Log in

Wachtwoord vergeten?

Word lid Log in Contact

Filosofie.nl

vrijdag 20 november 2020

Weekendlijstje: Vorsten

Friso van der Meer

Na de excuses van koning Willem-Alexander over zijn gezinsuitje naar Griekenland werd er druk gespeculeerd over de houdbaarheid van de monarchie. Monarchieën bestaan al millennia. Maar wat is precies de functie van een monarchie en waaraan moet een vorsten voldoen? Vijf filosofen over de rol van vorsten.

Plato

Volgens Plato (427-347 v.Chr.) raken staten alleen van kwellingen bevrijd als ze worden bestuurd door een filosoof-koning. Wie ziek is, wil immers ook genezen worden door een expert. En voor een rechtvaardig bestuur is politieke wijsheid nodig, die alleen na een lange opleiding voor enkelen is weggelegd. En dan hebben we het natuurlijk over filosofen, die wijsheid als een tweede natuur hebben ontwikkeld. Van de democratie verwachtte Plato weinig bestuurlijke rechtvaardigheid.

Lees hier meer over Plato’s filosoof-koning

Thomas Hobbes

Volgens Thomas Hobbes (1588-1679) staan mensen elkaar van nature naar het leven. De enige manier om dit te voorkomen, is om onze individuele vrijheden over te dragen aan een absolute macht. De macht moet absoluut zijn omdat het vechten en bekvechten tussen individuen anders geen einde kent. De mens zou dan nooit ontkomen aan de natuurtoestand, waarin hij weliswaar vrij is, maar altijd kwetsbaar en in oorlog. In Leviathian (1651) pleit Hobbes voor een staatsmacht die ontzagwekkend is, bij voorkeur een monarchie. Daarin heeft één persoon de leiding en kan desnoods met de dreiging van geweld de orde handhaven. Dit is noodzakelijk want ‘overeenkomsten zonder het zwaard zijn niets dan woorden.’

Lees meer over Thomas Hobbes 

Desiderius Erasmus

Desiderius Erasmus (1466 – 1536) schreef de Opvoeding van een christelijk vorst (1516) voor de jonge koning van Spanje, de latere keizer Karel V. Hij leerde hem dat de positie van de koning vooral gebaseerd is op gezag en niet op macht. Daarom is luisteren naar onderdanen even belangrijk als luisteren naar het eigen geweten. Volgens Erasmus komen goede moralen niet van regels en instituten, maar uit de mens zelf. In Lof der Zotheid (1506) spiegelt hij vorsten voor zich te gedragen naar hun positie, en kennis en ontwikkeling te verkiezen boven lichamelijke genietingen.

Lees hier meer over Erasmus

Niccolò Machiavelli

Niccolò Machiavelli (1469-1527) stelt in zijn postuum verschenen De Heerser (1532) dat een vorst, wil hij zijn macht behouden, sterk als een leeuw en sluw als een vos moet zijn. Het onstuimige Italië van zijn tijd had behoefte aan een sterke leider. Eerder gevreesd dan geliefd, zodat het volk niet snel in opstand zal komen. Maar de vorst moet zich in zijn wreedheid wel aan de mores houden, anders leidt het alsnog tot zijn ondergang. Hij mag geen vrouwen van onderdanen schaken en eigendommen afpakken. Zijn beslissingen moeten onherroepelijk zijn, zijn geest sterk, maar hij dient ook ten alle tijde een voorbeeld zijn voor het volk.

Lees hier meer over Machiavelli 

Hans Dijkhuis

Hans Dijkhuis (1952) pleit voor een gekozen monarch. Erfopvolging is in de geschiedenis van de monarchie nog maar een betrekkelijk jonge uitvinding. Gekozen koningschap was eeuwenlang de norm. In zijn Monarchia (2010) doet Dijkhuis een studie naar het filosofisch denken over de monarchie. Vroeger bezat de koning de macht, maar ‘de moderne constitutionele, parlementaire monarchie is een merkwaardige, hybride mengvorm van monarchale en republikeinse elementen.’ Dijkhuis meent dat het voor hedendaagse koningshuizen lastig populariteit te verwerven, omdat ze zo weinig in te brengen hebben. Bovendien, meent Dijkhuis  is een erfelijk staatshoofd in strijd met artikel 3 van de Nederlandse Grondwet, waarin alle Nederlanders in openbare dienst gelijk benoembaar zijn.

Lees meer over Dijkhuis en gekozen koningschap