Scepticus


klik om een oordeel te geven!
Economische modellen vooronderstellen vaak dat de mens rationeel handelt. Die vooronderstelling is problematisch, maar niet omdat wij irrationele wezens zijn. Het probleem zit hem in de eenzijdige opvatting van rationaliteit.     

Ultimatumspel
De professor was er speciaal voor naar de bank gegaan. Een jute zak gevuld met munten van 20 eurocent, die in pakketjes van tien rondgingen over de collegebanken. Maar niet alle studenten kregen een pakketje: alleen wie aan de linkerkant van de tafel zat ontving de munten, zijn rechterbuurman bleef met lege handen. Na vijf rumoerige minuten stak de professor van wal.
“Vandaag spelen we het ultimatumspel. De helft van jullie heeft 2 euro gekregen, jullie buurman niets. Wie geld heeft gekregen, doet zijn buurman een eenmalig voorstel, om hem of haar een deel van de winst toe te bedelen. Als de buurman met de verdeling akkoord gaat, mogen jullie het geld beiden houden. Gaat de buurman niet akkoord, dan leveren jullie het geld weer bij mij in.”

Op de bonnefooi was ik bij het introductiecollege economie binnengeglipt, en het begon meteen al goed. Een armlastige student leent zich graag als proefkonijn voor de wetenschap. De muntjes van 20 cent stevig in de handen geklemd keek ik naar mijn buurvrouw op rechts. Ik kende haar niet, maar gunde haar het beste, en dat gold vast wederzijds. Zou ik het bedrag met haar delen? Dat leek me een zwaktebod: mijn uitgangspositie was veel beter dan die van haar, dus hoefde ik niet zomaar de helft van mijn fortuin op te geven. Ook al gaf ik haar maar één muntje, dan nog zou het voor haar rationeel zijn om mijn voorstel te accepteren: in beginsel kreeg zij immers helemaal niets. Maar een al te zuinig voorstel kon problemen opleveren: als zij het ultimatum afwees omdat ik haar onrechtvaardig behandelde, stonden we straks allebei met lege handen.

Na enig wikken en weken kwam ik tot mijn meesterzet: ik hield zelf de volle pond, en gaf mijn buurvrouw niets. Voor mij een optimaal resultaat en als gezegd, zij had vast het beste met me voor. Voor haar, zo redeneerde ik, veranderde dit het ultimatumspel in een zuivere gunfactor: haar enige overweging zou zijn of ze een medestudent 2 euro gunde, of dat ze dat geld liever zag verdwijnen. Zo hoopte ik een rancuneuze afwijzing te voorkomen: er was geen sprake van een onrechtvaardige verdeling, want er was helemaal geen verdeling. Geen schuld, dus ook geen boete.

De studenten deden hun voorstel en de professor begon te turven. Ruim de helft had hun buurman 80 cent tot 1 euro gegeven, een enkeling zelfs meer. Dan kwamen de calculerende economen, die hun buurman 60, 40 of 20 cent gaven; de laagste voorstellen werden doorgaans geweigerd.
“Hebben we iedereen gehad?” vroeg de professor, die alweer begonnen was een deel van het geld in te zamelen. “Iemand minder dan 20 cent geboden?” Aarzelend stak ik mijn vinger op; alle overige andere handen bleven omlaag. Ik bleek de enige die deze meesterzet had uitgedacht. 
De professor liep in de richting van onze collegebank. “Accepteer je zijn voorstel?”
Met een ijzige blik staarde mijn buurvrouw mij aan, vervolgens wendde zij zich tot de professor en begon met groeiende overtuiging haar hoofd te schudden. Het volgende moment was de 2 euro weer verdwenen in de jute zak.

Rationaliteit
April staat als Maand van de Filosofie in teken van de economie, en daarover valt genoeg te filosoferen. Neem het begrip rationaliteit. Een aanname die terugkomt in veel economische modellen is dat de mens rationeel handelt: in geldzaken sturen wij aan op optimale uitkomsten. Mijn strategie in het ultimatumspel is daarvan een voorbeeld: het aanbod dat ik mijn buurvrouw deed was een ‘Nash evenwicht’ en liet bovendien geen ruimte voor ‘Pareto verbeteringen’. Dat betekent grofweg dat niemand er baat bij zou hebben als zij het aanbod van de hand deed, ook mijn buurvrouw zelf niet. Ik handelde als echte Homo economicus – veel meer dan de spelers die hun buren zomaar een euro gaven. En toch gingen die spelers na het college met winst naar huis, terwijl ik met lege zakken achterbleef.  

