Home Volgens deze pessimistische filosoof is de wereld niet gemaakt voor de mens

Volgens deze pessimistische filosoof is de wereld niet gemaakt voor de mens

Schopenhauer was een pessimist, maar hij laat ook zien hoe we toch gelukkig kunnen worden. Luister naar muziek: ‘Muziek geeft al onze aandoeningen weer, zonder ons werkelijk te kwellen.’

Door Lieke Groen op 28 februari 2018

Volgens deze pessimistische filosoof is de wereld niet gemaakt voor de mens
Cover van 03-2018
03-2018 Filosofie magazine Lees het magazine

Arthur Schopenhauer was een aartspessimist en misantroop. Hij huurde soms een heel café af om ongestoord in zijn eentje te kunnen dineren en zich door middel van krantenberichten onder te dompelen in de narigheid van de wereld. De mens zag hij als pendule, heen en weer slingerend tussen de smart die voortkomt uit onvervulde verlangens en de verveling die toeslaat wanneer verlangens vervuld zijn. 

Tekst loopt door onder afbeelding

Fotografie BMfotografie

Frans Jacobs, die volgens zijn zoon eveneens een wat pessimistische inslag kan hebben, schreef De essentie van Schopenhauer. Ik bezoek hem bij hem thuis. Als ik de woonkamer binnenstap valt mijn oog op twee teddyberen, die me vriendelijk aankijken vanaf de bank. Vooralsnog duidt niets erop dat ik het huis van een pessimist heb betreden.

‘Schopenhauer had in alles bijna gelijk’, zegt Jacobs. Schopenhauer probeert op allerlei manieren te bewijzen dat pessimisme de enige adequate levensleer is, iets waar Jacobs zich in principe in kan vinden (‘De wereld is niet gemaakt voor de mens, laat ik het zo samenvatten’). Toch verdenkt Jacobs Schopenhauer van enige onoprechtheid wanneer het op zijn pessimisme aankomt: ‘Bij Schopenhauer lijkt het soms meer een pose. Zijn pessimisme is niet zonder meer pessimistisch, niet volledig hopeloos. Hij draagt bepaalde manieren aan waarop je er een beetje aan kunt ontsnappen. Een van die manieren is kunst en in het bijzonder muziek.’

Hoe kan kunst ons volgens Schopenhauer helpen om aan pessimisme te ontsnappen?
‘Kunst staat buiten het nut. Normaal gesproken doen mensen dingen omdat ze nut hebben, omdat ze bepaalde motieven hebben om die dingen te doen. Maar als je voor een kunstobject staat, komen alle belangen en motieven tot rust en ga je op in bewondering. Als je dat kunt opbrengen, bereik je een zeker niveau van geluk, al was geluk voor Schopenhauer een erg groot woord.’

Volgens Schopenhauer kan muziek in het bijzonder het bestaan verlichten; muziek noemde hij ook wel ‘de taal van de emoties’. ‘Muziek was voor hem erg belangrijk. Hij wilde muziek op een bijna dwangmatige manier inpassen in zijn filosofisch systeem. Daar slaagde hij niet helemaal in, maar wat hij zegt over muziek is desalniettemin mooi.’ 

Tekst loopt door onder afbeelding

Fotografie BMfotografie

De essentie van wat Schopenhauer zegt over muziek is dat het zich juist in geen ander medium laat uitdrukken dan in de muziek zelf. Genoeg gepraat dus, en tijd om te luisteren. Frans Jacobs laat me een sonate van Scarlatti (K 208) horen.

‘In deze muziek klinkt het alsof iemand verschillende keren een moeilijke taak probeert te vervullen, maar daarin telkens niet slaagt, totdat er uiteindelijk een doorbraak plaatsvindt en hij tot zijn aangename verrassing succes heeft. Dat kennen we allemaal. Op die manier kan muziek relativeren en troost bieden, omdat je beseft dat dingen die mensen ondernemen nu eenmaal regelmatig mislukken en dat dit nu eenmaal bij het leven hoort.’ 

Dat doet denken aan wat Aristoteles ‘catharsis’ noemt. Is het vergelijkbaar?
‘Het lijkt er inderdaad op. Je wordt als luisteraar bevangen door emoties, maar je kunt tegelijkertijd, omdat je bijvoorbeeld rustig op de bank zit met een biertje, afstand nemen. Op die manier kun je een beetje loskomen van je emoties en verlangens, en dat is eigenlijk Schopenhauers ultieme doel. Verlangens maken ongelukkig, omdat er zich almaar nieuwe te vervullen verlangens aandienen. Beter is het dus om los te komen van die verlangens en helemaal niks te willen. Al slaagde Schopenhauer daar zelf totaal niet in.’ 

Speelt muziek voor u ook een dergelijke rol?
‘Ja, ik vind muziek een wonderlijk verschijnsel. Hoe kan het dat je, puur door klanken, zo wordt meegesleept?’ 

Wanneer ik hem vraag in welk muziekstuk hij Schopenhauers opvatting van muziek als ‘de taal van emoties’ terughoort, laat hij het tweeëntwintigste preludium van Das Wohltemperierte Klavier van Bach (BWV 867) horen. 

Tekst loopt door onder afbeelding

Fotografie BMfotografie

‘In een boek over Das Wohltemperierte Klavier las ik dat in het tweeëntwintigste preludium de basstem de indruk wekt van een lijkstoet waarin wij voortschrijden. Volgens Schopenhauer kan dezelfde muziek ook uitdrukking geven aan de twist tussen Agamemnon en Achilles en aan die van een bezadigde burgerfamilie. Zo kun je zowel iets hoogverhevens als iets heel banaals terughoren in de muziek en brengt die ons in aanraking met de matrices van alle emoties.’ Iets wat volgens Jacobs niet goed in woorden uit te drukken is, althans nooit zo goed als in de muziek zelf. Daarover zijn hij en Schopenhauer het eens. ‘Wat een bepaald muziekstuk mooi maakt kun je alleen maar in de vorm van een muziekstuk laten horen. Je kunt dat niet in een ander medium weergeven.’

Woorden schieten dus tekort – een gevaarlijk cliché, maar volgens Jacobs toch toepasselijk in deze context. ‘Het is een cliché, maar je kunt het wel zeggen aan het slot van een hele redenering, want dan valt het gewoon niet verder uit te leggen. Dan moet je gewoon gaan luisteren.’

Dit artikel is exclusief voor abonnees

Dit artikel op Filosofie.nl is alleen toegankelijk voor abonnees. Met liefde en zorg werken wij iedere dag weer aan de beste verhalen over filosofie. Steun ons door lid te worden voor maar €4,99 per maand. Log in om als abonnee direct verder te kunnen lezen of sluit een abonnement af.