het verlangen naar iets boventijdelijks, zeg Schoonheid.

Die scharnierwerking zie je terug in onze huidige tijd, waarin met functies als iCloud [stuurt documenten, foto’s en muziek automatisch en draadloos naar al je apparaten, MvD) alles wat je nu doet tegelijk ook in een ander medium wordt vastgelegd. De actie in het hier en nu op iCloud vangt en verdampt tegelijkertijd de eeuwigheid. Smilde lijkt niet nostalgisch te verlangen naar de tijd voor internet, ook is hij niet pessimistisch over de toekomst. Hij maakt gewoon een schitterende voorstelling van de verdamping van ons besef van ruimte en tijd.’

Nimbus D'Aspremont 2012
Berndnaut Smilde
Tentoonstelling ‘Manifest aanwezig’, Kasteel d’Aspremont-Lynden, Groenplaats 1-(BE), Oud-Rekem (België)