Die uitkomst moet ons aan het denken zetten. Waren de vrijgevige studenten irrationeel? Niet in instrumentele zin: ze behaalden immers meer winst dan hun berekenende medestudent. Bovendien vermoed ik dat vrijwel elke speler goede redenen had voor zijn aanbod: misschien handelde de één met het oogmerk van rechtvaardigheid, of beleefde een ander plezier aan een gulle gift. Die motieven verschillen weliswaar van mijn rationele calculus, maar dat maakt ze nog niet irrationeel. In plaats van ‘onredelijk’ zijn ze ‘redelijk op een andere manier’: ze berusten op de verschillende afwegingen die een rol spelen bij het maken van economische keuzes.

De economie is een complexe wetenschap, en dat komt onder meer omdat er geen eenduidig criterium bestaat van economische rationaliteit. Tal van overwegingen spelen een rol in ons economische gedrag, die lang niet altijd tot dezelfde keuzes leiden. Bovendien is het betwistbaar welke keuzes we zouden moeten prefereren: onmiddellijke behoeftebevrediging of duurzame vergezichten, maximalisatie van ons eigen welzijn of inzet voor het grotere geheel. Een archetypische Homo economicus, doorgaans afgeschilderd als winstbeluste egoïst, doet aan die diversiteit geen recht. In plaats van ‘de Homo economicus’ kunnen wij beter spreken over ‘Homines economici’: de hedonist en de calvinist, de utilist en de moralist. Of nog liever over ‘Animalia economici’, want economische afwegingen zijn geenszins beperkt tot de menselijke soort.

Apenmoraal
De primatoloog Frans de Waal, met wie een interview verschijnt in het meinummer van Filosofie Magazine, beschrijft een mooi experiment in zijn boek De Bonobo en de Tien Geboden. Als een kapucijneraap zijn verzorger een steentje aanreikt, wordt hij beloond met een stukje komkommer, dat hij gewillig in zijn mond steekt. Maar zodra de aap ziet dat zijn buurman wordt beloond met een druif, hoeft hij de komkommer niet meer: die ongelijke beloning druist in tegen zijn ‘rechtvaardigheidsgevoel’. 



“Voedsel waar niets mis mee is weigeren omdat een ander beter af is lijkt op wat mensen doen tijdens het ultimatumspel,” schrijf de Waal. “Economen noemen die reactie ‘irrationeel’, omdat iets immers altijd beter is dan niets. Ze zeggen dat een aap geen voedsel zou moeten weigeren dat hij anders wél zou hebben gegeten en dat geen mens een aanbod, hoe bescheiden ook, moet afwijzen.” Maar dat economen gedrag dat niet gericht is op onmiddellijk winstbejag bestempelen als ‘irrationeel’, werkt misleidend: dat stempel gaat voorbij aan de morele motieven die een rol spelen in menselijk, en tot op zekere hoogte ook dierlijk gedrag.

Wie de tactiek in het spel van de economie wil doorgronden, doet er goed aan niet elke handeling te begrijpen als beredeneerd egoïsme. De ware strategicus beperkt zich niet tot Pareto en Nash, maar overweegt ook eens een goedgeplaatste glimlach naar zijn buurvrouw. 

Jeroen Hopster

Probeer nu 3 nummers Filosofie Magazine en ontvang gratis het essay van de Maand van de Filosofie, Schuldgevoel.

Reacties

Het is het verschil tussen onmiddelijke bevrediging( ik heb veel winst) en de lange termijn (ik heb minder economische winst maar meer sociale winst). Economen lijken dit emotionele facet maar niet willen te begrijpen.

Juzerneem op 13-04-2013 om 07:47

Maar een hele grote meerderheid in de collegebanken heeft toch rationeel gehandeld? Afgaand op dit experiment handelen we overwegend rationeel. Of mag je dat zo niet zeggen?

Mildo op 05-04-2013 om 07:47