Log in




Wachtwoord vergeten
Log in | Word lid | Service

Filosofie.nl

Filosofie Abonnement
07-03-2019

Weekendlijstje: de 4 meest invloedrijke islamitische filosofen

Met deze knop kunt u, als u lid bent, artikelen toevoegen aan een leeslijst op uw persoonlijke pagina. Klik hier voor uw abonnement op maat.

Femke Heijmans

In de westerse filosofie wordt de invloed van islamitische filosofen nog wel eens over het hoofd gezien. Daarom staan in dit weekendlijstje de vier meest invloedrijke denkers uit de islamitische wereld op een rij. 
 
1. Al-Farabi (ca.870-950)
In de Arabische wereld kreeg de islamitische filosoof en geleerde Al-Farabi de titel ‘tweede meester’, na de ‘eerste meester’ Aristoteles. Over zijn afkomst bestaat discussie: sommigen beweren dat hij Turks is, anderen Perzisch. Vaststaat dat Al-Farabi’s ideeën revolutionair zijn binnen de islamitische scholastiek. Al-Farabi is geïnspireerd door de werken van Aristoteles en Plato. Met behulp van dit gedachtegoed introduceert hij de rede en de logica in de islamitische cultuur. Filosofische kennis staat volgens Al-Farabi boven de religieuze openbaring, omdat filosofie zich bezighoudt met verifieerbare waarheden. Hij erkent wel dat alles in de wereld afkomstig is van God, zo ook de menselijke kennis. God is de oorsprong, de menselijke rede het middel. Het doel is om rationele verklaringen te geven voor religieuze begrippen zoals de hemel en God. Religieuze teksten vindt hij incompleet als kennisbron, maar wel noodzakelijk voor de ongeschoolde massa om filosofische kwesties onder de aandacht te brengen. Al-Farabi kan door zijn gedachtegoed wel gezien worden als een islamitisch humanist, ook al bestond de term ‘humanisme’ in zijn tijd nog niet. Later zag de islamitische wereld het humanisme vaak als iets dat is opgelegd door het Westen om islamitische massa te onderwerpen, maar Al Farabi’s gedachtegoed laat zien dat het religieuze humanisme al bestond voor het seculiere humanisme uit het Westen. 
 
2. Avicenna (ca.980-1037)
Ibn Sina is geboren in het Perzische Rijk. In het Latijnse Westen werd hij later bekend als Avicenna. Deze islamitische filosoof kende - volgens overleveringen - op ongeveer tienjarige leeftijd al de volledige Koran uit zijn hoofd. Maar hij had meer moeite met de Metafysica van Aristoteles. In zijn eigen biografie schrijft hij dat dit boek ongeveer veertig keer gelezen heeft, zonder dat hij de inhoud volledig snapte. Hij begreep het pas nadat hij het commentaar van Al-Farabi las. Avicenna is door zijn vertalingen van groot belang voor de westerse filosofie. Zo heeft hij ervoor gezorgd dat belangrijke werken uit de Oudheid van Aristoteles, Galenus en Euclides bewaard zijn gebleven. De middeleeuwse filosoof Thomas van Aquino is beïnvloed door Avicenna, die God incorporeerde in de filosofie van Aristoteles. Volgens Aristoteles zijn er twee soorten zijnden: die waarvan de essentie zowel vorm als materie omvat, en zijnden waarvan de essentie slechts vorm omvat. Aangezien God hier niet in past, is dit voor Avicenna problematisch. Daarom voegt hij een derde vorm van zijn toe: zijnden waarvan bestaan en natuur samenvallen. Dit is God. Naast filosoof was Avicenna was ook medicus, geoloog, paleontoloog, natuurkundige, psycholoog, wiskundige, wetenschapper en alchemist. Zo schreef hij als een van de eersten over soa’s, het belang van quarantaine, de symptomen van suikerziekte en het hart als centrale pomp in het lichaam.  
 
3. Al-Ghazālī (1058-1111)
Al-Ghazālī is ook een Perzisch filosoof, maar in zijn gedachtegoed gaat hij een andere kant op dan de islamitische filosofen die hiervoor genoemd zijn. Zijn boek De verwarring der filosofen wordt wel gezien als een keerpunt in de islamitische filosofie. Hierin schrijft hij dat de causaliteit (de wet van oorzaak en gevolg) slechts schijn is. Alles wat gebeurt, gebeurt alleen omdat God het wil. Als wij zien dat katoen brandt wanneer het in contact komt met vuur, lijkt het op een natuurwet, maar dit is slechts een illusie. Al-Ghazālī beschrijft het als ‘een direct resultaat van goddelijke interventie, net als andere opmerkelijke wonderen’. Het intellect moet volgens hem alleen gebruikt worden om de goddelijke wetten, de sharia, uit de Koran af te leiden. Dit betekent overigens niet dat wetenschap en logica helemaal moeten verdwijnen. Al-Ghazālī schrijft dat we eerst de Koran moeten lezen en daarna pas Griekse filosofen zoals Plato en Aristoteles. Slechts wanneer de dingen die zij schrijven overeenkomen met wat in de Koran staat, mogen we het aannemen. Op die manier probeert Al-Ghazali tot diepere kennis te komen. Mensen die direct van de ideeën van Griekse filosofen uitgaan, schildert hij af als verdervers van het islamitische geloof.  
 
4. Averroës (1126-1198)
Net als Avicenna probeert de islamitische filosoof Averroës de ideeën van Aristoteles in overeenstemming te brengen met de islam. Hij geeft hierbij vooral kritiek op Al-Ghazālī, die filosofie verwerpt zodra het tegen de Koran ingaat. Zo stelt Averroës dat we de Koran symbolisch moeten lezen wanneer dit boek niet overeenstemt met filosofie. De Koran kan volgens hem namelijk geen fouten bevatten en er is ook geen ‘leer van dubbele waarheid'. Waar Al-Ghazālī  het bestaan van natuurwetten volledig ontkent, zegt Averroës dat natuurwetten een creatie van God zijn. Op deze manier kunnen mensen eerder tot de uitspraak komen dat vuur een brand veroorzaakt, omdat de creatie een onderscheidbaar patroon heeft. Averroës heeft, net als Avicenna, een groot deel van Aristoteles’ werk vertaald en er zo voor gezorgd dat deze filosoof in het Westen bekendheid heeft gekregen.

Welkom op filosofie.nl!

Speciaal voor nieuwe bezoekers selecteerden wij negen inspirerende artikelen. Lees waarom onderzoek naar geluk niet deugt, zes soorten vervreemding op de werkvloer, hoe Socrates de opkomst van Trump al voorspelde, en meer...

Lees meer
Ik lees graag later

Als u hier uw e-mailadres achterlaat, dan sturen wij het kennismakingsdossier naar u toe. U kunt het dan op ieder gewenst moment lezen.