Log in

Wachtwoord vergeten?

Word lid Log in Contact

Filosofie.nl

vrijdag 9 oktober 2020

Weekendlijstje – Filosofische Nobelprijswinnaars

Friso van der Meer

Deze week waren de jaarlijkse Nobelprijsuitreikingen. Hoewel filosofie geen aparte discipline is, zijn er in het verleden toch regelmatig filosofen in de prijzen gevallen. Een weekendlijstje met vijf filosofische Nobelprijswinnaars.

Rudolph Christoph Eucken

Rudolph Christoph Eucken (1846-1926) is de minst bekende van de vijf filosofische prijswinnaars. Hij ontving de Nobelprijs voor Literatuur in 1908. Zijn aandacht voor het innerlijk leven van de mens loopt als een leidraad door zijn werken. In Zur Sammlung der Geister (1914) beschrijft hij hoe de arbeidscultuur in zijn tijd ervoor zorgt dat arbeiders niet langer de mogelijkheid hebben zich innerlijk te ontwikkelen. De hoge eisen die er aan arbeiders worden gesteld zijn daarom volgens hem een bedreiging voor de mensheid.

Lees hier meer over vervreemding op de werkvloer.

Bertrand Russell

De Britse filosoof, logicus en historicus Bertrand Russel (1872-1970) leverde met zijn paradoxen, religiekritiek en politiek activisme bijdrages aan verschillende disciplines. Hij won in 1950 de Nobelprijs voor Literatuur. Deze vrijdenker vergeleek Gods bestaan met een zwevende theepot in het sterrenstelsel. Het bestaan van beide is immers volstrekt niet te bewijzen. In de paradox die bekend is geworden als de Russellparadox vraagt hij zich af of een barbier zichzelf wel of niet scheert, als hij alleen mannen scheert die zichzelf niet scheren. Bij de logici van zijn tijd sloeg deze paradox in als een bom. Naast zijn filosofische bijdrage lever hij in de vorm van het Russell Tribunaal een belangrijke bijdrage aan het pacifisme. Dit tribunaal richtte hij samen met Jean-Paul Sartre op om de oorlogsmisdaden in de Vietnamoorlog te berechten.

Lees hier meer over Russells politieke opvattingen.

Jean-Paul Sartre

Jean-Paul Charles Aymard Sartre (1905-1980) was filosoof en schrijver en een van de grondleggers van het existentialisme, een filosofie die radicale vrijheid predikt. Volgens Sartre zijn we altijd vrij om ons tot onze omstandigheden te verhouden, hoe beperkend die soms ook lijken. Het was precies zijn vrijheidsopvatting die hem ertoe leidde de in 1964 aan hem toegekende Nobelprijs voor de literatuur te weigeren. Hij wilde niet dat mensen hem op een voetstuk plaatsten en wilde bovendien niet vereenzelvigd worden met een prijsgevend instituut.

Lees hier meer over vrijheid bij Sartre.

Albert Camus

Albert Camus (1913-1960) was filosoof, journalist en schrijver. Hoewel hij vaak onder het existentialisme geschaard wordt, weigerde hij dit label zelf. Hij vond de noemer ‘absurdisme’ toepasselijker voor zijn filosofie. Het leven is volgens Camus betekenisloos, maar dat betekent volgens hem niet dat we ermee hoeven te stoppen. In Le Mythe de Sisyphe (1942) schrijft hij dat Sisyphus een authentiek leven leidde, ook al moest die steeds opnieuw dezelfde steen de berg op duwen. Camus kreeg de Nobelprijs voor Literatuur in 1957 de prijs voor zijn essay Réflexions sur la Guillotine. In dit essay zet hij zich af tegen de doodstraf.

Lees hier meer over het tegendraadse denken van Camus.

Amartya Sen

Amartya Kumar Sen (1933) is een econoom en filosoof en de enige in dit Weekendlijstje met een Nobelprijs voor de Economie (1998). Hij staat bekend om de kritiek op de rationele keuzetheorie. Hij bestrijdt de positie dat individuen in staat zijn om alle mogelijkheden af te wegen, en zodoende rationele keuzes te maken. De omgeving van individuen heeft volgens Sen ook invloed op beslissingen. Daarnaast staat hij samen met Martha Nussbaum bekend als een van de bedenkers van de capabilities approach, een theorie die bij het meten van welvaart uitgaat van de mogelijkheden die mensen hebben om zich te ontwikkelen.

Lees hier meer over het gedachtegoed van Sen.