Scepticus

Filosoferen in je dromen

Filosofie, droom, bewustzijn, ervaring, brein, Alva Noë, Descartes, Freud

klik om een oordeel te geven!


Gaat achter dromen een diepere betekenis schuil? Integendeel: ze geven inkijk in een gemankeerd bewustzijn.

De mens brengt gemiddeld zesendertig procent van zijn leven slapend door; zeg dertig jaar op een mensenleven. Dat zijn dertig welbestede jaren, zo suggereert hedendaags onderzoek: in je slaap vinden allerlei nuttige fysiologische processen plaats. Maar behalve nuttig, is slaap ook filosofisch interessant: ons droomlandschap geeft een zeldzame inkijk in de aard van het bewustzijn.

Het bedrog van Descartes

Hoe surrealistisch onze dromen ook mogen zijn, wij ervaren ze als verraderlijk ‘echt’. Lucide dromen, waarbij de dromer beseft dat hij droomt, zijn uitzonderlijk; wie droomt, is zich daar al dromend doorgaans niet van bewust. Voor René Descartes gaf dat reden tot diepe twijfel: hoe kon hij eigenlijk zeker weten dat hij nu, op dit moment, niet aan het dromen was? In de Meditaties peinst hij:

‘Hoe vaak overtuigt de nachtelijke rust me niet van die heel gewone situaties, zoals dat ik hier ben, mijn jas aan heb, bij het haardvuur zit, terwijl ik in feite ontkleed onder de dekens lig. Nu bekijk ik dit papier met mijn ogen, die klaarwakker zijn; ik beweeg mijn hoofd, dat niet slaapt; willens en wetens strek ik mijn hand uit en voel ik dat; bij iemand die slaapt zou dit niet zo duidelijk onderscheiden overkomen. Maar dan herinner ik mijzelf eraan dat ik in mijn slaap veelvuldig door vergelijkbare voorstellingen bedrogen ben. Als ik dat nu oplettender overdenk, zie ik duidelijk dat ik nooit zekere aanwijzingen heb om de waaktoestand van de slaap te onderscheiden. Hiervan raak ik in een verbazing die me bijna doet geloven dat ik nu slaap.’
 

Descartes’ droomargument is beroemd, maar zijn conclusie zonder meer overtrokken. Terwijl u dit leest, twijfelt u er geen moment aan of u wel echt wakker bent: u merkt immers heel duidelijk dat de manier waarop u de werkelijkheid ervaart, verschilt van een droomervaring. Terecht benadrukt Descartes dat dromen ons bedrieglijk ‘echt’ toeschijnen, maar het tegendeel gaat niet op: wij ervaren de echte wereld haast nooit als een droomlandschap.

Anders gezegd: er bestaat een asymmetrie tussen de bedrieglijkheid van droom en werkelijkheid. Wie droomt, is zich daar al dromend zelden van bewust, maar wie wakker is beseft dat doorgaans meteen. Hoe is dat verschil te verklaren?

Zintuiglijke ervaring

Bevolkingsonderzoek in de jaren veertig en vijftig toonde aan dat de meeste Amerikanen hun dromen als zwart-wit ervaren. Opmerkelijk, want onderzoek in de decennia daarvoor en daarna suggereerde juist dat Amerikanen hun dromen in kleur zien. De jaren veertig en vijftig waren tevens de decennia dat veel huishoudens een zwartwit-televisie aanschaften; halverwege de jaren zestig kwamen daar kleurentelevisies voor in de plaats.

Ons droomgeheugen is notoir onbetrouwbaar. Wij zijn geneigd om dromen te beschrijven als lopende verhalen met ingekleurde plaatjes, maar het is goed mogelijk dat zij eigenlijk een meer fragmentarisch en non-descript karakter hebben. Vraag jezelf af: zie je werkelijk plaatjes tijdens je dromen, of weet je dat je die ziet? Wanneer een persoon in je droom tegen je praat, hoor je dan een stem, of weet je dat je die hoort?

In wakkere toestand heeft onze ervaring een sterk zintuiglijk karakter. Dat lijkt ook Descartes zich te realiseren, wanneer hij benadrukt dat hij zijn ogen gebruikt om een papier te bekijken, en dat hij voelt hoe hij zijn handen uitstrekt: die gewaarwordingen doen hem terecht vermoeden dat hij wel degelijk wakker is. Zulke zintuiglijkheid ontbreekt in het droombewustzijn: tijdens de slaap ben je in wezen afgesneden van buitenwereld. Als je al kunt ‘zien’, ‘horen’, of ‘voelen’ in je dromen, dan zijn dat hooguit echo’s uit het geheugen: de actieve waarneming ontbreekt. En precies die afwezigheid is wat onze dromen zo’n ongewoon karakter geeft.

Geïsoleerd of gesitueerd?

De details van droomtaferelen zijn typisch instabiel. Het ene moment zit je met vroegere klasgenoten in de auto, het volgende moment zijn je medepassagiers je ouders. Je leest een boodschap die op een bordje staat, maar wanneer je het bordje opnieuw bekijkt, luidt de boodschap heel anders. In de realiteit gebeurt zoiets niet: de details zijn in de omgeving verankerd. Als je met je ouders in de auto zit, dan blijven dat je ouders: een blik naar links of rechts volstaat om dat te bevestigen.

