klik om een oordeel te geven!
Iemand moet Kees J. belasterd hebben, want zonder dat hij wist dat hij iets kwaads had gedaan, werd hij op een morgen gearresteerd. De ochtend na zijn slippartij in Zele werd Kees J. wakker van gemorrel aan zijn deur. Voor zijn neus stond een man in zwarte toga, zijn gezicht versleten alsof de geveinsde objectiviteit van zijn beroep hem had afgemat. Kees J. was alweer vergeten waaraan hij schuldig was – een slippartijtje op een rustige rotonde zag hij zelf als onschuldige kattenkwaad – maar toen de man voor hem zijn vonnis uitsprak en dit bekrachtigde met het aanreiken van een dik boek waarop in rode letters “Tonio” geschreven stond, besefte Kees J. dat hij gehoorzamen moest. Twee weken later, op zijn eenendertigste verjaardag, las hij bladzijde 632, de laatste pagina.

Literatuur als straf – het klinkt als een ideale wereld. Het was in België. Zo vlakbij en toch in Nederland bijna ondenkbaar: het geven van op maat gemaakte straffen en het toelaten van creativiteit waar de Wet regeert. Dat vergt durf. Nederland zit daarentegen gevangen in een discours van ‘doe es normaal man’.

De Libris Literatuurprijs  die afgelopen maandag werd uitgereikt aan A.F. Th. Van der Heijden is daarom meer dan eer en een geldbedrag. De prijs symboliseert de mogelijkheid op morele vooruitgang.  Literaire verbeelding kan een snelheidsduivel van zijn wandaden weerhouden. Een simpel ‘doe es normaal man’ kan dat niet.

In Eichmann in Jeruzalem.  De banaliteit van het kwaad doet de Joods-Duitse filosofe Hannah Arendt verslag van het Eichmann proces in 1961. Wat Arendt vooral verbaast, is dat Eichmann geen monstrueus figuur is. Zijn daden zijn dat natuurlijk wel, maar zijn motieven niet. Die zijn net zo ondoordacht als die van een doodgewone klerk die zijn bureaucratisch werk overijverig uitvoert. En juist die onnadenkendheid, betoogt Arendt, is het grote probleem. Want wat Eichmann mist is ‘het vermogen om zichzelf het standpunt of positie van een ander in te denken.’

Door te denken kunnen we ons lichaam ontstijgen. Dat lichaam maakt ons tot jou en mij. Het geeft ons een plek in de wereld, maar begrenst ons eveneens. Als ik pijn ervaar, is het mijn pijn, en nooit die van een ander. Door te denken, ontstijgen we de gebonden subjectiviteit van ons lichaam. Zo zijn we in staat om ons in te leven in een ander. Ons empatisch vermogen is dus niet een natuurlijke capaciteit, maar een die verworven wordt door middel van verbeelding.

Een van de belangrijkste aspecten van het denken is het zich inbeelden in het standpunt van een ander. Dat vermogen zien we terug in de literatuur. Literatuur streeft ernaar een verhaal te vertellen dat het momentele ontstijgt. Het verhaal ontstijgt het lichaam door de lezer in een gedeelde wereld van woorden en associaties te werpen. Literatuur verbindt ons met het universele en bevrijdt ons van de bekrompen gebondenheid aan onszelf.

Dankzij Jan van Mersbergen begreep ik als Randstedeling plots wat carnaval is. In Brouwers Bittere bloemen beleefde ik de tragiek van een uitgespeelde oude man en in Victoria’s Gelukkig zijn we machteloos ervoer ik onuitgesproken angsten op een burgerlijk familiefeest. Met Bulnes stroomde het Spaanse bloed door mijn aderen, van Loy liet me even los in Hollywood. En Tonio, ach Tonio had ik –  eenentwintig jaar en beschonken richting huiswaarts op de fiets –  zelf kunnen zijn.

Het ontstijgen van onszelf en het inbeelden in een ander, maken een rechtvaardige samenleving mogelijk. Individuele voorbeelden zijn de voedingsbodem van ons oordeelsvermogen. Daarom hebben we literaire helden nodig. Het zijn de Josef K.’s en de  Tonio’s die ons helpen de wereld ethisch in te delen.

De Librisprijs is meer dan een viering van schoonheid. De prijs huldigt de mogelijkheden van de mens.

Literatuur is nodig. Niet om te verwoorden hoe de werkelijkheid is, maar om weer te geven wat de werkelijkheid kan zijn. Die werkelijkheid is grootser dan wijzelf, grootser dan het plezier van lekker slippen op een rotonde in Zele.

Literatuur biedt de mogelijkheid om even te ontsnappen in die grootsheid, maar bovenal bieden woorden en verbeelding de gelegenheid om het grootse te aanschouwen. 
Wanneer je dat wat werkelijk zou kúnnen zijn, in kan zien, ziet Kees J. misschien dat er, juist wanneer hij het gaspedaal in wil drukken, een jongen van een jaar of eenentwintig de rotonde op fietst.

Reacties

Boven de interessante column staat "Door Simone van Saarloos - Vandaag - Geen reacties", dus slechts ter kennisgeving slechts als een reactie op de interessante column: zoals ik het heb begrepen was Eichmann slechts het hoofd van een afdeling, zeg maar een soort boekhoudafdeling, die slechts - mogelijk gewoon omdat het als normaal werd ervaren of het motief van het in tijden van crises hebben van een baan zodat in de crisis de hypotheek of de huur betaald kan worden, wie wil dit niet, als een soort boekhouder die als een soort automatische piloot slechts de orders op kan volgen die naast je zou kunnen wonen, zodat het te hopen is, hoewel minder dan 1% van de bevolking tot de verzetsstrijders/helden zal behoren, dat je in een vergelijkbare situatie onder druk niet hetzelfde doet, dus ken niet zozeer de ander, maar u zelf, wat beter is dan het te zoeken in een externe duivel die we als de externe zondebok kunnen aanwijzen, zodat alle problemen daar komen te liggen en niet bij onze stam, welk punt van welke filosoof, zoals dit met name na het zonder mandaat van de VN naar een democratie bombarderen van Irak is waar te nemen, in de te voeren onze stam is de beste oorlogen door de leiders met de meeste atoombommen achter de hand helaas niet is overgenomen.

Theo Benschop op 10-05-2012 om 06:34