Waarom is ons droombewustzijn zo slecht in het vastleggen van details? Een interessante hypothese komt van de filosoof Alva Noë. Volgens Noë ontstaat onze bewuste ervaring niet alleen door de activiteit van het brein, maar ook door onze zintuiglijke omgang met de omgeving. In ons alledaagse handelen hoeven we omgevingsdetails niet in het brein te representeren; het volstaat om die details via de zintuigen op te roepen. Maar gedurende de slaap ontbreekt het ons aan zintuiglijke waarneming: het bewustzijn is als het ware van zijn zintuiglijkheid ontkoppeld. Vreemde associaties, vage contouren en onbestendige details zijn het gevolg.

We kunnen onze droomervaringen aldus beschouwen als model van een ‘geïsoleerd bewustzijn’: wat blijft er over van onze bewuste ervaring, als het brein geen zintuiglijke input ontvangt? Toegegeven, dat model is niet perfect. Sommige hersengebieden vertonen tijdens de slaap minder activiteit dan in wakkere toestand, terwijl andere delen van het brein juist actiever zijn. Zo is de amygdala, die wordt geassocieerd met emoties en angstgevoelens, in de slaap bijzonder bedrijvig: een vinding die mooi strookt met de veelvuldigheid van angstdromen.

Maar perfect of niet, de vreemde logica van dromen suggereert duidelijk dat zo’n geïsoleerd bewustzijn sterk gehavend is. Vergelijk het met een schaatser die zijn noren heeft ondergebonden: hij kan de meest wilde slagen uitproberen, maar zolang hij niet op het ijs staat, komt hij niet vooruit. Evenzogoed geldt dat ons bewustzijn, om naar behoren te functioneren, in een stimulusrijke omgeving moet zijn ingebed. Zonder die omgeving genereert het slechts losse flarden – vreemde slagen in de rondte.

Droomduiding
 
Hebben dromen een diepere betekenis? Klassieke psychoanalytici, zoals Freud en Jung, meenden van wel: in onze dromen openbaart zich een waarheid die zich aan het alledaagse bewustzijn onttrekt. Ruim een eeuw na Freuds Die Traumdeutung stuiten we op een conclusie die daar recht tegenover staat. Het droomlandschap toont ons niet de diepere lagen van het onderbewuste, maar de contouren van een gemankeerd bewustzijn.
 

Reacties

Ik vind mezelf leuk
veel knorretjes van Lara

LaartjeLovebiggetje op 17-11-2016 om 16:46

Hoi ik vind mezelf grappig, net zoals dit document. Lara uit. Knor

Larasurfgirl op 17-11-2016 om 16:46

hehoi

maaike op 17-11-2016 om 16:46

SWAG

esmeeee op 17-11-2016 om 16:46

hehoi, ik ben het helemaal eens met dit artikel. YOLO

Juttezak op 11-11-2016 om 16:46

Hoe de zogenaamde onmacht van dromen om een kopie van de werkelijkheid te reproduceren daarom hoeft in te houden dat er geen diepere betekenis in hen schuilt, lijkt me een ietwat eigenaardige gevolgtrekking.
Is betekenis dan iets wat zich enkel in perfect ornaat kan aandienen? Ik denk het niet.

Liefde bijvoorbeeld is zo gebrekkig, zo instabiel en een hels karwei om staande te houden. Het lijkt zo ongelofelijk futiel, zoals bijna elke onderneming in dit korte bestaan. Bloed, zweet en tranen. Vaak moet je je hart aan stukken gereten terug bij elkaar lappen om weer verder te kunnen gaan. Maar is dat net niet hetgeen de ultieme betekenis verschaft aan ons bestaan? Die vluchtige ontmoetingen? Passanten die je de volheid van het bestaan lieten ervaren, al was het maar eventjes?

Ons bewustzijn mag dan misschien eenmaal het ontkoppelt is van een zintuiglijk waarneembare werkelijkheid niet bij machte zijn om een stabiel en consistent beeld te construeren, maar waar het tekortschiet compenseert het ruim in wat er eigenlijk toe doet, ons geestelijk leven beroeren en verschaffen van avonturen die ons in staat stellen onszelf te ontdekken.

Pieter-Jan op 02-10-2013 om 16:46

Ik droom overwegend met bewustzijn. Ik kan mijn dromen daarom vaak vanuit bewustzijn aansturen. Een droom is in beelden terugkijken naar eerdere ervaringen en lopen van daar uit nogal eens door naar een ervaring in de toekomst. Dromen is een spirituele ervaring. Het is gevoel omdat we in een droom niet in een denkwereld maar in een gevoelswereld zitten. Omdat we dromen niet denken is het ook moeilijk om dromen terug te herinneren want we kunnen ons normaal gesproken alleen maar herinneren wat we bewust (na)gedacht hebben ervaren.

Alex op 30-09-2013 om 16:46

Interessant artikel. Maar het feit dat dromen het product zijn van een gemankeerd bewustzijn betekent toch niet dat er geen diepere betekenis in gevonden kan worden? De afsluiting van zintuiglijke prikkels zorgt er weliswaar voor dat de hersenactiviteit ontkoppeld is van de buitenwereld, maar niet ontkoppeld van ons zelf. Als dromen bestaan uit emoties en angsten die hun weg naar (droom)ervaring vinden middels vage echo's uit het zintuiglijk geheugen, dan lijkt mij evident dat juist deze emoties en angsten de diepere 'betekenis' vormen van onze dromen. Het kan lastig zijn deze te ontcijferen uit de wirwar van zintuiglijke echo's, maar als het lukt, kan dat enorm veel zelfinzicht opleveren.

Ellen op 30-09-2013 om 16:46

Ben er van overtuigd dat de dromen voorbode zijn aan bepaalde gebeurtenis en/of die al geweest is en in ins onbewust zijn blijven hangen.

Milica op 30-09-2013 om 16:46